Nieuwsbrief Nr. 77 - september 2013

Lokeren, storm en regen kon ons niet dereneen natte bedoeling met droge nabespreking.


Op weg naar Lokeren met de wagen. Telefoon van An Hernalsteen, onze ondervoorzitster “Ik geraak niet buiten, het giet hier!”. (Later beseften we waarom). Ongeloof in de wagen want hier was er geen vuiltje aan de lucht. Enkele kilometers verder werd het donker voor de ogen en stroomde het water bij beken uit de lucht. Op de Lokerse markt een koffie gedronken. Telefoon van Jacqueline Timmerman “sta aan het station, kan er iemand me oppikken.” Dit gedaan en aan de begraafplaats aangekomen bleek bijna iedereen paraat. Gids Anne-Mie Havermans besloot dan maar om haar inleiding te doen, droog aan de nieuwe ingang van de begraafplaats.
Rond de Sint-Laurentiuskerk lag vroeger het kerkhof. Het was niet enkel een oord om mensen te begraven want de plaats werd ook gebruikt als schapenweide en men had ook de opbrengsten van notenbomen. Ook na het fameuze decreet van Jozef II, 1784, en na de verordening van Napoleon, 1804, bleef men hier begraven rond de kerk. In 1926 werd overgegaan tot aankoop van grond voor een stedelijke begraafplaats. Onze gids wist ook te vertellen dat in 1893 de namen van alle graven zorgvuldig genoteerd werden wat een interessant gegeven is voor de historiek van deze dodenakker. Nadien ging ze nog dieper in op de relatie steenhouwer/beeldhouwer wat zeker onze Jef Van Leeuw kon bekoren want dit paste, zelf beeldhouwer zijnde, in zijn straatje. 


De regen had het nog niet opgegeven maar toch werd besloten, zerkjes zijn van geen kleintje vervaard, om de rondgang te beginnen. Gestart werd bij het kinderperk met een, weinig originele, tekst van Bram Vermeulen en een al even minder geslaagde kopie van de paddenstoeltjes op Rudy zijn Westerbegraafplaats. Burgemeester Thuysbaert lag onder een monument van de Nederlandse beeldhouwer Koos Van der Kaay. 
Naaister Godelieve Herbosch bezat een gouden hand zoals op het monument staat. Tegen de muur een aantal oude grafmonumenten. Een aantal daarvan zijn van de hand van steenkapper Lampo, voorouder van de bekende schrijver, zo ook dit van kapitein Blanquaert, met veel symboliek. Burgemeester Thuysbaert kreeg een modern werk van beeldhouwer Van Parijs. 
Van Driessche kreeg een monument in blauwe hardsteen. Anne-Mie wist hier te vertellen dat, typisch voor de begraafplaats van Lokeren, vaak alle familieleden op de graven vermeldt staan, maar die hier dan soms niet liggen wat dikwijls voor verwarring zorgt. Bouwmeester Van den Broecke kreeg een monument met de attributen van zijn beroep. Van Caesbroeck had een heuse calvarie bovenop zijn grafmonument. 
Intussen was de regen gestopt en trok de groep naar het grote grafmonument voor de familie Mistler, handelaren in verven. Ondernemer Baeck kreeg een origineel grafmonument. Wat verder architect Theodoor Welvaert.
Clothilde De Spiegeleire was directrice van een staatsschool en werd gepast herdacht. Hier merkte Anne-Mie op dat vrouwen enkel van tel waren in het openbare leven als ze onderwijzeres of actrice waren. Maria Henderickx overleed vlak nadat ze haar plechtige communie deed. Een afgeknotte zuil, symbool van het plots afgebroken leven, op het graf. De marmeren plaat op het graf Lamoral versuikerde maar gelukkig werd het medaillon van de hand van Geo Verbanck in bewaring gegeven. Blancquaert kreeg een marmeren monument uit één stuk. 
In het prachtige grafmonument voor de familie Maes werd recent nog iemand bijgezet. Bij Karel Vermeere staat alles in het teken van de muziek. Werk van de internationaal bekende beeldhouwer George Minne is hier te bewonderen op het graf van Gaston De Vuyst, stichter van een veilinghuis. 
Henri De Vreese was naast schepen ook stichter van de stedelijke kerkhoven. Theodoor Clément was voorvader van Charles Clément, de steenkapper die met veel werk op deze begraafplaats vertegenwoordigd is. Robert Van den Broeck was directeur van de muziekacademie.
Na afloop ging het merendeel van de zerkjes nog eten. Interessant want er werden nog een aantal dingen besproken waar toch eens gepolst diende te worden naar de visie van een aantal van de leden. Heel vruchtbaar. 
Jacques Buermans


Foto’s: Leen Otte en Rina Reniers