Nieuwsbrief Nr. 68 - mei 2012

Dieweg een meevaller, “nabeurt” overbodigons lid Stefan Van Camp gaf weer het beste van zichzelf.


Mijn GSM stond niet stil: er was een benzinestation ontploft in Wetteren en al de Grafzerkjes die van West Vlaanderen kwamen, zaten in de file. Toch 17 leden aanwezig. We begonnen met een lied voor de verjaardag van ons aller An. Vraag: wie verjaart er op 19 mei als we naar Eupen trekken? Kwestie van de gewoonte verder te zeten.
 
Onze gids was eens te meer Stefan Van Camp en zoals steeds had hij zich voortreffelijk voorbereid.
Op het terrein stond vroeger het kasteel van gravin de Coghen. Dieweg bevat vele Joodse graven hoewel ze met hun 3300 lichamen toch geen 10% van het totaal aantal uitmaken. We startten bij Herinckx – Herinckx, neef en nicht onder een art nouveau-monument. Wat verder de grootouders Herinckx, eigenaars van brouwerij “In de kroon” een neogotische kapel met duidelijke symboliek verwijzend naar hun beroep en de naam van de brouwerij.
Homère Goossens was directeur van het Brussels Muziekconservatorium. Naast symboliek betreffende zijn beroep, de lier, een buste van Joseph Jacquet. 
Victor Allard kreeg een pompeus mausoleum met 78 plaatsen, waarvan er slechts 30 bezet zijn. Victor was directeur van de Nationale Bank. Antoine Allard was gekend als “de rode baron” en hij was stichter van Oxfam. Hij begeleidde koningin Elisabeth op haar, omstreden, Chinareis. Bij het graf Rosar liet Stefan ons zoeken naar de dieren die zich op het grafmonument bevonden. De vier dieren symboliseerden de vier elementen: kikker voor water; vogel voor lucht; slang voor aarde en salamander voor vuur. Een dubbelzijdig graf voor architect van onder meer de Sint Hubertusgalerij: Jean-Pierre Cluyselaer. Een van de twee personen die, mits speciale toestemming: lees met tussenkomst van koningin Fabiola, hier nog mochten bij begraven worden was violist Philippe Hirschhorn, laureaat van de koningin Elisabethwedstrijd. Spijtig genoeg werd het viooltje op zijn graf al drie keer gestolen. Wat verder de tweede uitzondering Georges Remi, beter bekend als Hergé, een meer dan omstreden figuur. Een monument van de hand van Ernest Salu op de laatste rustplaats voor Alphonse Asselbergs, schilder van de school van Tervuren. Een laat art nouveaumonument voor Yvonne Rucquoi werd recent gerestaureerd. Aan het Joodse gedeelte troffen we de familie Nias aan, van het gelijknamig papeteriebedrijf. 
Isaac Stern was dan weer vrijmetselaar en administrateur bij verschillende banken. Een werk van Victor Horta. Op het graf Voss de symbolen van de leviet, de kan en de schaal, en de zalvende handen van de cohen, de priester die zijn zegen uitsprak over het monument. Een prachtig beeld van Marcel Rau op het graf Sermon. 
Wat verder de gigantische tempel voor de familie Lambert, bankiers. Goed geboerd zou ik zeggen. Vlakbij een crypte voor 133 lichamen. Een grafzerk in Carraramarmer voor de uit Italië komende familie Errera. In het Errerahuis zit nu de Vlaamse regering. Een massieve sarcofaag voor Hirch, eigenaar van een haute couturezaak, een zuilenmonument voor Philippson, alweer een familie van bankiers. Dina Katz kreeg een monument in rode steen van Auguste Puttemans. 
Een kubustisch art decomonument voor Huet-Hozee. Een monument met monniken voor de familie Fumière. Antoine Pauwels kreeg een monument van architect Symons. Paul Hankar was leerling van Beyaert. Isabelle Gatti de Gamond was stichtster van de Droit Humain in België.
Intussen waren Alberta en Cis gearriveerd, later nog gevolgd door Christine en Leo.
Vandaar trokken de “die hards” naar de nieuwe begraafplaats van Ukkel. Eerst berg af langs de holle weg, over de spoorweg en dan weer berg op (lang de bolle weg zekers?). Eindelijk zagen we de begraafplaats en toen wist ik het al: dat wordt niks. Eenvormigheid troef. Dankzij Stefan zagen we toch nog enkele dingen die de moeite waard waren: een prachtig beeld van Paul Dubois. Joseph Diongre was de architect van het Flageygebouw. 
David van Buuren, mecenas. August Vermeylen, van het gelijknamige fonds. Zijn monument ziet er niet uit. Hallo Vermeylenfonds! Niet thuis zekers? 
Herman Boon was aalmoezenier op de luchthaven van Zaventem en op het graf Vanderborght, binnenhuisarchitect, zagen we een kopij van de piëta van Michelangelo. Bij het gaf van Julien Andries moest ons jarige ondervoorzitster An toch eens kijken of het beeld inderdaad van Van Reeth was. 
Vandaar ging het door de weiden naar het restaurant waar we door onze jarige An getrakteerd werden op een aperitief en nadien een voortreffelijk maaltijd konden nuttigen. Die maakte veel goed want eerlijkheidshalve: de begraafplaats van Ukkel kon mij helemaal niet bekoren, zeker niet na een topper als de Dieweg.
Jacques Buermans
 Foto’s Rina Reniers en Jacques Buermans