Nieuwsbrief Nr. 71 - september 2012

Diest: een ontvangst om van te dromenwe togen op “vooronderzoek” en werden meer dan gastvrij ontvangen.


Misschien weten jullie dat Lin, Marie Claire, Edgard en ikzelf er al eens op uittrekken om eens goed te gaan eten, een wandelingetje te maken en een dessertje mee te pikken. Tussendoor is het funeraire niet ver weg. Zo waren we een maand geleden in Diest. Om ons eten te laten zakken deden we een wandeling in dit trouwens prachtige en gezellige stadje. In het begijnhof vond Edgard een aanplakbiljet van een voordracht over “begrafenisrituelen” gegeven door ene Martien Mondelaers. Edgard contacteerde de man en die was bereid om met ons langs de begraafplaats te lopen. Indien het meeviel kon Diest misschien aan bod komen … in 2014 want ons An haar programma voor 2013 is al klaar. Als we ons Anneke behulpzaam kunnen zijn om haar voorbereidingen iets makkelijker te maken en daarbij nog wat kunnen smikkelen en smullen zijn we happy: meer moet dat niet zijn.
 
Na eerst van een deugddoende maaltijd genoten te hebben in The Lodge reden we met de wagen naar de begraafplaats. Om 15 uur verscheen Martien vergezeld van Sandra de secretaresse van de Heemkundige Kring waar hij voorzitter van is. Onmiddellijk bleek al welk vlees we in de kuip hadden: de man was een vat vol energie, wist goed wat hij ons tijdens de “preview” wilde voorschotelen en had voor ons al gereserveerd in een, dixit Martien, leuke taverne. Op de begraafplaats die opende in 1924 wees Martien ons op een rotonde, de eerste rotonde van Diest, met daarop twee grafmonumenten van lokale weldoeners: Karel Vervoort liet vier Godshuizen oprichten en dokter Henri Verstappen schonk zijn domein, de Warande, aan de stad Diest. Verder wees Martien ons op een mooi beeld voor kunstschilder Ward Macken, vader van Marc Macken die op Schoonselhof ligt en op de laatste rustplaats voor deken Herman Fierens.
Van de begraafplaats leidden Sandra en Martien ons naar de overblijfselen van de Sint Jan de Doperkerk. We waren hier al enkele keren voorbijgewandeld zonder dit juweeltje opgemerkt te hebben. De kerk werd tijdens de godsdiensttroebelen op het einde van de 16de eeuw in brand gestoken. Omdat de parochie nog maar weinig parochianen telde werd enkel het koorgedeelte gerestaureerd. Zo bleef de kerk tot 1823 in gebruik. Enige tijd later stortte het dak boven het koor in. Hier zagen we ook enkele grafmonumenten aan de muurrestanten onder meer die voor Anna Christina Bosmans en een voor Jean Van der Linden die afkomstig was uit Geldrop, Nederland. 
Diest was niet voor niets een Nederlandse enclave in het hertogdom Brabant. Vandaar trokken we langs het voormalige woonhuis van dokter Henri Verstappen. Deze woning en de Warande schonk hij bij testament aan de stad Diest. De Warandeheuvel werd stadspark. Martien wist hier te vertellen dat de herenwoning werd omgevormd tot monumentale ingangspoort en dat de vier beelden op het poortgebouw afkomstig zijn van het in 1956 gesloopte Noordstation van Brussel.
Sint Sulphitiuskerk is een voorbeeld van Demergothiek, opgetrokken uit ijzerzandsteen en witte kalksteen. Martien die zich hier als een vis in het water voelde loodste ons naar het hoofdaltaar met de woorden “Dit zijn mijn gasten en die komen nog wel terug met een volledige groep zodat ge ze nu geen inkom moet laten betalen”. Daar bevond zich de, nieuwe, zerk voor prins Filips Willem, zoon van Willem de Zwijger. In zijn testament had hij bepaald dat hij begraven wilde worden in één van de steden Diest, Breda of Orange; de stad het dichtst bij de plaats zou liggen waar hij zou sterven. Toen hij in 1618 overleed in Brussel viel de keuze op Diest. Achter het koor wees Martien ons op de originele grafzerk. We eindigden onze tocht waar ooit de Minderbroederskerk stond en waar ooit de Heren van Diest begraven werden. Wegens te zwaar beschadigd werden de kisten niet opgegraven.
En toen was het tijd om iets te drinken en een hapje te eten, op kosten van Sandra en Martien, in … taverne The Lodge. Er werd nog meer dan gezellig nagepraat en Martien beloofde ons om in 2014 een rondleiding te verzorgen die we niet gauw zullen vergeten. Ik ben daar nu al van overtuigd en Martien heeft nog andere pijlen op zijn boog. Maar daarover later nog veel meer.
 
tekst en foto's : Jacques Buermans