Nieuwsbrief Nr. 75 - mei 2013

Lakende weergoden waren de deelnemers niet goed gezind


Veertien Grafzerkjes trotseerden barre weersomstandigheden om het kerkhof van Laken te bezoeken. Onze gids Stefan Van Camp liet ons schuilen voor de sneeuwbui wanneer hij zijn inleiding gaf. Laken werd aangehecht bij Brussel omdat de koning in de hoofdstad moet verblijven. Al in de tiende eeuw was hier een kerk. In de 17de eeuw kwam Isabella jaarlijks naar de kerk om de reliek ‘de draad van Maria’, een vruchtbaarheidssymbool, te vereren met een processie met 300 begijnen. Marie Louise, de eerst koningin van België, wil in de schaduw van het bedevaartsoord begraven worden. In 1852 begint architect Poelaert aan de bouw van de huidige kerk. Poelaert dient geen plannen in en wanneer hem naar plannen gevraagd wordt repliceert hij met “Ik ben kunstenaar, geen kruidenier!”. Men spreekt steeds over de crypte van laken maar Stefan wees ons er op dat dit niet klopt. Het is een grafkapel achter de kerk. Dit had te maken met het feit dat Leopold I luthers was en niet door de ker mocht gedragen worden om bijgezet te worden in een cypte. Stefan wist ook te vertellen dat de laatste woorden van de vorst, op de vraag om zich tot het katholicisme te bekeren, een klaar en duidelijk “Nein!” waren. We verlieten het kerkhof even om te kijken naar het monument voor de Franse onbekende soldaat, het enige monument voor een onbekende Franse soldaat buiten Frankrijk. Een prachtig monument waar twee vrouwen, Frankrijk en België, een zusterzoen uitwisselen.
Terug op het kerkhof wees Stefan ons op het, gestolen, beeld voor het verongelukte zoontje van de familie Moselli. Een gipsen afgietsel van het beeld van Dillens bevindt zich in het atelier Salu, momenteel Museum voor Grafkunst. Promotor Charly De Pauw kreeg een gigantisch monument. Volgens onze gids met plaats voor zijn zes maitresses. Door hem werden blusapparaten in wagens verplicht, De Pauw leverde die, en werd het World Trade Center in de Brusselse binnenstad opgericht. De Pauw bezat ook het monopolie van parkings in Brussel; hij betaalde daar niet minder dan één Belgische frank per jaar voor. Op zijn graf “L ‘acquit ne vaut rien, tout est dans l’ espoir” of hypocrisie ten top. Emile Bockstael zijn monument was moeilijk bereikbaar door de werken aan de ondergrondse galerijen. Zijn monument was ooit de ingang tot die galerijen. Een prachtig marmeren monument voor Salu I, besteld door Salu II. 
Een neogotische grafkapel voor de familie Vaxelaire, van de grootwarenhuizen. Joseph Duysburgh was koorleider met een pleurante Sapho voorstellend. Ywan Gilkin, dichter, ligt onder een art deco monument van beeldhouwer Witterwulghe. 
Een eclectisch monument voor architect Louis de Curte naast een grafkapel voor de eigenaar van een porseleinfabriek Cappellemans. Het monument voor burgemeester Wyns de Raucour van de hand van Guillaume Geefs werd ooit gerestaureerd door Epitaaf. Jacques André Coghen, minister van financiën, is een overgrootvader van koningin Paola. Het prachtige beeld van de hand van Guillaume Geefs en de grafkapel toegeschreven aan Jean Pierre Cluysenaer verkeren in een erbarmelijke toestand. In plaats van haar paleis vol met mestkevers, van de hand van de meer dan omstreden dierenbeul en begraafplaatsenhooligan, te plakken kan Paola misschien een peulschil van haar dotatie besteden om dit monument van de ondergang te redden. 
