Nieuwsbrief Nr. 61 - mei 2011

De lanen van Elseneons lid Mieke Versées bezorgde een meer dan uitgebreid verslag.


Na een boeiende autotrip en het regelen van de administratie toch op tijd voor de rondleiding op de begraafplaats door gids van dienst, Stefan Van Camp.

Elsene ontstond in 1877 met een oppervlakte van 5 ha. Bij een eerste uitbreiding werden er dat 12, om uiteindelijk te komen tot 15. Een gedeelte wordt nu gebruikt voor de opleiding van politiehonden. We vinden we er ook een dierenkerkhof, idee van een MR schepen want Elsene kleurt blauw geeft Stefan ons mee. Op de begraafplaats liggen vooral militairen, door de aanwezigheid van de vele kazernes in de omgeving, kunstenaars en ondernemers, zoals Delhaize, Solvay en Wielemans. Het is tevens de plaats bij uitstek voor rijkere immigranten, Armeniërs en Duitsers. Deze laatste hebben de meest indrukwekkende grafmonumenten.

Na deze inleiding start een interessante wandeling.

Wij maken kennis met: Felix  BOVIE vrijmetselaar, dichter met een bruut taalgebruik wat hem een provocateur maakte.
François DONS filantroop, stichter van het Kinderwelzijn. Een art deco bas reliëf siert de granieten obelisk. Dan wacht ons een levensgroot wit beeld van een treurende jongeman. Het zeer natuurgetrouw naakt siert het graf van de Joodse Jenny ABRAHAM-KOUSTOFF alias Francine VENDEL. Zij was actrice en speelde ondermeer in “Het huwelijk van Fientje Beulemans”. Bij een bezoek aan haar zonen in Congo, viel ze in een hinderlaag en werd vermoord.
Dan belanden we bij veelzijdig kunstenaar Marcel BROODTHAERS. Wie kent niet zijn beroemde, beruchte?, mosselpot. Voor- en achterzijde van de grafsteen zijn bewerkt. Vooraan de woorden :O Mélancolie, Aigre château des anges. Mijn vrije vertaling:” Oh melancholie, bitter engelenkasteel”. Achteraan staat een rebus, waarbij de pijp verwijst naar Magritte. De ontmoeting met deze schilder veranderde zijn leven. Nog opvallend, geboorte- en overlijdensdag zijn identiek, namelijk 28 januari. Enkele fans legden lege mosselschelpen neer.
We lopen verder langs een kindergraf waar, wonder boven wonder, al het speelgoed blijft liggen. In een hergebruikt graf vinden we de Luikse politicus Daniël DUCARME, tweetalig, Waals en Frans. Hij was minister van Staat en partijvoorzitter van PRL/MR. Zijn motto: en avant, droit et calme. Hij overleed in 2010 aan kanker. Constantin MEUNIER, een groot man in een zeer eenvoudig graf van roze graniet met kruis. Hij begon pas op zijn vijftigste te beeldhouwen daar hij kleermaker moest worden. Die van A kennen zeker zijn buildrager aan het stadhuis. Zijn atelier bevindt zich in de Abdijstraat te Elsene maar besparingsmaatregelen bedreigen het met sluiting. David CHAPOULADE, alias Gil NAZA, acteur en stichter van het Molièretheater. De maskers aan weerszijden van de buste verwijzen naar drama en komedie.
Het neogotisch graf is van Emile COULON, architect uit Nijvel. BOURE, hier liggen de broers Paul en Felix. Beiden staan afgebeeld op een medaillon. Felix was DE dierenbeeldhouwer. Een leeuw van hem staat aan de Gileppedam en ook aan het Brusselse justitiepaleis. Emile FRANCQUI, actief in handel en diplomatie. Consul in China , leidde Albert I op, staatsminister. Stichter van het Fonds voor Wetenschappen en Onderwijs, zie Francquiprijs. Eugène YSAYE, vooral gekend als violist. Men noemde hem “the little devil of the violin”. Hij gaf privaatles aan koningin Elisabeth. De koningin Elisabethwedstrijd droeg vroeger trouwens zijn naam. Het medaillon op het graf is van Meunier.
Dan is het even zoeken. Anna BOCH waar ben je? Ah, gevonden. Boch was een Duitse kunstenaarsfamilie,  belangrijk voor de productie van keramiek. Anna trok kunstenaars aan voor de fabriek. Zij kochten als enige ooit een werk van Van Gogh, waarschijnlijk als financiële ondersteuning.
Antoine WIERTZ, schilder. Door de vele experimentele technieken die hij toepaste, waren zijn schilderijen moeilijk te bewaren. Zijn atelier, een schitterend museum in de Vautierstraat, is een bezoek waard. Ook hier twijfel over het voortbestaan.Ernest SOLVAY rust in een glooiend praalgraf ontworpen door Victor Horta. Solvay was chemicus, industrieel, denk maar aan soda en filantroop. Hij kwam uit een vrij arme familie en leefde zuinig. Hij ging steeds te voet naar zijn werk. Hij paste sociale regels toe voor zijn werknemers die later wet werden. Tijdens W.O.I liet hij zijn tuinen gebruiken om aardappelen en groenten te kweken. Liberaal in de politiek, sponsorde hij toch in het geheim  het Volkshuis.
Fernand BUCHET, advocaat. Het mooie art deco monument stelt een staande lezer voor onder een eikenboom.DELHAIZE-VIEUJANT, handelaars en drogisten. Stichtten de firma Delhaize maar splitten later door ruzie. Gustave DRYEPONDT, arts verbonden aan het militair hospitaal van Brussel. Later sticht hij in Elisabethstad het eerste hospitaal. Zijn grafmonument, een marmeren blad op zuilen. Begraafplaats Elsene herbergt ook veel ex kolonialen weet Stefan te vertellen.
Adolphe BUYL, burgemeester van Elsene en volksvertegenwoordiger van Oostende. Toen  mocht een duobaan nog. Het memoriaal is leeg én tweetalig. De tekst op het medaillon is in het Nederlands: “Hulde zijner kiezers”. Buyl ligt in Oostende begraven. Op de plaats van het bord LAAN 9, lag Victor BOURGEOIS. Hij was architect en aanhanger van Le Corbusier. Zijn graf  werd na 30 jaar, in 1992 geruimd. In het rode graf met palm ligt Louis CHALTIN, militair in Congo voor Leopold II om de slavenhandel te bekampen. In feite was het een dekmantel om toegang tot Soedan te krijgen. Willy CRUYT brengt ons naar de  chocomijnen. Chocomijnen?  Jawel, Choco is een provincie in Colombia waar Cruyt als militair verbleef. Bastin is de beeldhouwer van de pleureuse op het graf. Nicolas GROCHOWSKI blijkt een raadselachtige figuur, géén woord uitleg te vinden over deze man. Zijn zerk ligt van bij het begin vol schelpen en deze worden regelmatig vernieuwd. Ik ben dol op mysteries. Verder staat een obelisk. Hier ligt Jean-Baptiste VAN MOER, schilder. Op vraag van de toenmalige burgemeester Anspach, schilderde hij Brussel vóór de overwelving van de Zenne.
