Nieuwsbrief Nr. 89 - september 2015

Heraldische rouwgebruiken bij de begrafenis van Maria Gabriela de LalaingStefan Crick


Sedert jaren onderzoeken wij  de memorieborden, obiits en ertoe behorend de rouwgebruiken bij de adel. Dit zowel in Vlaanderen al daarbuiten. Dankzij goede contacten in het buitenland, het Verenigd Konikrijk, Nederland, Duitsland, Zweden en de Baltische staten, trachten  wij een overzicht  te krijgen van dit funerair heraldisch gebruik ervan.
Recentelijk ontvingen wij een aanwijzing waarbij het bestaan van een artikel dat gepubliceerd werd naar aanleiding van het overlijden van de oude Rijngravin Maria Gabriela de Lalaing;

Zij werd geboren in Maastricht op 14 december 1643 uit het echtpaar Albert François de Lalaing (1610-1643) en Isabelle Madeleine de Ligne (1623-1678). Charles Florentin de Salm (1638-1676) was haar adellijke gemaal.
Wanneer Maria Gabriela haar testament op 8 juli 1708 dicteerde, was zij sedert meer dan een jaar ziek. Dit kan opgemaakt worden aan de hand van de apothekersrekening van Janssens van Mechelen, gedateerd op 1 juni 1707. Medische behandeling kreeg zij van dr. Verhoyck in  Mechelen, die haar minstens 23 bezoeken bracht.  Vanaf november 1707 verbleef zij in Antwerpen, waar zij bij dr. Vrijlinckx in behandeling was. Na haar overlijden in 1709 presenteerde hij een rekening van 358 gulden voor 3 consultaties, 65 bezoeken van de heelmeester, mr. Jan Gobbel.
Na meermaals heelkundige ingrepen ondergaan te hebben, overlijdt de gravin na de sacramenten te hebben ontvangen te Antwerpen op vrijdag 8 februari 1709 om 8.30 ‘s avonds.

 
Dat voor haar uitvaart en al wat hetgeen er verbonden met was, enorme bedragen gemoeid waren, blijkt uit de diverse grote uitgaveposten. Blijkbaar werd er geen moeite noch geld gespaard om haar met een solemnele begrafenis te vereren.
 
Haar testamentuitvoerder J.- B. Verhaegen liet de zegels leggen op het sterfhuis. Twee dagen later werd een koffertje geopend waarin de testamenten van 2 december 1700 en 15 juni 1705 opgeborgen lagen
 
Haar stoffelijk overschot werd neergelegd in een loden kist van 372 pond, waaraan Andreas Melijn 12 pond soldeersel verbruikte en waarvoor hij 80 gulden rekende.
David Melis leverde de houten kist voor 25 gulden.
Voor het sterfhuis werden bij Gerard Feyens 8 flambeeuwen besteld en Antus van den Bosch diende meer dan 20 ellen zwart fluweel te leveren om over de doodskist te hangen
De adellijke dame wil uitdrukkelijk begraven worden in Hoogstraten. Het uitvaartrecht van haar Antwerpse parochiekerk, Sint-Jacob diende afgekocht: voor pastoor Chanon, 26 gulden; de kerkmeester, Balthazer van Haften, 1 gulden. en 12 stuivers voor de kerkbaljuw.
Het heraldisch uiterlijk vertoon was een belangrijk onderdeel van de totaal factuur:  de weduwe Noël werd opgedragen twee grote borden met omlijsting te schilderen, waarop het wapen van de overleden Rijngravin werd afgebeeld. Zoals toen gebruikelijk werd er één rouwbord geplaatst boven de inrijpoort van het sterfhuis, op een groot rouwlaken dat met 5000 vergulde nagels, geleverd door Jaak Slaets.  Dit obiit bleef er geruime tijd hangen zoals gebruikelijk. Het tweede grote rouwbord werd  na haar uitvaart in de Hoogstratense Sint- Catharinakerk gehangen. Ook de vier met goud belegde blazoenen ven een el hoog, de  honderdeneen( 101! ) wapenborden met dragers waren wellicht voor de kerk voorzien. De weduwe Noël factureerde:  552 gulden…


 
Op de toegangsdeur tot de bidkapel in de Sint-Catharinakerk, bevindt zich een lijkkistplaat in messing van Gabriela de Lalaing  vervaardigd door  Peter Dievel. 

