Nieuwsbrief Nr. 31 - september 2006

Media Vita: Funeraire reis door Zuid-Engeland & LondenEdgard Nelissen & Marie Claire Van der Smissen geven hun impressie van de Terebinthtrip


Begin augustus een weekje met onze Nederlandse vrienden van “De Terebinth” in Londen geweest.  Vermoeid, maar voldaan en nagenietend, terug thuis gekomen.
Wisten al dat Rindert Brouwer en Jeannette Goudsmit funeraire professionals zijn die er een erezaak van maken om hun deelnemers optimale omstandigheden aan te reiken op hun ‘ontdekkingsreis’. Zij hebben dit in Engeland opnieuw bewezen.
 
Detail en beschrijving van alle begraafplaatsen moet je in dit verslag niet verwachten.
Rindert en Jeannette deden dat werk immers tijdens hun voorbereiding en maakten voor de reizigers een uitgebreide handleiding van bijna 200 pagina’s. In hun boek vind je eerst een korte historiek over hoe de Engelsen hun doden doorheen de tijd begraven. En daarna krijg je per begraafplaats een duidelijke situatieschets met historische kadering en beschrijving van de meest relevante topics die je best in je wandeling opneemt. Een aanrader !


Zuid-Engeland

 
Het aan de kust gelegen Hythe vertegenwoordigde Zuid Engeland op de heenweg naar Londen, rol die in het terugkomen was weggelegd voor het ‘vroegere’ pelgrimsoord Canterbury.
Achter de op een heuvel gelegen parochiekerk van Hythe ligt een echt typisch Brits kerkhof in een grasweide met verweerde grafstenen.  Niet typisch maar uitzonderlijk, is het knekelhuis in de crypte van de kerk. Schedels, beenderen en botten van duizenden doden kregen hier in de middeleeuwen een tweede begrafenis toen zij plaats moesten maken voor nieuwe doden op het volle kerkhof.
 Bij goed weer hadden we hier schitterend zicht op de zee moeten hebben, maar mist vertroebelde het beeld. Dit werd tijdens het vervolg van de reis gelukkig wel ruim goedgemaakt met droog en zonnig weer en slechts enkele druppels regen.
Het middeleeuwse Canterbury heeft zijn kathedraal en zijn Canterbury tales. Geoffrey Chaucer laat in deze middeleeuwse vertellingen pelgrims van allerlei pluimage van Londen naar Canterbury trekken en verhalen vertellen op weg naar het schrijn van de eind 12° eeuw vermoorde en heilig verklaarde aartsbisschop Thomas Becket.
In de imposante kathedraal zijn niet alleen een 50-tal aartsbisschoppen begraven maar ook koninklijke namen zoals koning Henry IV. Wij genoten het meest van een minutieus restauratieproject in uitvoering aan de beschilderde overkapping van de graftombe van kroonprins Edward, de Zwarte Prins, die in 1376 overleed.


Londen - Magnificent Seven


Klemtoon van de reis lag uiteraard op de Londense “Magnificent Seven” - Abney Park, Brompton, Highgate, Kensal Green, Norwood, Nunhead en Tower Hamlets.
Het zijn de begraafplaatsen die vanaf 1830, verplicht buiten Londen, door privé-ondernemingen worden uitgewerkt met alle pracht en praal om de rijke dode Londenaar, liefst met een stevige winst, te begraven. Hun ontwerp werd veelal gebaseerd op de toenmalige romantische idealen rond natuur en oude (Egyptische) beschavingen.


De ondernemingen namen in feite het toen al gekende concept van Père Lachaise over maar de nadruk kwam in Engeland, meer dan in Frankrijk, te liggen op de natuur.
Winstgevendheid bleek uiteindelijk niet haalbaar op langere termijn. Vandaar kwamen jaren van verval, verwaarlozing en verwildering. De mens greep later gelukkig opnieuw in en zo ontstonden in de tweede helft van vorige eeuw op de meeste plaatsen de nu nog actieve verenigingen van ‘Cemetery Friends” die restaureren en conserveren.
Zo zagen we op het eerder bescheiden Tower Hamlets een grote groep jongeren zich inzetten om het woekerende groen een beetje binnen de perken te houden.

Highgate blijft onze absolute topper … maar … op het mooiste, trouwens ook betalende, deel zijn de reglementen dan weer wel zeer rigide en stroef. Je wandelt er echt niet waar je wil! Het beruchte boegbeeld Mrs Pateman blijft hier immers met ijzeren hand regeren. Troosten ons maar met idee dat haar intenties alvast nobel zijn.

