Nieuwsbrief Nr. 54 - maart 2010

Edinburghdeel twee van een verslag van onze An Hernalsteen.


Onze An Hernalsteen trok naar Schotland en maakte volgend verslag. In deze Nieuwsbrief deel 2 (deel 1 in de Nieuwsbrief van januari 2010).

GREYFRIARS OFTE KUIFJE’S SPEURTOCHT NAAR HAAR BOBBY

In 1447 vestigden de Franciscanen zich in Edinburgh. Ze bouwden er hun kerk en klooster. Omdat Hendrik VIII niet mocht huwen met al zijn vrouwen en in onmin leefde met de paus, vluchtte de kloostergemeenschap naar veiliger oorden. In 1562 schonk Mary Queen of Scots het domein aan de stad met de bedoeling het overvolle kerkhof rond St. Giles te ontlasten. Pas vanaf 1658 hield men een begrafenisregister bij maar men schat dat tussen 1562 en 1900 hier ongeveer 100.000 een laatste rustplaats vonden. Geen wonder dus dat het er spookt, zelfs op klaarlichte dag. Een Sci-Fi televisiestation, dat een reeks wijdde aan plaatsen op de aardkloot waar je haren ten berge rijzen en waar kippenvel een vast onderdeel wordt van je huid, liet in één van de afleveringen Greyfriars opdraven als een “geestige” plaats waar onwaarschijnlijke, paranormale dingen gebeuren. Men weze gewaarschuwd, zonder kleerscheuren bezoek je deze dodenakker niet.

Sterke verhalen over lijkenpikkers, de zogenaamde verrijzenismannen, die de medische faculteit van studiemateriaal wilden voorzien en ’s nachts lichamen kwamen stelen, maken het kippenvelgevoel alleen maar erger. Om dit soort grafschennis te ontmoedigen, gebruikte men alle truken van de foor, sommige graven moeten eruit gezien hebben als een niet inneembare vesting.

JOHN MYLNE (1611-1667) Meester-metselaar, werkte voor de koninklijke familie. Hij ontwierp de Tron Kirk en bouwde een gedeelte van de Herriot School. Hij vertegenwoordigde Edinburgh in het Schots Parlement. Als we zijn epitaaf mogen geloven was onze John een ongelooflijk knappe man, door iedereen gerespecteerd want hij ging eerlijk en devoot door het leven.

ROBERT SYBALD (1641-1722) Volgde geneeskundige studies in Nederland en Frankrijk en stichtte het koninklijk geneeskundig college in Edinburgh. Hij schopte het tot lijfarts van Charles II.

De broers CLEMENT (+ 1580) en WILLIAM LITTLE (+ 1601) Hielpen mee de universiteit van Edinburgh stichten. Volgens het populaire griezelverhaal zijn de 4 vrouwenbeelden op het graf, de 4 weerzinwekkende dochters van William die hun vader vergiftigden. Volgens de met de 2 voeten op de grond staande Kuifje zijn ze de personificaties van de deugden, oa de rechtvaardigheid en de voorzichtigheid.

Voorzichtigheid gaan we nodig hebben want we naderen het graf van sir GEORGE MACKENZIE (1636-1691) Beter bekend als “Bluidy Mackenzie” want als rechter stuurde hij heel wat mensen richting galg. Omwille van al dat bloeddorstig gedoe werd hij na zijn dood gedoemd rond te zwerven als klopgeest. Wie Mackenzie tart en te dicht bij het monument komt, krijgt als beloning voor deze waaghalzerij: blauwe plekken, beten, builen en schaafwonden. Ik, de vermetele, die zelfs de euvele moed had om door de kieren van de deur te pieren, zag er na afloop dan ook “geblutst”uit.

PATRICK MILLER (1731-1815) Directeur van de Bank of Scotland, maar zijn ware hartstocht ging uit naar mechanische toestellen allerlei. Zo was hij ervan overtuigd dat stoom kon gebruikt worden om schepen aan te drijven en in 1778 paste hij dit innoverend principe met succes toe op één van zijn boten.

HENRY SIDDONS (1774-1815) en zijn echtgenote (HARRIOT 1783-1844) Een toneelspeler en zoon van actrice Sarah Siddons. Hij werd directeur van de koninklijke schouwburg van Edinburgh. Na zijn dood nam zijn echtgenote, eveneens actrice, het beheer over. Hun jongste zoon William, overleden in Dublin in 1837 werd overgebracht en hier bijgezet.