De volledig met lijkwade bedekte sarcofaag, behoort toe aan de familie SERVAIS – CORDUANT. Verder gaat het naar Joseph WIENIAWSKI, Pools componist en pianist. De versieringen, medaillon en de muze Athena met lier, zijn van Henri Joos. Jammer dat niemand notenleer machtig is om de compositie te zingen.
Nadien volgt enige verbazing bij het graf van GAFFE. Een identiek beeld vinden we op het Schoonselhof, graf van Lux-Fierens. Een nieuw begrip voor mij, drapé mouillé, te vergelijken met een nat T-shirt. De drappage hoort bij een mooie vrouwenfiguur die op het graf van de familie MICHIELS-HUYSMANS prijkt.
Schilder Theo HANNON, bevriend met James Ensor. Tijdens de jaren ’20 trekt hij iedere zomer naar Oostende en schildert er stad en duinen. De buste is van Jules Lagae en de tekst heeft een art nouveau inslag.
De componist en pianist Arthur DEGREEF was leerling van Frans Liszt. Hij gaf les aan het koninklijk conservatorium van Brussel en werd zeer gewaardeerd door Grieg. Op het graf van CAUDERLIER knipt een naakte man, genie van het leven, die draad van het leven door. Beeldhouwer is Eugène de Bremaecker . “Zijn vader Filip ligt bij mij” dixit An. Hij schreef kookboeken. Ja, Elsene verzustert met Gent. (zie ook toevoeging achteraan artikel)
Het verhaal bij het graf van Georges BOULANGER en Marguerite de BONNEMAIN is een wel zeer apart. Hij was in 1870, generaal onder Napoleon III. Zijn maîtresse Marguerite overleed op 30jarige leeftijd aan TBC. Haar tekst luidt”A bientôt”. Boulanger nam het wel letterlijk en pleegde zelfmoord op haar graf. Zijn graftekst: “ Ai-je pu vivre 2,5 mois sans toi”. Een afgeknotte zuil werd later op de sarcofaag bijgezet. Een anekdote nog om af te ronden. Boulanger liet in de straat waar zijn Marguerite woonde strooi leggen zodat de koetsen geen lawaai maakten als ze voorbijreden. Schoon toch hé la folie d’amour!Jean FRANCQUI, zoon van Emile Francqui. Geboren in  Hankéou, China. Speelde een rol bij de aanleg van de spoorwegverbinding Hankéou-Peking. Vertrok later naar Congo en werd verzamelaar van Afrikaanse kunst. Op het graf staat een zeer origineel beeldje van een Congolese prins. Op de stèle van Simon Frédéric BECKER staan de 3 goddelijke deugden en een geopende bijbel afgebeeld. Hij was een protestants predikant die meekwam uit Saksen Cobourg. Hij stond koning Leopold I bij in zijn laatste uren en hoorde het onverbiddelijke NEIN van de koning. Antwoord op de bede van zijn dochter zich tot het christelijk geloof te bekeren.
Baron Victor HORTA, dé belangrijkste kunstenaar architect van de art nouveau ligt in een zeer eenvoudig grafmonument. De sarcofaag was eigenlijk bestemd voor zijn dochter Simone. Bij de scheiding werd zij hem toegewezen. Hij hertrouwde met de turnlerares van Simone. Jaren later belandde Horta in een zware depressie en vernielde zijn archief . Hij was de eerste met centrale verwarming in huis. Stalen van zijn meesterschap zijn in vele steden te bewonderen. De Minerva, automerk, brengt ons bij Salomon DE JONG. Een Amsterdamse fietsenmaker die in Antwerpen terechtkwam. Later schakelde hij over op auto’s. Op zijn steen staat Sylvain in plaats van SalomonVoor de Nobelprijs voor geneeskunde, moeten we bij Jules BORDET zijn. Hij was arts, stichtte het instituut Pasteur van Brussel en was professor aan de U.L.B. Buste en palm sieren zijn graf.
Het militair erepark is indrukwekkend met de beelden van levensgrote soldaten aan de hoeken. Het telt 450 graven en werd in 1923 door koning Leopold III ingehuldigd. Alle namen van de gesneuvelden werden één na één afgeroepen. Bij elk graf stond een in wit gekleed meisje. Beklijvend zal het wel geweest zijn. We vinden er onder andere Generaal Jacques en Charles COOMANS. Deze was piloot en stortte neer. Op de obelisk staat een beeld van Matton en stelt, zeer toepasselijk, een vliegende man voor. Voorbij het militair erepark, ligt het burgerlijk met als bijzonder man abbé FROIDURE. Hij richtte Spullenhulp op. Als onderpastoor in Brussel zag hij de miserie van de mensen. Hij leidde in 1952 zelfs koning Boudewijn rond in de verpauperde wijken. Hij verongelukte in 1971. Schilder Anto CARTE maakte deel uit van de expressionistische groep NERVIA. De glasramen van Ter Kameren getuigen van zijn kunde.
Een beetje verderop staat hij, leraar in Ter Kameren maar vooral, schrijver van Tijl Uilenspiegel: Charles DE COSTER. Het levensgroot beeld van Tijl, door beeldhouwer De Valériola, kwam er pas in 1927. Tijl houdt eerbiedig de muts in de handen. In een zakje, op zijn borst, draagt hij de as van Ernest Claes. In het graf ligt ook de moeder van de auteur begraven. Een speciaal en apart gelegen perk, behoort toe aan Samii TOURANDOHKT, een Georgische prinses, geboren in Teheran. Op een zuil staat een wereldbol met daarop 2 blauwe punten, waarvan één haar geboorteplaats voorstelt. Zij behoorde tot het BAHAI volk. Alle graven binnen het perk liggen richting Jeruzalem. Onze laatste halte, een zwarte obelisk, is die van Felipe ZAPATA.  Ik denk onmiddellijk aan de Mexicaanse revolutie. Maar neen, dat was Emiliano, deze Felipe komt uit Bogota. Hij was politicus en vluchtte tijdens de revolutie.
Het was meer dan een boeiende, leerrijke en verrassende rondleiding. Het was een uitnodiging om te herontdekken, met dank aan Stefan. Na al dit geestelijk voedsel gingen we met enkelen de inwendige mens versterken in de cité de l’université waar ik mijn gebreid vestje achterliet.

