Nieuwsbrief Nr. 76 - juli 2013

FredegandusVoor velen een openbaring


Zeventien Grafzerkjes tekenden present om Fredegandus te bezoeken. Verrassing alom want waar de “habitues” Ludo Peeters voorzitter van Turninum, de heemkundige kring van Deurne verwachtten  nam Marc Vos de taak van gids op zich. Ludo was ziek en ook zijn eerste vervanger meldde zich af. Schrik van de Grafzerkjes? Marc Vos kweet zich meer dan voortreffelijk van zijn taak; “zerkjes” rondleiden is nu toch eenmaal iets moeilijker dan een gewone groep gidsen. Als hij al een gebrek aan gidservaring had, maakte hij dit ruimschoots goed door zijn gigantische kennis van “zijn” dodenakker. Hij speelde regelmatig in op de afgevuurde vragen en wist zijn gehoor te boeien door zijn kennis.
Marc startte aan de kerk waar een afbeelding van Fredegandus, stichter van de parochie sinds 700 afgebeeld was. We betraden het kerkhof langs de ingang vanwaar de “gewone” sterveling naar de kerk trok. De begoede burger kwam langs de deur aan de Lackborslei binnen. Aan de rechterzijde van het kerkportaal Edmond Van Herendael, letterkundige en voorzitter van de Nederduitse Bond. Verder langs de kerkmuur Maximiliaan Jean Joseph Blommaert. Hij vestigde zich in Antwerpen en bouwde het buskruitbedrijf van zijn vader verder uit. Een van de eerste opdrachten voor de overheid was bedorven buskruit afkomstig uit Brugge en Oostende te herstellen en in “de Blauwe Toren” (nu Blauwtorenplein) in Antwerpen op te slaan. Later leverde hij oorlogskruit aan de overheid. Bij zijn overlijden laat hij een enorm fortuin na. Dat op Fredegandus ook belangrijk volk aanwezig is bewees Marc door ons te wijzen op de laatste rustplaats van Gerard Le Grelle, burgemeester van Antwerpen van 1831 tot 1848.
Wat verder de familie de Murat. Blijkbaar is de familie nog niet vergeten want op regelmatige tijdstippen komen er nazaten en die vuren enkele kanonschoten af. Waltmannus Van Lissum, laatste kanunnik van de Sint-Michielsabdij te Antwerpen kreeg een prachtig grafmonument aan de achterzijde van de kerkmuur. Tot 1836 vormden de gemeenten Borgerhout en Deurne één gemeente. Nadien splitsen ze. Marc Vos wees ons op de aanwezigheid van een Borgerhoutenaar: Henri Marmillion, oudstrijder van de onafhankelijkheidsstrijd van 1830 en schepen in Borgerhout tussen 1872 en 1882 en van 1881 tot aan zijn overlijden in 1882 dienstdoend burgemeester. Marc vroeg zich af of er Borgerhoutenaren in de groep waren en Edgard Maes bleek zo iemand te zijn. Met het nodige respect poseerde hij naast het graf.
Daarnaast Albert Maquinay, handelaar uit Wijnegem en eigenaar van kasteel de Zwarte Arend. Hij werd medestichter van Exxon / Esso. Aan de rechterzijde het grafmonument voor Frans en Edward Deckers, beeldhouwers. Het ruiterstandbeeld van Koning Albert aan het Antwerpse stadspark is door Edward Deckers vervaardigd. Hier kregen we weer een “weetje” van Marc. Hij vertelde dat Edward Deckers het beeld voor de nis van de Antwerpse stadsfeestzaal vervaardigde. Toen een opmerkzaam “zerkje” zegde dat er toch geen beeld in die  nis staat wist Marc dat het beeld gemaakt werd maar dat de stad Antwerpen geen geld had om de beeldhouwer te vergoeden. “Geen geld, geen beeld” moet Edward Deckers toen gezegd hebben. Waar het beeld zich nu bevind is blijkbaar een raadsel. Bij het, door de familie – ons lid Françis Pauwels, prachtig opgekuiste grafmonument voor burgemeester Florent Pauwels verraste Marc vriend en vijand: uit het niets toverde hij een tafeltje tevoorschijn, pootte er een computer op neer en liet Florent Pauwels himzelf aan het woord. Die had het over de perikelen die er, eind 19de eeuw waren, aangaande een splitsing tussen Deurne-Noord en Deurne-Zuid. Blijkbaar had men in het district recent een aantal historische gebeurtenissen teruggebracht met een “teletijdmachine”. Goed gevonden en leuk gebruik gemaakt van het materiaal door Marc. 
