Nieuwsbrief Nr. 37 - september 2007

Tentoonstelling “Vers l’ Avenir”vzw Epitaaf toonde een onbekend aspect van het funeraire


De Open Monumentdagen die in Brussel op 15 & 16 september plaatsvonden organiseerde vzw Epitaaf een tentoonstelling “vers l’ avenir”, van fotografie tot grafkunst, het artistieke proces belicht. Tevens een gelegenheid om het Museum voor Grafkunst in het voormalig atelier Ernest Salu met een hernieuwd bezoek te vereren. Het geheel werd door vzw Epitaaf keurig gerestaureerd. Bij het binnenkomen viel de wintertuin op met een lichtkoepel die het daglicht optimaal doorlaat zodat het tentoongestelde optimaal tot zijn recht komt. In een tweede zaal stonden een eveneens een aantal gips- en andere modellen opgesteld. Het eigenlijke atelier, waar op een bepaald moment niet minder dan 40 vakmensen aan het werk waren, ziet er uit alsof het gisteren voor het laatst in gebruik was. Op de bovenverdieping stonden, afgesloten, een groot aantal gipsen opgesteld. In de tentoonstellingsruimte werden een aantal voorbeelden aangehaald van het tot stand komen van een funerair beeldhouwwerk. Op keurige “affiches” werd telkens de nodige informatie verstrekt. Daarnaast een aantal foto’s uit het belangrijke fotoarchief dat in het atelier Salu bewaard wordt. Men start van een “levend” model, dikwijls gebruik makend van de nodige “hulpstukken” om de exacte positie te verkrijgen. Eens dit geklaard is wordt gestart met een volgende fase: het eigenlijke beeld wordt eerst op schaal gemaakt in was en klei dan op ware grootte dikwijls in gips waarna het uiteindelijk in steen en brons vervaardigd wordt. Er was zelfs een voorbeeld bij waar een grafmonument, in gips, op ware grootte op de begraafplaats geplaatst werd om aan te tonen aan de opdrachtgevers dat het monument beter aan de overzijde van de weg zou kunnen staan wegens: minder in de schaduw staand en minder last van de bomen. Deze tentoonstelling maakte ons toch weer heel wat wijzer van een facet van de grafkunst dat ons toch om zo te stellen onbekend was of toch onvoldoende gekend was.
 
Ria Vaes & Jacques Buermans