Lijkkistplaat in messing van Maria Gabriela de Lalaing. Op voorzijde staat het wapen de Lalaing; op de keerzijde staat volgende tekst: 
"Cejourd’huy 30 d’avril 1709 furent jcy dans l”Eglise Collegiale de Hoochstraten enterrées
par le trespas de feueHaute Excellente et puissante Dame Madam Marie Gabriele de lalaing Cometesse de Hoochstraten et de Rennebourg Baronne de Leuze Pecq Eine  et Hurne Douariere Rhingrave Comtesse de Salm est decedée le 8 fevrier 1709 les presentes armes de Feu Haute Excellent et puissant Seigneur Messire Francois Paul de Lalaing Comte d Hoochstraten chef de nom et armes sons frere unique qui mourut en l’an 1691 et de leur Oncle Messier Pierre Jacques Procope de Lalaing Comt de Rennebourg decedé l’an 1698 derniers hoirs Masles en ligne droite et legitime de la tres Illustre det antcienne Maison de Lalaing"
 
PRIEZ DIEU POUR LEURS AMES
 
Het is een ovaalvormige plaat  van 53 x 41 cm. Op de recto werd het familiewapen van de familie de Lalaing gegraveerd.
Op de verso de gegraveerde tekst, in het Frans. Niet alleen een herinnering aan gravin Maria Gabriela de Laling (1709) zélf, maar tevens aan haar broer  een herinnering aan de gravin Marie Gabriëlla de Lalaing (1709), graaf François Paul de Lalaing (+1691) en haar oom graaf Pierre Jacques Procope de Lalaing (+1698). Deze herdenkingsplaat is afkomstig uit de grafkelder van de Lalaing. In 1885 hing deze plaat nog aan de lijkkist en in 1954 lag deze er bovenop. Deze plaat symboliseert de laatste afstammeling van deze adellijke familie.
In diezelfde bidgrafkapel bevinden zich nog enkele merkwaardige lijkkistplaten.
In een tafelvitrine treffen wij vier ruitvormige (27cm x 27 cm) tinnen wapenschilden aan. Deze worden toegeschreven aan vorstin Dorothea van Salm, die overleed in 1751. Andere heraldische lijkkistplaten, ruitvormig 31 cm x 31 cm, behoren aan de  vorst Niklaas Leopold van Salm-Salm (+1770). Hierop wordt het opschrift “Obiit den Febrv 1770” vermeld.



Een koperen ruitvormige (31 cm x 25 cm) lijkkistplaat, zonder heraldische voorstelling, maar met een Latijns opschrift, wordt toegeschreven aan de vorst Maximiliaan Frederik van Salm-Salm, die in 1773 overleed.
Van prinses Anna Christina Oswaldina van Salm-Salm, die overleed in 1775, treffen wij een koperen, rechthoekige (19,50 cm x 23 cm) funeraire plaat aan, met een Frans opschrift, maar zonder wapen.
Zoals gezegd zijn al deze herdenkingsrelicten zijn afkomstig van de vergane lijkkisten uit de grafkelder van de familie Salm-Salm.
Het gebruik om de lijkkist te versieren met gearmorieerde platen in metaal is bij ons weten nergens gedocumenteerd, maar het zou ons niet verbazen dat dit wel meer gebeurde. Alle informatie daaromtrent is dus meer dan welkom.
Wat de rouwborden betreft, treffen we in de literatuur diverse obiits van de leden van de familie de Lalaing en Salm-Salm aan. Echter als deze rouwborden zijn verdwenen.



Slechts één rouwbord hangt in de Hoogstratense parochiekerk.
Deze prachtige kerk met vele kunstschatten en funerair erfgoed is zeker een bezoek waard.
 


Stefan Crick
Jacques baron le Roy Genootschap vzw
September 2015
 


De oorspronkelijke tekst werd bewerkt een verscheen reeds in 2013 in Heraldicum Disputationes  nr. 3 – 2013.
Bronnen :
Elisabeth van Culemburg, losse studiën bij de 400ste Verjaring van haar overlijden, I, Drukkerij Paul Braeckmans, 1856.
J. Lauwerys, De Hertogen van Hoogstraten, L. Braeckmans, Brecht, 1934.
De Graven van Hoogstraten I (1518-1702) Drukkerij Haseldonckx, Hoogstraten, 1965.
Hoogstraten Oudheidkundige Kring, jaarboek n° 34, 1966.
Roeland De Ceulaer, Inventaris van het Kunstpatrimonium van de Provincie Antwerpen. De Sint-Catharinakerk te Hoogstraten, deel2, Snoeck-Ducaju & Zoon nv., Gent, 1988.