Tekst : Mieke Versées - Foto’s Ria Vaes en MiekeVersées

Onze An Hernalsteen voegde volgende toe: EMILE CAUDERLIER

Vader: Philippe Cauderlier, chef-kok, had een bloeiende traiteurzaak in de Gentse Veldstraat. Stinkend rijk geworden door het schrijven van kookboeken. Lag in mijnen hof begraven maar het graf is jammer genoeg niet bewaard. Moeder: Johanna Hoste kwam uit een drukkers-uitgeversfamilie. Emile wordt op 13 januari 1846 als oudste zoon geboren. Rond 1864 wordt hij door zijn vader naar Rusland gestuurd en zet er een exporthandel in vlas op poten (het doorsnijden van de levensdraad op het graf heeft dus blijkbaar ook een persoonlijke betekenis.) Hij schreef zeker één reisverhaal: “Du SaintGothard à Syracuse”. Hij overlijdt in 1918. Hij huwt met Marguerite Allard, dochter van Alberic Allard, prof rechten aan de Gentse universiteit (ligt wel nog altijd in mijnen hof.) Zij was een tamelijk goede kunstenares die overwegend bloemstukjes schilderde. Is een protestante en wordt volgens de protestantse ritus begraven. Het echtpaar kreeg drie kinderen, Suzanne zal huwen met Max-Leo Gerard, de minister van financiën in het kabinet Van Zeeland. Niet slecht voor de kleindochter van een onwettig kind.

An Hernalsteen