Nieuwsbrief Nr. 68 - mei 2012

Passy: een ode aan Margueriteons An Hernalsteen bezoekt deze prachtige dodenakker.


Het scheelde niet veel of onderstaand hersenspinsel had nooit het levenslicht gezien. We komen uit de metro, de Kleinen ziet “het symbool van Parijs” en wil er zonder moyen op. Gelukkig hield ik het been lijkstijf, tegenpruttelend van “In Melle beloofd op je onschuldig kinderzieltje, alleen maar Parijse doden, een louter funerair tochtje” en meer van dat fraais.
Tweede probleem: hoe geraken we in godsnaam binnen, waar is de ingang van dit spel? We kiezen naar rechts (fout, we hadden beter naar links gekozen) Na een volledige omwandeling van een ferm muurken, vinden we het toegangshekken. Ondertussen staat de blaas op springen en het plassende, pollenwassende Zerkje, zaliger gedachtenis zoek ik het toilet op. Vanaf het kleinste kamertje zie ik het al: deze in 1820 in gebruik genomen begraafplaats wordt een kanjer. Een beetje systematisch te werk gaan anders baggeren we rond als kiekens zonder kop. Dit plan houdt in: de ogen de kost geven, foto’s schieten tegen een tempo van 1000 ter uur en eenmaal terug thuis schiften dat het een lieve lust is en een summier verslagje schrijven.
Waar je in elk geval niet naast kunt kijken, is de mastodont van een graf voor Gustave Eiffel, het domineert gans de begraafplaats.
Nu, voor de onwetenden onder jullie, wie is Marguerite? Marguerite is één van de hoofdrolspeelsters in “La vache et le prisonnier” Jawel, Marguerite is de pannen van het dak acterende koe die snedige replieken loeit tegen het gebit van Frankrijk, zijnde
Fernandel (Div 1 – graf 49) (1903-1971) artiestennaam van Fernand Contandin, onsterfelijk in zijn rol van Don Camillo. Zijn echtgenote Henriette Manse (1902-1984) werd hier eveneens bijgezet. Eveneens te bewonderen in div 1 het monument voor de familie Rey de Villette.
Division 2

Graf 28: Farideh Diba en Leila Pahlavi
Als we dan toch moeten kiezen uit de vele politieke figuren die hier een laatste rustplaats vonden, dan kiezen we resoluut voor 2 dames die niet aan politiek deden maar er toch mee verbonden waren. Hier rusten de moeder en de jongste dochter van Farah Diba, echtgenote van de sjah.
Graf 30: Diedonné Costes (1892-1973)
Frans piloot, vloog in 1930 als eerste non-stop van Parijs naar New-York. Als we het reliëf van Gallo op zijn graf mogen geloven, had hij nog wel meer vlieguren op zijn brevet staan.
Graf 32: Octave Mirbeau (1848-1917)
Auteur, journalist. Zijn lovend artikel in Le Figaro lanceerde de Parijse carrière van Maurice Maeterlinck. De Kleinen kon mij niet volgen, bijgevolg is Mirbeau fotoloos
Familie Laurans met een beeld van een zekere Martolini.
Familie Grillon en familie San Fernando: we zijn rijk en we smijten er geld tegenaan.
Division 4

Heugel en Chevalier
De familie Heugel specialiseerde zich in het uitgeven van partituren, het legde hen geen windeieren. Beeldhouwer Jacques Hyacinthe Chevalier (1825-1895) werd in deze grafkapel bijgezet.
Del Saz Caballero is er één speciaal voor Anne-Flor.
Graf 37: Eduard Manet (1832-1883) en zijn schoonzus Berthe Morisot (1841-1895)
In de tijd veroorzaakten Wardje zijn “Olympia” en “Déjeuner sur l’herbe” een schandaal. Nu zijn we meer gewoon. De buste op het graf is van de hand van Ferdinand Leenhoff, Manet’s schoonbroer.
Division 5

Louis Abel Tellier (1828-1913) een Frans ingenieur die naar een manier zocht om vers vlees langer te bewaren. Tot groot jolijt van alle vleeseters onder jullie zag de voorloper van onze moderne ijskast het levenslicht. Het marmeren beeld werd gerealiseerd door Camille Tellier.
Touret-Franceschi: glasramen aan diggelen kloppen, is op deze begraafplaats geen Parijse sport. Ongelooflijk knappe dingen zijn er te bewonderen.
Division 7

Graf 53: Hippolyte Marinoni (1823-1904) drukker en uitvinder van de rotatiepers. Het interieur van de grafkapel werd rijkelijk voorzien van mozaïeken, zijn patroonheilige moest natuurlijk van de partij zijn.
Division 8

De jong gestorven Gabrielle Pépa (1858-1886) en Charles Buquet, zo mooi kan funeraire kunst zijn.
Division 9

