Nieuwsbrief Nr. 56 - juli 2010

Week van de Begraafplaatsen 2010: wel en weeheel veel belangstelling maar weinig “interactie” van onze leden


Wel: De Week van de Begraafplaatsen, verder WBP genoemd, is achter de rug. De samenwerking met Epitaaf vzw verliep meer dan positief, waarvoor hier mijn dank aan Anne Mie Havermans en haar ploeg.

Er werd, nadat Gent dit jaar voor de vijfde maal organiseerde en de stad Antwerpen voor een derde maal participeerde, beslist om alle Vlaamse gemeenten aan te schrijven. Ik mailde de meer dan 300 Vlaamse gemeenten en alhoewel de respons minimaal genoemd mag worden, acht gemeenten gingen op het voorstel in, waren dit toch niet de minsten als we naar de grootte van deze steden kijken: Brugge, Brussel (dat is natuurlijk Vlaanderen niet, maar wel een belangrijke speler in het geheel), Halle, Kluisbergen, Leuven (Vlierbeek), Lokeren, Menen en Sint-Niklaas. In deze steden kwamen 879 geïnteresseerden naar 44 rondleidingen. Dit is een gemiddelde van 20 deelnemers per rondleiding. In Borgerhout en Sint Niklaas waren er funeraire tentoonstellingen. Die konden rekenen op 220 deelnemers. Op Campo Santo was een samenwerkingsverband van de drie lokale toneelverenigingen. Onder de titel "Het Campo Santo herleeft" werden bekende en minder bekende figuren die er begraven liggen ten tonele gevoerd. Dit evenement trok bijna 400 aanwezigen. De gemeente Kluisbergen organiseerde een circuit dat op eigen kracht kon gedaan worden langs vier dodenakkers en de geïnteresseerden konden een brochure ophalen. Niet minder dan 2000 brochures werden uitgedeeld! In zijn totaliteit namen enkele duizenden mensen deel aan een of andere activiteit. Ik vind dit een succes.

Voor wat 2011 betreft zullen we verder samenwerking met Epitaaf vzw. We gaan echter wel trachten om een “andere” organisatie warm kunnen maken voor de WBP. Ik denk dan in de eerste plaats aan de mensen achter Open Monumentendag en/of de Erfgoeddag. Dit ligt toch in het verlengde van hetgeen wij beogen namelijk het stimuleren van de belangstelling voor funerair erfgoed.

Wee: Maar ook de leden van vzw Grafzerkje kunnen, mijns inziens, toch nog helpen om een beter resultaat te bereiken. Kijk verder eens onder “oproep, punt1”!

Wat ook kan is eens kijken of er geen leden zijn die in 2011 “iets” kunnen doen. Uiteraard ligt het zwaartepunt op gewone rondleidingen maar er kunnen ook dingen georganiseerd worden die misschien wel andere belangstellenden kunnen aanspreken. Dit jaar waren er enkele dichterswandelingen (Sint Niklaas en Schoonselhof) met als “topper” de performance van Antwerps stadsdichter op Sint Fredegandus Deurne en de reeds voornoemde tentoonstellingen. Maar mijns inziens is er toch nog meer mogelijk. Wie voelt zich geroepen om in 2011 “iets” te organiseren dat deel kan uitmaken van het programma van de WBP?

Wat mij ook een beetje ergert is het gebrek aan medewerking van onze leden inzake het neerpennen van een verslag. Kijk verder eens onder “oproep, punt2”!