Alfons Hertogs, burgemeester van Antwerpen. Hij ging de geschiedenis in als de breker van de havenstaking van 1907, één van de zwaarste sociale conflicten uit de Antwerpse geschiedenis. De aanleiding was een door de dokwerkers geëiste loonsverhoging van 5 naar 6 frank per dag, maar de eigenlijke inzet was de poging van de werkgevers om de macht van de vakbonden te breken. Wat overigens niet lukte. Als de werkgevers Engelse en Duitse arbeiders aanvoerden om de staking te breken, kwam het tot ernstige rellen en gevechten. Alfons Hertogs schakelde het leger en de burgerwacht in om de orde te handhaven en bemiddelde ondertussen. Zijn voorstel voor een dagloon van 5,5 frank werd aanvaard en na acht weken was de staking voorbij zonder bloedvergieten en zonder gezichtsverlies voor de betrokken partijen.
Op het rondpunt Andreas De Weerdt, liedjesschrijver en volkszanger. Hij was auteur van honderden liedjesteksten over de actualiteit van zijn dagen. Aan de voet van een sarcofaag zit een treurend jong meisje. Naast haar liggen muziekbladen en een gitaar. De sarcofaag wordt bekroond met een kruis waar een rouwkrans, een palmtak en een lauwerkrans tegen rusten. Het bronzen portretmedaillon is door Alphonse Mauquoy vervaardigd. Het grafmonument is een ontwerp van Frans Joris. Aan de overzijde Jan De Laet, één der markantste figuren die hier begraven ligt. Naar het voorbeeld van zijn vriend Hendrik Conscience ging hij spoedig proza in het Nederlands schrijven. In 1860 werd hij volksvertegenwoordiger voor de Meetingpartij: hij was de eerste Belgische politicus die bij zijn ambtsaanvaarding in de Kamer de eed in het Nederlands aflegde. Het praalgraf is uitgevoerd in gele zandsteen. Voor een obelisk staat een vrouw, de maagd van Vlaanderen, met vaandel en rouwkrans. Zij wordt begeleid door de Vlaamse leeuw die zich onvervaard opricht. 
Wat verder lag de familie Gerrits met een een bas-reliëf in Franse steen van beeldhouwer Bruno Gerrits de wederopstanding van Christus voorstellend. Bij het graf van architect Victor Durlet zegde Marc Vos, terecht, dat interactie tussen de gids en de deelnemers belangrijk is en hij liet ons lid Andrea Durlet, dochter van componist en pianovirtuoos Emmanuel Durlet, aan het woord. Zij vertelde wat meer over deze uitgebreide familie kunstenaars.
Het grafmonument voor kunstschilder Emiel de la Montagne werd door de mensen van Levanto onder handen genomen. Marc zegde dat het geen echte restauratie was maar pleitte toch voor zulke herstellingen want zo blijft het monument toch op een behoorlijke manier bestaan. Hier een terechte boodschap aan het adres van de mensen van Monumenten & Landschappen die er steeds in slagen om de lat voor restauraties zo hoog te leggen dat vele geïnteresseerden afhalen (Lies???). Emiel de la Montagne schilderde een schilderij van Winston Churchill in militaire uitrusting. Wat verder op de hoofdlaan drukker-uitgever Gust Janssens. De attributen van zijn beroep zijn te zien op het grafmonument. Na dat we het monument voor de gesneuvelden bekeken wees Marc ons op een monument voor een vermoord kind. Hij stelde dat dit op een begraafpark mogelijk moet zijn. De ouders van de hier vlakbij vermoorde Steve Vissers wilden op die plek een monument aanbrengen maar dit stootte op tegenkantingen. Uiteindelijk werd het monument hier geplaatst. Onze gids wist ook nog te vertellen dat bij het ontwerp voor het begraafpark gekozen werd om zo veel mogelijk te behouden. Voordien bleek het wel anders want toen konden er niet genoeg grafmonumenten afgebroken worden. Het is gelukkig dankzij de passie en de inzet van mensen zoals Marc Vos dat de sloop van vele grafmonumenten tegengehouden werd. We zakten af naar de tumulus. Het is een echte grafheuvel want stoffelijke resten die gevonden werden bij de aanleg van het begraafperk werden hier begraven. Marc Vos eindigde zijn betoog aan het theater; dit werd gemaakt om op de dodenakker toneelvoorstellingen en gedichten ten berde te brengen. Het was de ideale plek om Marc Vos te gedenken met een welverdiend applaus van de toeschouwers/Grafzerkjes.
Jacques Buermans.
 
Foto’s: Ludo Dieltiens en Jacques Buermans.