Interessante, voor ons tot dan onbekende, begraafplaats was Brompton Cemetery.
Groene jongens en meisjes kunnen er terecht en van Old Brompton Road naar Fullham Road wandelen in een oase van groen en funeraire architectuur. Volgens lokaal plan staan er meer dan 50 verschillende soorten bomen. Niet geteld maar wij geloven dat zondermeer.

Londen – Andere begraafplaatsen


Londen telt meer dan 100 begraafplaatsen en wij deden ze (gelukkig) niet allemaal.
Een must is natuurlijk Westminster Abbey, het prentenboek van de Engelse geschiedenis.
Ontelbaar zijn de beroemde Britten die hier begraven liggen of herdacht worden.

Bunhill Fields is de enige overgebleven oudere begraafplaats (17° eeuw) binnen het Londense centrum. Het vormt nu een klein park van steen en groen binnen de stad en wordt ’s middags door lunchende Londenaars als picknickplaats bijzonder gewaardeerd. De nacht blijkt dan weer voorbehouden aan de vossen die op zoek naar een comfortabel hol, dusdanig wroeten dat menselijke ‘bones’ aan de oppervlakte komen.

Al in een vroegere nieuwsbrief (2002) lieten wij weten dat Golders Green een schitterende herdenkingstuin is en dat we hier nog een keer terug wilden komen. Wel we waren er terug.
Een meevaller van formaat om in het zonnetje te kunnen middagmalen in het tuintje van de kleine lunchgarden van de ‘zaak’. Kregen nu bovendien ook nog de gelegenheid om het crematorium in werking te zien. Het verbrandingsproces van het menselijk lichaam blijkt anderhalf tot twee uur te vragen. Wij zagen een proces dat tegen zijn einde liep. Uiteindelijk zou er een goede 3 kg as overblijven.

Londen – Vrije tijd


Alhoewel geen fans van de Ibis keten moeten wij eerlijkheidshalve zeggen dat hotel Ibis London Excel in de vernieuwde Docklands aan Royal Victoria Dock zijn geld waard was. Restaurants en winkels in omgeving waren dik in orde. Centrum Londen bovendien goed bereikbaar met de Docklands Light Railway en de metro. Reken op circa 45 minuten.
Schrijver/journalist Andrew Martin werd een toevallige ontdekking. Kochten ter plaatse immers zijn paperback omdat het verhaalde over enkel fictieve moorden rond 1903 binnen het kader van “The Necropolis Railway”. Dit was een werkelijk bestaande spoorlijn die tijdens de periode van 1854 tot 1941 dode Londenaars vervoerde naar Brookwood Cemetery. Kon kiezen voor eerste, tweede of derde klasse. Het boek is bovendien goed opgebouwd en geschreven. Besluit : volgende jaar op onze vakantie Brookwood Cemetery in programmatie opnemen.

Ander boek, meegebracht uit Vlaanderenland, dat enkele avonden werd opengeslagen is het in het Nederlands vertaalde boek “Rigor Mortis” van de Amerikaanse Mary Roach. Behandelt in een 12-tal hoofdstukken de lotgevallen van de doden. Misschien lijkt het wat morbide en bizar maar met voldoende respect en terughoudendheid geschreven over onderwerpen zoals chirurgen die leren opereren op hoofden van lijken, menselijke dummy’s in botsproeven, het experimenteren met kruisigen, medisch kannibalisme, …

Omdat de ijzeren Mrs Pateman op Highgate opnieuw niet om te praten was en weigerde om ons de graven te tonen van de familie Rossetti en Lizzy Siddal trokken we op een vrij moment naar de Tate Britain om daar de schitterende werken van de Pre Raphaelite Brotherhood te bekijken. De PRB werd opgericht in 1848 en dus tijdgenoten van de ‘Magnificent Seven’.
Bekendste schilders zijn Dante Gabriel Rossetti, John Everett Millais en Edward Burne-Jones. Zij vernieuwden de Engelse schilderkunst. Hun onderwerpen ontleenden zij meestal uit de literatuur van Keats en andere Shakespeares. En technisch gebruikten zij duidelijke heldere kleuren op een witte natte ondergrond. Waardoor hun werken nu nog glinsteren als email.

Graag hulp bij onze volgende “Engelandreis”


Gaan volgend jaar via Normandië en Bretagne naar de kanaaleilanden Jersey en Guernsey.
Vandaar naar Cornwall & Devon en dan verder naar het al hierboven genoemde Brookwood Cemetery. Zo verder naar Cambridge om via Harwich en Hoek van Holland terug naar huis te komen. Interessante funeraire tips op deze route of in de omgeving zijn welkom op [email protected].
Alvast bedankt.

Tekst en foto's : Edgard & Marie-Claire Nelissen-Vandersmissen.