Sir JAMES MC LURGH Overleden in 1717, 68 jaar oud, weldoener en filantroop. De tekst op zijn graf zwaait met wierook dat het een lieve lust is, hier ligt een vermogend man want in zijn testament bedacht hij Jan en alleman met fantastische donaties.

Begraven in de uitbreiding van 1705

JAMES HUTTON (1726-1797) De vader van de moderne geologie. Startte rechtenstudies maar gaf die op om geneeskunde te studeren in Edinburgh, Parijs en Nederland. Hij behaalde zijn diploma in 1749 maar zijn echte grote passies waren scheikunde en geologie. Zijn theorie van 1785 ivm het ontstaan van de aarde sloeg in als een bom. Volgens James Hutton werd de aarde niet gevormd door de werking van de zee maar wel door het vuur nl vulkaanuitbarstingen.

JOHN DALRYMPLE Waarschijnlijk liggen hier John sr (1648-1707), eerste graaf van Stair en zijn zoon en opvolger John jr (1673-1747) begraven. John sr was één van de mannen die in 1688 Willem III van Oranje op de troon hielp. De kersverse koning stroomde over van dankbaarheid en beloonde John sr in 1689 met het postje van procureur des konings. Het ambt van staatssecretaris kwam er in 1691 nog eens bovenop. In 1703 kreeg hij van Queen Anne de titel van graaf. Hij speelde een cruciale rol bij het totstandkomen van de Treaty of Union in 1707 waardoor Engeland en Schotland een natie werden, Groot-Brittannië was geboren. John jr bracht een groot deel van zijn jeugd in Nederland door. In 1707 wordt hij verkozen als Schots parlementslid in het nieuwe Britse parlement. Naast een politieke loopbaan bouwde hij ook een militaire carrière uit en werd een medestander van John Churchill, hertog van Marlborough gedurende de Spaanse Successie oorlog. Tussen 1714 en 1720 was hij Brits ambassadeur in Frankrijk.

HUGO CUNNIGHAM OF BONITON Een mooi graf maar van de bewoners heb ik voorlopig nog geen informatie teruggevonden.

JAMES BURNETT, lord Monboddo (1714-1799) en zijn dochter ELIZA (1766-1790) Liggen in een niet gemarkeerd graf, bij de familie Grant begraven. Vader James was in zijn tijd een geliefd society figuur die met veel schwung een menuet kon dansen. Hij had voor die tijd ongelooflijke rare gewoontes en ideeën. Hij nam elke morgen, winter en zomer, een koud bad. Voor het slapen gaan smeerde hij zijn ganse lichaam in met een lotion bestaande uit Venetiaanse zeep, aromatische alcohol, rozenwater en olijfolie. Hij was ervan overtuigd dat mensenkinderen bij hun geboorte een staartje hadden dat na een paar dagen afviel. Zijn dochter Eliza was een gerenommeerde schoonheid en de rij huwelijkskandidaten die om haar hand vroegen was kilometers lang. Zij verkoos om voor excentrieke vader te zorgen.

Zij stierf, 24 jaar oud aan de “tering”

JOSEPH BLACK (1728-1799) Scheikundeprof. Ontdekker van koolzuur en van het principe van de “latente hitte” of “gebonden warmte”. Joseph Black werd geboren te Bordeaux waar zijn vader in wijn handelde. Hij studeerde geneeskunde in Glasgow. In 1750 kwam hij naar Edinburgh waar hij zijn chemische proeven startte. Alle frisdrank- en champagneproducenten mogen Black eeuwig dankbaar zijn want zonder Black geen bubbels en genen spuit.

Terug op de oude begraafplaats

WILLIAM ADAM (1689-1748) Bouwmeester, rust onder een ontwerp van drie van zijn zonen. William was een man van veel talenten. Hij pootte niet alleen gebouwen neer maar richtte ook verschillende brouwerijen op. Hij leerde de Schotten een koppig gerstebiertje drinken.

WILLIAM ROBERTSON (1721-1793) Historicus, rector van de universiteit van Edinburgh, stichtend lid van de Royal Society van Edinburgh.

