Nieuwsbrief Nr. 75 - mei 2013

Joden en de doodhet funeraire patrimonium


Een tweede bijdrage van Machteld de Schrijver, vzw Culturama, naar aanleiding van de tentoonstelling in het Joods Museum, voormalige Dossinkazerne te Mechelen, nog tot 30 september 2013. In de vorige Nieuwsbrief verscheen haar eerste bijdrage.

Joodse graven en symboliek

De symboliek op Joodse grafstenen is zeer bijzonder. Zo is de plaatsing van de stenen, verticaal of horizontaal bepalende voor bepaalde regio’s. De Sefardische Joden hebben een voorkeur voor horizontale stenen; de meeste kerkhoven aan de Middellandse Zee en o.a. ook het kerkhof van Bayonne hebben dergelijke steles. Verticale grafstenen zijn geliefd bij de Joden in Noord-Europa en in Amerika. De grafmonumenten bleven lang zeer sober en ‘arm, waarbij de epigrafie het belangrijkste was. Ze waren vierkantig of hadden een drielobvorm.
Typische symbolen zijn de duif van Noach, de harp van David, de zevenarmige Joodse kandelaar, Joodse opschriften, letters zoals de ‘mem’ en de ‘teth’.
Symbolen kunnen ook verwijzen naar beroepen, taken of volksstammen. Het wasbekken en de oliekan verwijzen naar de handelingen van de priester en naar de stam der Levieten, terwijl het scalpel en andere gebruiksvoorwerpen verwijzen naar de besnijder. Twee samengebrachte handen, waarbij de vingers op een opmerkelijke wijze per 2 gegroepeerd zijn, verwijzen naar het zegenend gebaar van de priester en de handoplegging en naar de handeling van de ‘kohen’ en de ‘Conahim’, die zich beschouwen als de afstammelingen van Aaron. 
Vanaf de Renaissance werden de grafstenen meer syncretisch. Er kwamen meer en meer scènes uit de Bijbel voor, naar het voorbeeld van christelijke sarcofagen. Syncretische symbolen, overgenomen door andere culturen zijn o.a. symbolen die verwijzen naar het uitdoven of het einde van het leven en de vergankelijkheid, zoals de vlam en de fakkel of de zandloper en het doodshoofd.
De zandloper is het typische attribuut of het gebruiksvoorwerp van de Dood of vadertje Tijd (naast de zeis) en van in de Middeleeuwen een veel gebruikt symbool. De zandloper kan door vleugels vergezeld zijn. Soms zijn het 2 dezelfde vleugels en vleermuisvleugels.
En soms met 2 verschillende vleugels, van een duif en een vleermuis. Dit symbool verwijst naar de vluchtigheid van het leven en het verder gaan van de tijd.
Of de urne (alleen) of deels omgeven met een stuk stof (of een deels gesluierde urne), die verwijst naar de asurne uit de antieke oudheid (vaasvorm, met gecremeerde resten van de dode), vergezeld van een symbool van respect. 
Of de handen van het echtpaar die in elkaar gelegd zijn en verbonden zijn door een ketting, of uit elkaar glijden en omgeven zijn door een gebroken ketting, als symbool van de liefde die over de dood blijft bestaan of van de scheiding die door de dood tussen de geliefden is ontstaan.
Of het anker (een oud christelijk symbool, al aanwezig in de vroegchristelijke kunst, als symbool van stabiliteit, trouw en hoop), het kompas, de letters alfa en omega, die vermeld zijn in het boek ‘Jesaja’ (cfr. onze christelijke graven- citaat van Jezus) en verschillende antieke, Griekse vaatwerkvormen (de amfora, de krater, de lekythos). 
Ook allerlei plantaardige en florale motieven, die zowel zeer natuurgetrouw als gestileerd en vereenvoudigd weergegeven zijn, zoals de palmboom, de wilg en de treurwilg, de klimop, acacia- of palmtakken, laurier- en accanthus- of eikenbladeren, hulst en buxus, de papaver of de klaproos, de roos en het viooltje. .
