Nieuwsbrief Nr. 44 - september 2008

Karel Van den Oever en zijn grafOns lid Louis Van Dyck zet zich reeds jaren in voor het onderhoud van enkele graven op Schoonselhof


   
Recent deed hij het nodige voor het graf van Karel van den Oever op de begraafplaats van Berchem. Wat laten Louis zelf aan het woord :
 
Reeds vele jaren liggen meerdere leden van het kroostrijk gezin Van den Oever op de begraafplaats te Berchem (Antwerpen).
De bekendste telg is dichter Karel Van den Oever. Hij is namelijk de schrijver van het beroemde gedicht « Dinska Bronska », dat gaat over een Pools meisje uit Plocka dat naar Antwerpen kwam om in te schepen richting Amerika. De boten met de rode ster in ‘t vaandel waren bij landverhuizers zeer gekend.
Ik kan het niet laten het gevoelsvolle gedicht, een weinig ingekort, hierbij af te drukken. Wie zich weleens in lektuur over landverhuizers heeft verdiept, begrijpt des te beter de gemoedstoestand van Dinska Bronska.
Niet alleen Karel was een gevoelsmens ; de ganse familie leefde sterk met mekaar mee. Een voorvalletje toen Karel moest gaan loten voor zijn militaire dienst, illustreert dat weer eens. Zoals jullie weten : « er uit geloot » = geen dienstverplichting. « er in » = soldaat worden. Maanden op voorhand bibberde het huishouden. Vele kaarsen bibberden met hun vlam mee voor een heiligenbeeld. Op de bewuste dag trok Karel naar het stadhuis, de familie bleef buiten wachten. Stan (broer van Karel) stond iets dichter bij de poort waar Karel uit zou komen. Op het moment dat hij Karel ziet, roept Stan naar de familie : « hij is er uit » ; bedoelend hiermee : hij i suit het stadhuis, nu gaan w’ het weten. De familie, denkend dat hij er uit geloot is, juichte en danste. Intussen vernam Stan de uitslag en riep « ja maar, hij is er in !» Toen kreeg Stan daar van zijn grootvader een patat in zijn gezicht en dat nog wel in ‘t midden van de Grote Markt. De sterk ontgoochelde Karel liep meteen naar de kathedraal en voor zijn heilige-beschermer riep hij « voor u bid ik nooit meer ! » Een vervanger werd gekocht voor +/- 2000 bfr.
Tijdens de eerste wereldoorlog verbleef Karel in Nederland maar heeft menig keer gedacht : hoelang is mijn plaatsvervanger misschien al gesneuveld in mijn plaats,
Karel Van den Oever werd geboren in 1879 en stierf in 1926. De recentste bijzetting in het familiegraf dateert van 1953. Hij bleef ongehuwd. Het graf is ruim en nog degelijk van opbouw ; wel sterk vervuild. Toen ik een paar jaar geleden het officiële bericht van verwaarlozing bij het graf vond, rijpte de gedachte het graf eigenhandig op te frissen, uit dankbaarheid voor de mooie gedichten welke hij ons naliet.
De opkuis heeft heel wat uren werk gevraagd, ik deed het graag ! Waar voorheen een dikke laag plastiekbladen de bodem bedekte, met er boven een vracht kiezelsteentjes – en veel onkruid – ligt nu een omgespit en gerijfd veldje. ‘t Is de bedoeling er enkele rijen planten in te zetten, met een middenstrook kleurrijke bloemen. Hiervoor wacht ik echter tot ik het peterschap over het graf definitief bekom. Een familielid van Karel zou intenties hebben. Die zijn echter enkele jaren oud en bleven tot op heden zonder gevolg.
 
Tekst jacques Buermand en Louis van Dyck
Foto's : Jacques Buermans
Juli 2008.
 
P.S. : ik hoop van harte dat Louis Van Dyck er in slaagt om het peterschap voor deze concessie te verwerven hij deed ten slotte al het werk. Zoals hij zegt betonen nabestaanden van Karel Van den Oever  eveneens interesse en normaliter vind ik dat nabestaanden voorrang dienen te hebben maar zij hebben nog nooit één vinger uitgestoken om het grafmonument te fastoeneren en Louis wel ! (Jacques Buermans)
 
Dinska Bronska (door Karel Van den Oever) ingekort :
 
Zij kwam uit Plocka
Zij rook naar knoflook en spar.
Zij droeg laarzen
en ging zeer zwaar en gauw.
In het hotel « Lapland » zat zij
bij een tafel aan het straatraam.
Zij schreef een brief.
Een haarlok viel laag op haar rode kaak
en zij stak haar tong uit,
want ze schreef moeilijk die brief
en daaronder Dinska Bronska haar naam.
Ze stak ook de penstok in haar mond …
… op het papier waren een inktvlek
en groot gestompel van letters.
Zij kocht het voor vier centiem
in de kruidenierszaak over het hotel.
Er was een beetje inkt aan heur kaak.
O Dinska Bronska, gij vertrekt naar Cananda
de stoomboot wacht aan de kaai.
Gij las op een almanak der red Star Line
dat Canada grotere appels
en hoger en geler koren heeft dan Plocka.
Het moet in Canada veel beter zijn.
O, Dinska Bronska met je dikke vingers
je schrijft zo moeilijk die brief.
Er zit ‘n tranenveeg, o zo verdrietig
van je blauwe ogen
naar je mond.
O, Dinska Bronska