Familie Casalonga met een buste gerealiseerd door F. David. Wat de mannelijke leden van deze familie betrof, kunnen we kort zijn: bijna allemaal ingenieurs. Twee vrouwelijke telgen kozen voor kunst en cultuur. Marguerite Casalonga (1865-1935) componeerde en Alice Kaub-Casalonga (1875-1948) schilderde en ontwierp affiches.
Division 10

Graf 78:Pierre de Perenyi, Hongaars politicus. Dit is te, dit is erover. Of hoe kunst, kitsch wordt.
Graf 77: Henri Farman (Parijs 1874-1958. Luchtvaartpionier, als eerste vloog hij in 1908 welgeteld één kilometer ver, de vogels achterna.
Division 11

Gerard Brami (1947-2000) dat ziet er mij een paardenliefhebber uit.
Graf 94 Leon Volterra (1888-1949) was een belangrijk figuur voor het Parijse nachtleven. Het Casino, de Follies Bergère, overal deed hij zijn zegje. Mistinguett, Maurice Chevalier danken hem hun carrière. Hij speelde ook een tijdje burgemeester van St.-Tropez. Het pastoraal geheel waaronder hij rust is van beeldhouwer Alfredo Pina.
Robert Mallet-Stevens (1886-1945) modernistisch architect, medestander van Le Corbusier. Zijn grootmoeder, die hier ook rust, was de Brusselse Mathilde Kindt (1833-1886), eerste echtgenote van Arthur Stevens. Deze dwarsliggende, vrijgevochten vrouw was een fenomeen.
Onder de nom-de-plume Jeanne Thilda, verzon ze af en toe een boekje.
Graf 96: Marie Bashkirtseff (1858-1884) nog zo een straffe madam, die amper 25 jaar oud overleed aan tuberculose. Ze schreef, schilderde en kapte beelden. Tussendoor hield ze een dagboek bij in verband met het reilen en zijlen van het kunstmilieu rondom haar. Als dank kreeg ze een kast van een grafkapel, volledig ingericht met meubels, beelden en schilderijen. Kunstschilder Jules Bastien-Lepage ontwierp het geheel, zijn broer Emile voerde het ontwerp uit.
Division 13

Graf 2: Emile-Jacques Ruhlman: Interbellum ontwerper. Pracht van een monument naar een ontwerp van Pierre Patout.
Familie Gennevois: dit is er opnieuw eentje voor Anne-Flor met een mooie beeldengroep van een jongen met zijn hondje.
Familie Dupont – Charton: Emile Louis Dupont (1888-1970) stichter van de cafés Dupont. Graf naar een ontwerp van Henri Lagriffoul.
Division 14

Graf 36: Claude Debussy (1862-1918) componeerde onder andere Pélléas et Mélisande.
Grafkapel van de familie Trotry –Latouche met het beeld “wie wil leven, blijft buiten” van Victor Segoffin.
Grafkapel van familie Henri Laurent met een tikje Art-Nouveau erin.
Division 15

Jane Henriot ofte Jeanne Grossin (1878-1900): actrice die als enige slachtoffer stierf tijdens de brand in le théâtre Français. De buste is van Denys Puech. Het epitaaf luidt: elle est venue, elle a souri, elle a passé.
Graf 37: Gabriel Fauré: (1845-1924) dat Réquiem van hem, met een Pie Jesu om kippenvel van te krijgen. Fauré huwde Marie Frémet (1856-1926), verwante van dierenbeeldhouwer Emmanuel Frémet (1824-1910). Zijn beroemdste werk is het beeld van Jeanne d’Arc. Alle drie rusten ze in dit graf.
Salin: een meester smid kreeg een grafkapel in gesmede steen.
Charles Dubost, een hartchirurg herbruikte het Art-Nouveau graf van de familie Viconte.
Madrenas y Saltores: dit nog vlug fotograferen want de tijd begint te dringen. Montmartre roept.
De gids van dienst ziet nog maar het puntje van onze neus of lap we hebben het al zitten.
“Heb je het graf gezien van die coiffeur met dat meisje dat de dood kust” Nee, voorzitter, dat hebben we niet gezien.
“Hebben jullie Passy wel bezocht” Ja, ik denk dat we inderdaad op Passy zaten deze morgen.
“Blijkbaar Passy bezocht als blinden met oogkleppen op” Wacht maar manneke mijn wraak zal zoet zijn en enkele dagen duren en ik steek van wal met, zeg voorzitter, we gaan toch wel het graf van die en die en die zien, hier op Montmarte. Niet dus. Ik glunder want mij is de zege.
 
An Hernalsteen
Foto’s Dirk Joos, Rina Reniers, Ria Vaes en Jacques Buermans