WILLIAM SMELLIE (1740-1795) Drukker van opleiding die hogerop wou. In zijn vrije tijd bezocht hij de universiteit want botanica was zijn lust en zijn leven. Smellie was de uitgever van de allereerste editie van de Encyclopaedia Britannica.

ALEXANDER MONRO SR (1697-1767) en zijn zoon ALEXANDER JR (1733-1817) Beiden proffen anatomie. Junior ontdekte een kleine opening in de hersenen. Dit gaatje gaat nu met de naam “opening van Monro” door het leven.

Familie CHIESLIES OF DALRY Monument dateert van 1679.

WILLIAM CARSTARES (1649-1715) Zijn vader week omwille van religieuze overtuigingen uit naar Nederland vandaar dat William studeerde in Utrecht. Hij ontmoette er Willem III van Oranje die hem engageerde als spion. Tijdens zo’n spionagemissie werd hij gesnapt en gefolterd. Maar als een ware James Bond hield hij de kaken ferm op elkaar en men kon niet anders dan hem zijn vrijheid terug schenken. Hij keerde terug naar het veiliger Nederland. In 1688 kwam hij, in het gezelschap van Willem III van Oranje terug naar Schotland. In 1703 benoemde men hem tot rector aan de universiteit van Edinburgh.

Familie SCOTT Een kleine roze plaat markeert het graf van verschillende leden van de familie Scott. Walter Scott (1729-1799) advocaat, rechtsgeleerde en vader van de iets bekendere Sir Walter Scott werd hier bijgezet.

NATHANIEL GOW (1766-1831) en zijn zoon NEIL (1795-1823) Beide musici en componisten.

DUNCAN FORBES OF CULLODEN (1685-1747) In zijn jonge jaren een drankorgel en gokker. Maar hij beterde zijn leven, mocht in het parlement zetelen en werd in 1737 benoemd tot voorzitter van het hoogste civiele gerechtshof. Hij reorganiseerde het Schotse rechtssysteem.

ALLAN RAMSAY (1686-1758) Een pruikenmaker die zich ontpopte tot dichter en boekhandelaar. Hij opende de eerste uitleenbibliotheek op Britse bodem.

Kreeg eveneens een gedenkplaat tegen kerkmuur COLIN MACLAURIN (1698-1746) Wonderkind en wiskundige. Reeds op 11-jarige leeftijd schreef men de knaap in aan de universiteit van Glasgow. Toen hij 14 jaar oud was, studeerde hij af na als thesisonderwerp de zwaartekracht gekozen te hebben. In 1717 benoemde men hem tot prof wiskunde aan de universiteit van Aberdeen. Op die manier, en het record bleef op zijn naam staan tot in 2008, werd hij de jongste prof ooit.

Buiten de oude ommuring, op de uitbreiding, onder een grote boom

WILLIAM CREECH (1745-1815) Uitgever en boekhandelaar. Publiceerde het werk van oa filosoof-economist Adam Smith (begraven op Canongate), filosoof David Hume (monument op Old Calton) en Rabbie Burns, de nationale dichter van Schotland (begraven te Dumfries).

Terug op de oude begraafplaats

GEORGE BUCHANAN (1506-1582) Deze man ligt waarschijnlijk hoofdloos in zijn graf want zijn schedel werd later ontgraven en overgebracht naar de universiteitsbibliotheek. Hij werd de privé-leraar van de jonge James Stewart, graaf van Moray (cfr St-Giles) maar Buchanan schreef een aantal gedichten waarin hij de katholieke kerk hekelde waarop men hem prompt arresteerde. Hij kon ontvluchten naar Bordeaux waar hij als prof Latijn werd aangesteld. Later ging hij lesgeven op het Iberisch schiereiland, kreeg het daar aan de stok met de inquisitie en verdween opnieuw achter slot en grendel. Eénmaal terug in Schotland werd hij de persoonlijke leraar van de toekomstige koning James VI. ELIZABETH PATON Voorlopig een illustere onbekende of ligt hier, wat ik sterk betwijfel, DE Elizabeth Paton, het dienstmeisje ten huize Burns waar onze Rabbie een affairken mee had, met als natuurlijk gevolg een buitenechtelijke dochter.

