Nieuwsbrief Nr. 59 - januari 2011

Lierse begraafplaatsenMassale belangstelling


We dienden spijtig genoeg een aantal personen te weigeren want we zaten boven onze maximum. Niet minder dan 26 leden traden aan, de een al wat later dan de andere, te Lier. Voorzitter van de Lierse stadsgidsen Gommer Lemmens was onze gids. Gestart werd aan de begraafplaats Kloosterheide. Wat onmiddellijk opviel was de verzorgde entree met sanitaire ruimte. Heel wat anders dan bijvoorbeeld Schoonselhof maar in Lier kent men blijkbaar geen vandalen zoals in Antwerpen. Deze dodenakker werd opgericht na de Tweede Wereldoorlog.
Een eerste graf was dat van Bob Quisenaerts, voorzitter van Lierse voetbalclub. Wat verder zagen we een concessie die reeds aangekocht was en waar zich nog niemand in bevond. Er stond wel op “namaak verboden”! André Vrancken zorgde ervoor dat de klokken van de Zimmertoren terug naar Lier kwamen na een jarenlang verblijf in Amerika.
August Laporta organiseerde de Leuvense studentenbeweging. Herman Van der Poorten was advocaat en minister maar ook jarenlang burgemeester.
Op een soortement ereplein Louis Zimmer. Hij schonk alles aan de stad Lier en dit werd bijeengebracht in de Zimmertoren.
Schrijver Felix Timmermans kreeg een ereplaats met naast hem Ernest Van der Hallen, letterkundige. Hij zette het werk van Laporte voort. Oscar Van Rompaey was een, weinig gekend, kunstschilder die fortuinen vergaarde en die aan de stad Lier schonk om in een van zijn woonhuizen een museum te voorzien voor zijn werk. Zo geschiedde. Antoon Thiry was schrijver. Lucien Cabes was commandant van de eerste Belgisch-Nederlandse Zuidpoolexpeditie.
Vandaar ging iedereen met de nodige wagens naar de militaire begraafplaats aan de Mechelsesteenweg. We troffen er de fameuze kleerkastmodellen aan en op het eind een mooi monument van de Duitse kunstenaar Kolbe.
Dan te voet naar de oude begraafplaats aan de Mechelsesteenweg. Gestart werd met een gigantische sarcofaag. Links een beeld voor mevrouw van beeldhouwer Gerrits, rechts mijnheer van de hand van ene Bernaerts. Eerst genoemde beeldhouwer leverde aanzienlijk beter werk af dan zijn collega. Het was een ontwerp van architect Careels die vlakbij begraven werd.
Aan de overzijde een gietijzeren kruis dat wel eens een opknapbeurt kan gebruiken. De grafkapel Cools – Van den Wyngaert, met binnenin een altaar, was wel prachtig gerestaureerd. Schrijver Antoon Bergmann kreeg een immens beeld met bovenop de sokkel een buste van de schrijver. Voor hem een levensgrote dame die mij deed denken aan een vrouwelijk bestuurslid van vzw Grafzerkje. Een sarcofaag daarnaast was voor Ernest Bergmann, senator en consul.
Kunstsmid Louis Van Boeckel kreeg een eenvoudig grafmonument. Hij huwde drie maal, een laatste keer met een dame uit een café in Mortsel Rosa Grandry die niet bij hem begraven werd.
Een groot monument van recentere datum voor borstelfabrikant Charon. Op weg naar de uitgang kwamen we nog Arthur Van der Poorten, vader van Herman, tegen.

Een geslaagde dag die, door het merendeel van de Grafzerkjes, afgesloten werd met een maaltijd in een Lierse brasserie op het Zimmerplein. Voor velen bleek de maaltijd het hoogtepunt van de dag geweest te zijn. Het is natuurlijk zo dat we niet elke keer een An Hernalsteen als gids hebben en dat we ook niet elke keer een topbegraafplaats aandoen. Onze “zerkjes” hadden de weergoden aangesproken want het bleef de hele tijd droog.

Jacques Buermans

Foto’s Ria Vaes en Jacques Buermans