Oproepen naar vzw Grafzerkjeleden toe:

  1. Ik keek eens na waar onze vzw Grafzerkje in het verleden reeds rondleidingen organiseerde en kwam tot de conclusie dat er minstens vijf rondleidingen georganiseerd werden … door leden van vzw Grafzerkje. Toch eigenaardig dat die niet inspeelden op eerdere verzoeken tot medewerking en dat “hun” steden en/of gemeenten niet deelnamen aan de WBP? Zij kunnen toch vanuit hun kunne: gids op een begraafplaats én lid van vzw Grafzerkje toch hun respectievelijke besturen aansporen tot deelname? Ik zal hen wel eens aanschrijven om toch te participeren in de WBP van 2011.
  2. Ik was her en der aanwezig op activiteiten van de WBP en ontmoette daar steeds andere leden van onze vzw Grafzerkje. Als ik jullie nu vertel dat er naast Leo Spiessens en Ludo Dieltiens, waarvoor mijn dank, en mezelf geen enkel verslag werd gemaakt dan ben ik wel ontgoocheld. Meer nog: enkele leden beloofden mij ten stelligste om een verslag te maken of om foto’s door te mailen. Iets van dat alles gezien? Neen dus. En dan klagen sommigen onder jullie dat het merendeel van de artikels over Antwerpen gaat of door ondergetekende zijn geschreven.
  3. Bij uitbreiding ervan is dit een “probleem” dat zich ook stelt over het gehele jaar door. Leden vertellen me dat ze die streek of gene stad bezochten en dat ze zulke prachtige begraafplaatsen, kerkhoven of kerken met graven ontdekten. Slechts zelden komt daar een verslag van. Dit hoeven geen bladzijden lange gedetailleerde verhalen te zijn maar dit kunnen ook “impressies” zijn: een kort verslag met één of meer foto’s is al voldoende (zie in deze Nieuwsbrief de verslagen van Tessenderlo, het graf van dokter Muylle en de begraafplaats San Michele in Venetië van respectievelijk René Mertens, Ludo Dieltiens en Johan Moeys). Laat alle leden van vzw Grafzerkje genieten van jullie funeraire ontdekkingen!
  4. Ten slotte een concrete, persoonlijke, oproep: zoals eenieder van jullie intussen weet ben ik echt geen fan van “groen” op begraafplaats. Ik vind nog altijd dat het “grijs” dient te primeren. Maar ik kwam al op begraafplaatsen waar er op een meer dan positieve wijze gebruik wordt gemaakt van de veelheid aan flora die er op een begraafplaats te vinden is. Ik denk hier dan aan Haarlem, Nederland. Dus ben ik altijd bereid om mijn, erg beperkte, kennis van de rijkdom aan fauna en flora op te vijzelen. Maar wanneer ik dan deelnam aan een wandeling “Schoonselhof als biotoop” (zie “pittig” verslag verder in de Nieuwsbrief) en zie dat het gezelschap bestaat uit 75% “experten” en dat ineens opgemerkt wordt “kijk hier het leeuwenbekje” gevolgd door 15 verrekijkers die inzoemen op dat “ding” terwijl de gewone sterveling, waartoe ik behoor, in hemelsnaam niet weet naar waar of naar wat te kijken en de gids van dienst enkel doet of het gezelschap enkel uit “experten” bestaat dan blijf ik op mijn honger zitten. Wanneer hij dan nog zegt dat fauna niet tot een biotoop behoord met als toppunt dat hij “acteert” dat er zich op Schoonselhof geen kikkers bevinden terwijl ik twee dagen later door een kikkerconcert gecharmeerd wordt op dezelfde plek dan dien ik te besluiten dat deze rondleiding mij, en de andere “simpele zielen”, niet bracht wat we ervan verwachten. Het is de tweede maal dat er door gidsen een natuurwandeling georganiseerd werd op Schoonselhof en geen van beide rondleidingen ging er langs één graf. Dus wie gaat deze uitdaging aan: een rondleiding op een begraafplaats, dient niet expliciet Schoonselhof te zijn, voor leken zodat de gids informatie geeft over de verschillende bomen en planten die men op de begraafplaats tegenkomt en zeker vertelt over de rijkdom aan korstmossen die dodenakkers rijk zijn. Ook de aanwezige dieren niet vergeten. Nu weet ik ook wel dat een konijn niet staat te wachten wanneer er een rondleiding passeert maar in de grachten zitten watervogels, op het domein lopen ganzen, eenden en een kolonie reigers en in de vijvers zitten vissen en “puiten”. En dan bedoel ik geen personen maar kikkers!

Jacques Buermans