Nieuwsbrief Nr. 56 - juli 2010

Westerbegraafplaats Gentons lid Anne – Flor Vanmeenen zag “ons” An Hernalsteen in grote vorm


Week van de begraafplaatsen in Gent, dat staat weer garant voor een hele reeks interessante funeraire rondleidingen. De Westerbegraafplaats is daarbij uiteraard een klassieker, en om het boeiend te houden maakte onze gids An Hernalsteen er dit keer een ‘Cherchez la femme’ van… Na een kleine verplichte recapitulatie van de ontstaansgeschiedenis van dit ‘geuzenkerkhof’ voor de nieuwelingen (zie eerdere verslagen), trekken we enthousiast op pad om te zien welke interessante madammen de Wester te bieden heeft…

We vatten de tocht aan met een droevig verhaal. Bathilde Huet leerde voor onderwijzeres en had ambitie om non te worden. Die plannen worden echter opgeborgen wanneer ze Cesare Fredericq leert kennen die bij professor Huet filosofie studeerde. Ze kreeg zes kinderen en onderwees die ook zelf, maar blijkbaar was dat niet wat ze zocht in het leven. Langzaam kwijnde ze weg en ook de ‘verandering van lucht’ die ze opzocht in Frankrijk baatte niet. Ze stierf en kreeg hier een gedenksteen. Depressies zijn van alle tijden.

Een positieve noot vinden we bij weldoenster Eufrosine Spanooghe. Ze was weduwe na een kinderloos huwelijk. Ze erft een fortuin van haar broer en sticht daarmee een gelaïciseerde jongensschool. Op haar grafreliëf zien we verwijzingen naar het onderwijs, maar tussen de schoolse instrumenten ligt ook de passer van de vrijmetselarij.

Tijd voor een weetje bij het graf van Professor Laurent. Zijn vrouw was Marie Rosalie Tesch. Haar broer was een ondernemer en zocht grond voor een nieuwe fabriek. Via zijn zus en schoonbroer komt hij in Gent uit en zo werden de fundamenten voor wat nu Sidmar heet, gelegd.

Een persoonlijke ontboezeming krijgen we voorgeschoteld bij het graf van Henrietta Petronella van Duren uit Zutphen. Deze vrouw werd hoogst persoonlijk door An van de vergetelheid gered. Haar graf was overwoekerd geraakt en niemand wist nog dat daar iemand een grafplek had, tot Sherlock An de bijzondere ontdekking deed.

Daarna bewonderen we even een ‘wet T-shirt babe’. Op het graf van Henri De Gezelle staat namelijk een beeld van Jan Antheunis, getiteld ‘muze’. De kledij van deze welgevormde dame laat weinig aan de verbeelding over, sensualiteit op de begraafplaats: het kan.

We nemen ook even een kijkje bij Maria de Coster, de vrouw van Edward Anseele, die omschreven werd als ‘kloek en standvastig’. Helemaal het type voor zo’n bevlogen socialist. Zij was verantwoordelijk voor het naaiatelier Vooruit.

Een volgende anekdote borrelt op bij het graf van Jean Delvin. Als directeur van de academie voor schone kunsten, verleent hij vrouwen voor het eerst toegang tot deze instelling. Ze werden echter gescheiden van de mannen en mochten ook niet naar levend model tekenen vanwege het hoge risico op bezwijmen bij zoveel bloot…

An prikkelt vervolgens onze nieuwsgierigheid bij de rustplaats van Irene Van Santen Fuerison. Zij was een blinde componiste maar gaf tijdens haar leven geen werk uit onder haar naam. We zijn benieuwd hoe haar werk zou geklonken hebben. Vrouwelijk, blind en componist, geen alledaagse combinatie!

Volgende op onze route is Virginie Loveling, de bekende schrijfster. Zij was ook de tante van Cyriel Buysse die ernaast ligt. Deze man was een echt rokkenjager en verloor drie keer echt zijn hart. Een keer op zeer jonge leeftijd aan Leonie Fredericq. Later was Rosa Rooses zijn nummer één maar zij mocht niet huwen met hem. Tenslotte vond hij zijn geluk bij Nelly Tromp Dyserinck.

We maken het even stil bij het graf van Stefanie Drory, dochter van George, in onze streken gekend als directeur van de gloeikousenfrabiek. Ze trad in het huwelijk met de geleerde August Kekule, maar hun geluk was van zeer korte duur, ze stierf helaas in het kraambed.

Een prachtig symmetrisch Interbellumgraf trekt onze aandacht. Het is de rustplaats van Rosa de Guchtenaere. Het is een gedreven, vrijzinnige vrouw die zich vooral voor de Vlaamse taal heeft ingezet. Ze komt op voor de volksopvoeding, in het bijzonder voor vrouwen, en breekt een lans voor een volledige secundair onderwijs zodat de overstap naar een universiteit een mogelijkheid wordt.

Vervolgens vinden we de fameuze ‘koeketiene’ van Edward Anseele: Amelie Lyssen. Ze was weduwe van Jules van de Weghe, maar erg eenzaam zal ze dus wel niet geweest zijn…!

En passant bekijken we even een vrouwelijke sculptuur op een graf die er behoorlijk wulps uitziet. Een mooi zicht maar sereniteit was hier duidelijk niet de hoofdzaak. De vrouw als lustobject schopt het zelfs tot op de begraafplaats.

Een schrijvende dame die ons pad kruist, was Sophie Fredericq. Haar zoon, Julius Mac Leod trouwde met Fanny Maertens, eveneens een knappe kop. Ze vertaalde Russische anarchistische teksten waarmee ze haar neefje, Frans Masereel sterk beïnvloed heeft.

We houden halt bij het graf van Adela Fobe, gehuwd met Victor Schatteman die het tot burgemeester van Nevele schopte. Het koppel moet echter zeer ruimdenkend zijn geweest want de banden met vriend aan huis, August Dedeurwaarder, waren wel érg nauw. Zo nauw dat ze wellicht als inspiratie dienden voor ‘het trio’ dat in het werk van Buysse en Loveling figureert. Wat er ook van zij, Adela trouwde wel degelijk met August na de dood van Victor dus ze zullen het effectief wel goed met elkaar hebben kunnen vinden…

Daarna komen we toe aan het bewogen liefdesverhaal van Karel Lodewijk Ledeganck. Dit heerschap ontplooide zich als plaatselijke casanova, gezegend met literair talent. De gedichten aan aanbeden liefjes Elise en Geertruid worden ons geciteerd door An, voorzien van de immer kritische commentaar en enkele speculaties. Karel verliest uiteindelijk zijn hart aan Virginie de Hoon, maar eveneens aan haar zus Constance. Een bizarre knipperlichtrelatie is het resultaat, maar Virginie wint het pleit van haar zus en wordt ten langen leste toch Karels vrouw.

Tot slot staan we nog even stil bij het graf van Leonie Fredericq, het eerste liefje van die andere welbespraakte hartenbreker: Cyriel Buysse. Ze was vier jaar oud toen ze zijn zinnen al prikkelde, Cyriel was er duidelijk al vroeg bij!

En zo besluiten we deze gezellige, onderhoudende tocht langs de bijzondere dames van de Westerbegraafplaats. Driehoeksverhoudingen, minnaressen, heldinnen en femmes fatales: wie heeft ‘Mooi en Meedogenloos’ nog nodig? Begraafplaatsen moet je bezoeken!

Anne - Flor Vanmeenen