Pianiste Marie Pleyel de, uit Torhout afkomstige, Marie Moke verbrak een verloving met Hector Berlioz om met Camille Pleyel te huwen. Een prachtig monument van Henri Pickery. Generaal Belliard, minister onder Leopold I, kreeg hier een cenotaaf. De man zelf ligt begraven op Père Lachaise. Schilder François-Joseph Navez ligt hier samen met zijn schoonzoon, schilder, Jean-François Portaels. Architect de Blois was tevens vrijmetselaar. De tempel in de Peterseliestraat in Brussel is van zijn hand. 
Maria Felicia Garcia Malibran was een wereldberoemde zangeres. Zij stierf, op 28 jarige leeftijd, na een val van een paard en werd eerst begraven in Manchester. We konden een beeld van La Malibran in de rol van ‘La Norma’ van Guillaume Geefs ontwaren in de kapel. De attributen van zijn beroep, militair, bij Charles Niellon. Delhaize, telg uit de familie van grootwarenhuiseigenaars. Verschillende takken van de familie kwamen niet overeen. Henri Van Cutsem mecenas. Hij schonk zijn verzameling aan de stad Doornik. Schoonselhof kent Van Cutsem als de ‘sponsor’ van beeldhouwer Guillaume Charlier zoals vermeldt op het graf voor schilder Henri de Braekeleer. 
Notaris en burgemeester Georges De Ro kreeg het beeld ‘de drie levensstadia’ voorstellend van Isidore De Rudder. Wie het breed heeft laat het breed hangen zagen we dan weer bij filantroop Ferdinand Nicolay. Beeldhouwer Charles Auguste Fraikin beeldde hem af als Michelangelo's ‘Pensieroso’ op het grafmonument van Lorenzo de Medici te Firenze. Onderweg wees Stefan ons op een Christus die er wel heel ongemakkelijk bijstond. Ook een kunstenaar kan al eens slechte momenten hebben. 
Lou Tseng-Tsiang Bovy was eerst diplomaat in China. Later bekeerde hij zich tot het katholicisme. Grafmonument met boek en een grafschrift in Chinees en Frans. Zoals steeds hadden de grote mensen simpele graven. Denk maar aan het eenvoudig niemendalletje voor Alphonse Balat, architect van onder meer de Koninklijke serres en de graven voor schilders Xavier Mellery en Fernand Knopff.
Op het graf Bombaert troffen we een bijenkorf aan. De betekenis, sommigen dachten ijver en werklust, werd nog niet achterhaald. Soldaat Max Pelgrims sneuvelde en kreeg een monument van Ernest Salu. Joseph Dillen, kunstliefhebber deed het voor niets minder dan ‘de denker’ van Auguste Rodin. In zijn omgeving zagen we de lichtinval zorgt die voor een prachtig beeld zorgt in de kapel voor Leonce Evrard. Stefan zag dat de kerk open was en we maakten van de gelegenheid gebruik om eens een kijkje te nemen. Verwaarlozing al om en als de deur zo maar geopend kan worden, is dit ideaal voor dieven. 
Terug buiten wees Stefan de intussen verkleumde Grafzerkjes nog op het graf voor schilder Eduard de Biefve en dit voor componist Willem De Mol. D’ Eppinghoven was een van de vele onnatuurlijke kinderen van Leopold I. Deze zoon was een ‘product’ van koning Leopold I en Arcadie Claret. Het op de wereld zetten van onnatuurlijke kinderen door de koningen is blijkbaar een hobby die tot op de dag van vandaag nog altijd doorgaat. 
Op het rondpunt zagen we het grafmonument voor Tilman – Suys, architect van de Brusselse beurs en ook de man die de Zenne liet overwelven. In de verte konden we het monument Ghémar, een beeldhouwwerk van Albert Ernest Carrier-Belleuse leermeester van Auguste Rodin, een allegorie op de wetenschappen gecombineerd met het thema der ‘Drie Leeftijden’ voorstellend, ontwaren. Dichter André Van Hasselt kreeg een zwarte stompe zuil van beeldhouwer Fraikin. Eindigen deed Stefan Van Camp aan de achterzijde van het monument voor Emile Bockstael en toen was het tijd om ons te gaan verwarmen in café Royal. Zou het in mei bij de volgende Grafzerkjestrip ook nog zo’n rotweer zijn? Ik durf te hopen van niet.
Jacques Buermans
 
Foto’s: Ria Vaes