Nieuwsbrief Nr. 58 - november 2010

Allerzielenzoals steeds rond deze periode bedenkt ons lid Louis Van Dyck ons met een passende impressie.


Een zachte zonneglans weemoedigt tegen de kerkmuur. Het werkwoord “weemoedigen” heeft een dichter eens gebruikt en ik heb mij toen voorgenomen het bij gelegenheid over te nemen. Dat moment is er nu omdat het zo vaak de sfeer van het najaar weergeeft. Op de foto zie je naast enkele opstaande kruisen een gesplitste knotwilg. Hij staat op het kerkhof van Poelkapelle in de frontstreek van de 1e wereldoorlog. Omdat hij officieel beschermd is wordt hij ondersteund door staven en samengehouden met plastiekband. Heel symbolisch voor meerderen die hier liggen, wellicht jarenlang met zorgen omringd, maar uiteindelijk begeven. Eens de herfst in het leven binnenkomt verdorren de mogelijkheden en talenten tot er niets meer overblijft. Doden blijven veelal duidelijk aanwezig in afwezigheid, dat merk je aan de vele foto’s op de graven.

We naderen de dagen van ingetogenheid. Het opfrissen van zerken werkt dat gevoel nog meer in de hand. Later in de week kom ik bij valavond vóór het graf van mijn zoon Luk (1961 – 2005). Hier voel ik wat Alice Nahon kan bedoeld hebben met: “het deemstert in mijn ogen, het deemstert in mijn hart …”. Bij een kindergraf prijkt een reuze-vlinder. Hij verwijst naar de rups die verpopt tot vlinder en zo tot nieuw leven komt.

Een speciaal graf wil ik nog graag vermelden. Gewoon een arduinen plaat, waarop een bronzen muziekboek, dirigeerstokje erbij: “De dirigent speelt met het orkest, ’t orkest speelt met hem …”.

Allerzielen 2010

Tekst en foto : Louis Van Dyck