Nieuwsbrief Nr 74 - maart 2013

Voordrachten, een gaatje in de marktna een voordracht over Schoonselhof nu ook een over Parijse begraafplaatsen.


In 2012, na een rondleiding op de begraafplaats Schoonselhof tijdens de gebruikelijke nabespreking in café De Leuvenaar stelde Chris, één van de geïnteresseerden van de rondleiding, de vraag: “Waarom kom jij met je verhalen niet naar ons?”. Het werd me duidelijk toen de man preciseerde dat hij centrumverantwoordelijke was in een Dienstencentrum en dat vele van zijn mensen de stap naar de begraafplaats niet meer aankonden. Het leek me een schitterend idee en na wat ‘huiswerk’ zoals het opzoeken van oude afbeeldingen, het omturnen van wat op Schoonselhof een wandeling van punt A tot punt Z was tot het brengen van een aantal voor de toehoorders interessante verhalen van wat reilt en zeilt op een dodenakker, deed ik een eerste voorstelling in het Dienstencentrum van Chris. Het was een meevaller. Ik herhaalde de voordracht tijdens de Week van de Begraafplaatsen. Een aantal andere Dienstencentra zagen dit ook wel zitten en een aantal Rust- en Verzorgingstehuizen, waar de bewoners nog moeilijker te been waren dan in een Dienstencentrum, kregen de voordacht “Schoonselhof komt naar u toe!”. Niets dan enthousiaste reacties gaande van “Mijnheer, kunt gij niet elke week komen want dat is nogal wat beter dan die djingeldjangelmuziek” tot het verhaal van Julien. Die man, 92 jaar oud, kwam na de voordracht naar me toe in tranen: “Mijnheer, dat ik dit nog mag meemaken; dat is de schoonste dag van mijn leven!”. Bleek dat Julien jarenlang steenkapper was en veel van de kunstwerken op Schoonselhof nog zelf mee vervaardigd had. Ik zegde hem “Wel als ge wilt ga ik wel met u eens met de wagen naar Schoonselhof”. Julien was in de wolken en enkele dagen later ging ik hem oppikken. Hij zat al klaar. Alleen zijn schoenen kreeg hij niet meer aan (het was meer dan een jaar geleden dat hij nog eens buiten geweest was). Dan maar op zijn pantoffels. De hoofdverpleegster zegde nog dat hij onder geen beding mocht stappen maar na een rondrit met de wagen, ook eens iets anders, fleurde Julien hoe langer hoe meer op, zodat we toch een klein stukje te voet gingen, Julien aan mijn arm. Dit herhaalden we nog enkele keren en Julien had weer ‘de dag van zijn leven’.
Gevolg: de spreekbeurt “Schoonselhof komt naar u toe!” smaakte naar meer en toen zegde iemand mij: “Gij komt toch regelmatig in Parijs en die begraafplaatsen zijn toch bij veel mensen bekend?”. Vandaar een twee voordracht “Parijs en zijn bekende doden!”.
 
Wanneer dan begin 2013 een verzoek kwam van Wilrica, de heemkundige kring van Wilrijk die met een vernieuwd bestuur blijkbaar ook vernieuwde energie kreeg, om eens te komen praten over vzw Grafzerkje, de rondleidingen op Schoonselhof en dies meer zette ik dit ook om in een spreekbeurt van een dik halfuur: “vzw Grafzerkje in een aantal, straffe, verhalen!”. Natuurlijk krijgt Wilrica de primeur.
 
Ik wil bij deze ook Mia Verbanck bedanken want dankzij haar kregen we, uiteraard beschikbaar voor de vzw Grafzerkje, een gratis beamer. Nu nog eens uittesten hoe het ding werkt, want techniek is niet mijn sterkste punt en klaar is Kees. En moest er onder de leden iemand zitten die een laptop voor een prikje, of minder mag ook, kan missen zijn we helemaal geïnstalleerd.
 
tekst : Jacques Buermans
foto's : Leen Otte