Klimop is een eeuwig groene plant en een oud Keltisch symbool. Het verwijst naar de cyclus van de dood en de heropstanding en de eeuwigheid. De laurierbladeren en de –krans zijn s een antiek motief, verwerkt in zegekransen van o.a. generaals die een overwinning behaalden maar ook gebruikt bij gebeurtenissen die te maken hadden met rechtspraak. Dit symbool verwijst naar succes, onsterfelijkheid, roem en overwinning op de dood maar ook van het verschijnen van de dode voor de opperste Rechter.
De papaver of de klaproos (die drogerend werkt) is het attribuut van de god van de slaap, van Hypnos en van Morpheus, de god van de dromen, en verwijst zowel naar de eeuwige slaap als naar het snel verwelkte leven. De roos is het symbool van de liefde en de schoonheid, maar ook van het lijden.
De acacia verwijst naar het verhaal van de bouw van de tempel, door koning Salomon en de moord op meestermetselaar Hiram door jaloerse bouwgezellen. Hirams lijk werd verstopt en teruggevonden dank zij het plotse bloeien van een acaciaboom (symboliek die ook gebruikt is door de vrijmetselaars). Dit plantenmotief werd vanaf de Renaissance ook als een symbool van onsterfelijkheid gebruikt.
Buxus en hulst blijven groen en zijn symbool van volharding en van duurzaamheid.
Het viooltje is het symbool van de trouw en van de herinnering (in het Frans ‘pensée’). 
De leeuw en het hert:
Beelden van dieren verwijzen soms naar de naam van de dode. De leeuw is zoals in onze cultuur en in de heraldiek het symbool van moed, kracht en macht. Maar ook van de opstanding.
Volgens oude middeleeuwse bestiaria lagen de leeuwenwelpen 3 dagen dood, na hun geboorte en werden ze door hun vader weer tot leven gewekt, toen hij ze in hun gezicht beademde. De leeuw komt veel voor in grafmonumenten van hooggeplaatste echtparen, vanaf de Middeleeuwen, aan de voeten van de man.
De pyramide
De gebroken en geknakte boom of kaars
Ook nachtdieren, zoals de uil en de vleermuis, die verwijzen naar duisternis. De uil, die een speciale roep heeft, staat ook symbool voor eenzaamheid, vernietiging en rouw en heeft de taak de ziel van de dode doorheen de duisternis te loodsen.
Porseleinfoto’s van de dode
Na 1900 werd meer en meer de typische Joodse Davidsster (de ster met de 6 punten) gebruikt. Het symbool werd al gebruikt vanaf de 7de eeuw voor Christus, verdween in het hellenisme en kwam opnieuw in gebruik vanaf de 13de eeuw. Dit symbool werd opgelegd door de nazi’s en is ook aanwezig in de vlag van Israël. Wij vinden het symbool in frontons, op de voorzijde of op de zijkanten van grafmonumenten, uit de 20ste eeuw. 
Vaak is er een gebouw afgebeeld, dat lijkt op een soort tempel of tabernakel. Soms op een eenvoudige manier, met 2 pilasters en een fronton en soms zeer gedetailleerd. Op de 2  steunelementen zijn de letters i en b of de namen ‘Iakhin’ en ‘Boaz’ geschreven, die cfr het ‘Boek der Koningen’ ook geschreven stonden op de zuilen, in de ingang van de tempel van koning Salomon, in Jeruzalem. Ook deze zuilen met de 2 letters zijn door de vrijmetselaars gebruikt en altijd aanwezig, bij de ingang, in de voorhalle van een Loge.
De tafelen der wet of de 2 stenen tafelen van Mozes
Het kompas is een kosmologisch en dynamisch symbool en verwijst naar de kringloop van het leven, naar de hemel en naar het steeds terugkerende begin.
Onder invloed van de verschillende architectuurstijlen in de 19de en de 20ste eeuw werden grandioze grafmonumenten en mausolea gebouwd, in neostijlen en in Art Nouveau. Op het Antwerpse Schoonselhof zijn er vele indrukwekkende mausolea in neomoorse stijl. Na de Eerste Wereldoorlog kwamen er vele Art Decograven of graven met treurende vrouwenbeelden. Na 1940 werden de grafmonumenten opnieuw sober en uniform.
Als laatste opmerking dient vermeld te worden dat de Joden ook een eigen jaartelling gebruiken, gerekend vanaf de creatie van Adam en Eva.
Steller: Machteld de Schrijver
 
Foto’s: Jacques Buermans