Nieuwsbrief Nr. 32 - november 2006

Tante Kato ging op reis En ze zag de mummie van Ramses II


* User Mat-Re Setep-en-Re Meri-Amon * ca 1303 BC - ca 1213 BC * Caïro, Egypte *

Je bent in Caïro en je bezoekt uiteraard het Egyptische Museum, waar de mooiste stukken uit ‘s lands verre verleden tentoongesteld worden. Er is zo veel te zien dat sommigen het een uitdragerswinkel noemen. Op museaal vlak kan inderdaad een en ander beter en daar wordt aan gewerkt. Nochtans ... over het nieuwe museum praat men al jaren en praat- en bouwwerken kunnen nog lang aanslepen.

Ik neem u graag mee naar de speciale afdeling van de koninklijke mummies. Daar is het serener, rustiger en overzichtelijker dan in de rest van het museum. Er worden geen groepen toegelaten, je moet een aparte inkom betalen (destijds ca. 11 € pp), zachtjes praten en er mogen geen foto’s genomen worden. Er heerst een constante temperatuur van 22° C en een sfeervolle gedempte verlichting. De ruimte is een oase van rust in het overvolle museum van deze hectische stad. In glazen kisten worden 11 mummies tentoongesteld, waaronder de beroemde Ramses II, de farao (1) waaraan Yul Brunner in de “Tien Geboden” op een onvergetelijke maar historisch onjuiste manier gestalte gaf. Alle historici zijn het er over eens dat Ramses II de grootste farao was. Zijn leven en 77-jarig bewind hier ook nog eens uit de doeken (hm !) doen, zou dit artikel véél te lang maken. Hierna de turbulente avonturen van mummie-Ramses. Zeg nog eens dat de éne mummie gelijk is aan de andere !

De 90-jarige farao werd zoals het hoort begraven in de Vallei der Koningen. Ongeveer 120 jaar na zijn dood werden verschillende koninklijke graven geplunderd en de betreffende mummies herbegraven in een makkelijker te bewaken tombe, namelijk die van Ramses’ vader en voorganger Sethi I. Dergelijke plunderingen en de daarmee gepaard gaande verhuizingen gebeurden in de oudheid nog minstens twee keer. Tot ze onderdak vonden in de eenvoudige bergplaats, die in de 19de eeuw ontdekt werd. Ramses II en gezelschap werden naar Caïro overgebracht en kregen als voorlopige thuishaven een stoffige vitrinekast. Maar de grote farao moest nog officieel geïdentificeerd worden (1896). In aanwezigheid van 17 ministers en hooggeplaatsten werd de mummie uitgekleed. De heren stonden zo zenuwachtig te drummen dat Ramses op de grond viel. In 1935 kwam een aantal mummies -en niemand weet waarom- terecht in de ambtswoning van de gouverneur. Er zijn leukere manieren om je salon te versieren ! Ramses II, weg ermee : eerst naar een leegstaand mausoleum en daarna naar het museum.

Wegens de hoge vochtigheidsgraad van Caïro en de slechte bewaaromstandigheden begon Ramses te stinken of zoals kenners zeggen : “de mummie is ziek”. We schrijven dan 1976 en Ramses was al zo’n 3189 jaar mummie ! De gereputeerde Franse egyptologe Christiane Desroches Noblecourt werd de redster van de zieke. Ze kreeg toestemming van de presidenten Sadat en Giscard d’Estaing om de mummie in Parijs te laten verplegen. Per militair vliegtuig werd de farao naar Frankrijk overgevlogen waar hij op de luchthaven officieel als staatshoofd verwelkomd werd. De Française zorgde ervoor dat de ambulance-corbillard langs de obelisk van de Place de la Concorde reed zodat Ramses één van zijn Luxor- pronkstukken kon terugzien.

In een steriele zaal van het Musée de l’Homme werd, onder het waakzame oog van een Egyptische deskundige, gedurende 7 maanden aan Ramses gewerkt. Maar liefst 110 medewerkers, waarvan 63 wetenschappers onderzochten zijne koninklijke hoogheid. Uit de onderzoeken bleek dat zijn rug onder de schimmel zat waarvoor radio-sterilisatie vereist was. De linkerhand vertoonde sporen van vernieling, veroorzaakt door een eeuwenoude roof en werd netjes hersteld. Men wou meer te weten komen over Ramses en hiervoor deed men oa beroep op het Franse textielinstituut en het huis L’Oréal. Resultaten van de analyses : Ramses was 1,75 m groot, van het blanke type en had een haviksneus. De laatste jaren van zijn leven leed hij aan een reumatische ontsteking van de wervelgewrichten waardoor hij voorovergebogen liep. Uiteraard had de bijna-eeuweling witte haren maar hij kleurde ze met henna waardoor zijn flamboyante natuurlijke roodharigheid nog meer in de verf gezet werd. Iets vrij opmerkelijk want roodharigen hadden in de oudheid iets demonisch.

Die 7 maanden in Parijs werd de mummie met de grootste waardigheid behandeld. Geen moment werd uit het oog verloren dat het een koning betrof. In 1977 vertrok Ramses terug naar Caïro en hij rust er nu in ideale omstandigheden, tot er weer een verhuis gepland wordt...
(1) De koningstitel farao is een bijbelse benaming, nu algemeen verspreid.
 
Tekst en foto's : Tante Kato