JOHN PORTEOUS (+ 1736) Zoon van een kleermaker die voorbestemd was om de zaak van zijn vader over te nemen. Hij was zo onhandelbaar dat vaderlief hem naar het leger stuurde. Hierdoor verbleef John enige tijd in Holland met zijn Schots-Nederlandse brigade. Na zijn terugkeer in Edinburgh werd hij in 1726 bevorderd tot kapitein. Tien jaar later kwam hij op een gewelddadige manier om het leven, men lynchte hem tijdens een volksopstand.

In de crypte onder het grasperk bevindt zich de laatste rustplaats van JOHN MEDINA (1659-1710) een Spaans portretschilder die in 1707 door Queen Anne geridderd werd.

THOMAS BANNATYNE (1570-1635) Een rijke handelaar maar wat is kapitaal waard “What is life? A shadow, a smoke, a flower”

JAMES DOUGLAS (1516-1581) De vierde graaf van Morton was regent van Schotland tussen 1572 en 1578. “The Maiden” (een voorloper van de guillotine) maakte hem een kopje kleiner. Zoals de traditie het vereiste prikte men het hoofd aan een speer en men kon het gaan bewonderen aan de Netherbow poort. Pas 18 maanden later schonk men het hoofd terug aan de rechtmatige eigenaar.

ARCHIBALD PITCAIRNE (1652-1713) Arts, stichter van het koninklijk geneeskundig college. Prof in de fysica aan de universiteit te Leiden. Volgens het populaire verhaal was Archibald zeker tweemaal per dag stomdronken. Hij wou begraven worden met een aanzienlijk aantal wijnflessen. Men mocht alleen het graf openen en de wijn soldaat maken als er opnieuw een Stuart op de Schotse troon zat. Normaal ligt het voorraadje dus nog altijd in de kist.

JAMES CRAIG (1744-1795) Bouwmeester, urbanist, ontwerper van de New Town en bouwer van de Gothic Observatory op Calton Hill.

DUNCAN BAN MACINTYRE (1724-1812) Een soldaat-dichter. Na zijn militaire carrière ging hij aan de slag als boswachter. Na 20 jaar verliet hij zijn bossen en trok naar Edinburgh waar hij illegale whisky stookte. Hij leerde nooit lezen of schrijven en werd toch één van de belangrijkste “Gaelic” dichters. Zijn monument werd in 2005 gerestaureerd.

MARTYR’S MONUMENT het monument voor de Covenanters of de Schotse Presbyterianen. Dit is een reconstructie want het oorspronkelijke staat in het Huntley House museum.

WILLIAM RITCHIE (1781-1831) Initiatiefnemer en uitgever van de krant de Scotsman rust in een niet gemarkeerd graf.

HENRY MACKENZIE (1745-1831) Rechtsgeleerde en procureur. Schreef essays, novellen en toneelstukken.

JOHN GRAY (1813-1858) Een politieagent die stierf aan TBC. Niets fenomenaals gaan jullie zeggen maar deze man is aan de vergetelheid onttrokken door zijn Skye terriër Bobby, die zijn meester naar het kerkhof begeleidde en het graf 14 jaar lang bewaakte.

En oef eindelijk, Kuifje vindt haar BOBBY of toch niet want toen het hondje stierf, liet het bestuur van Greyfriars niet toe dat het in gewijde grond begraven werd. De trouwe viervoeter werd onder een grasveldje tegen een muur begraven. In 1981 werd dan uiteindelijk toch een monumentje opgericht door de Dog Aid Society.

Dit verslag is bijlange niet volledig maar soms ziet men door de bomen het bos niet meer. Nog heel wat figuren hebben hun geheime ligplaats tijdens mijn urenlange dwaaltocht niet prijsgegeven en liggen dus nog ergens op Greyfriars. De Zerkjes en Terebinthers die in mei de Schotse begraafplaatsen onveilig zullen maken en die denken over een speurende neus te beschikken: ik heb nog een waslijst namen thuis liggen, iedereen die zich geroepen voelt Sherlock Holmes achterna te gaan, geef mij een seintje en diegene die het graspolletje weet te vinden waar Bobby nu echt gedumpt werd, die krijgt van schrijfster dezes een zoen.
 

Tekst :Kuifje, ofte An Hernalsteen
Foto : Dirk Joos