Nieuwsbrief Nr. 31 - september 2006

Cherchez la femme op de WesterbegraafplaatsHernalsteen met Tupperwarepot zocht naar “zeldzame” vrouwen


Een zonnige zondag op de Westerbegraafplaats. Een dertig personen, waaronder enkele leden van de vzw Grafzerkje, gingen in op de uitnodiging van An Hernalsteen om mee de vrouw op de Westerbegraafplaats te gaan zoeken. Al van bij de aanvang bleek hoe gedresseerd de deelnemers aan funeraire activiteiten van An wel zijn want vooraleer An aan haar sigaretje kon trekken, vooraleer er één woord gesproken was stonden ze al klaar met hun centen in de hand om het beruchte “Tupperwarepotje” te spijzen. Ook die ene man die met de nodige schroom naar An belde om te vragen of op de wandeling ook mannen toegelaten waren. Na de verplichte plichtplegingen toog het bonte gezelschap op pad. Een eerste verhaal kregen we bij ene Marie Comparé. Deze erfgename van een lijnwaadhandelaar huwde ene Jacques Fredericq. Samen kregen ze een aantal kinderen maar na het overlijden van haar echtgenoot kreeg ze nog een kind Karel. In plaats van, wat toen normaal was, in de grond te zinken van schaamte nam ze het voor dit “bastaardkind” op. Ze hertrouwde later met Herman Loveling die Karel erkende als zijn zoon. Samen kregen ze nog drie kinderen: Pauline, Rosalie en Virginie. Zeker niet onbekend. Vandaar was het maar een stap verder naar Euphrosine Spanoghe. Zij schonk haar fortuin aan de stad Gent en het geld diende aangewend te worden voor de bouw van een jongensschool. Aan de familie Laurent heeft, volgens onze grote roerganger, de stad Gent Sidmar aan te danken. Bij Edward Anseele bleek dat moeder Anseele die instond voor de opvoeding van haar kinderen wenste dat al haar kinderen onderwijzer werden. Alleen bij Edward lukte dit niet. Die Edward huwde met ene Maria De Coster. An vertelde dat bij de voorbereiding van haar rondleiding enorm veel informatie te vinden was over, in dit geval, Anseele en dat in de biografieën tonnen informatie over de man te vinden was. Over Maria De Coster één zin: “zij is kloek en doet het huishouden”.
An stond ook stil bij de laatste rustplaats voor Jean Delvin. Een man begot op een vrouwenwandeling? Wat bleek. Deze kunstschilder werd directeur van de academie en liet als eerste vrouwen toe. De dames mochten echter nog niet tekenen “naar levend model”. Vandaar ook dat vele kunstschilderessen zich beperkten tot bloemmotieven, stillevens, kinder- en zelfportretten. Vandaar naar Virginie Loveling, de schrijfster, en haar zuster Pauline. Deze laatste was de moeder van Cyriel Buysse. Cyriel “verdween” regelmatig om avontuurtjes te beleven. Ooit deed hij een huwelijksaanzoek aan Rosa Roossens dochter van Max Roossens die, de reputatie van Buysse kennende, een huwelijk niet genegen was. Rosa De Guchtenaere was oprichtster van de vrouwenbond en een activiste in de Vlaamse strijd. Na de Eerste Wereldoorlog werd ze veroordeeld maar ze kwam na enkele jaren vrij. Het graf van Amelie Van de Weghe, die een “affaire” had met Edward Anseele, werd ter plaatse door An van het nodige overtollige groen ontdaan. (Ze gaat nog spijt krijgen dat ze onze “zaag” – en daar bedoel ik geen persoon maar een voorwerp mee – niet wil bezigen -) In het nieuwe gedeelte van de Westerbegraafplaats ontmoetten we Vina Bovy, wereldbekende zangeres en directrice van de Gentse opera. Iets verder lag schilderes Anna De Weerdt. Terug op het oudere gedeelte stonden we stil bij het graf voor Virginie De Hoon. Bij deze rustplaats mijmerde An over de mogelijkheid om dichter Karel Ledeganck, de echtgenoot van Virginie, van het Campo Santo naar de Westerbegraafplaats te laten overbrengen. We eindigden bij het graf voor Marie Lievevrouw, schrijfster. Zij huwde met ene Coopman. Die was heel fier over zijn gemalin want toen hij begon te publiceren bezigde hij haar naam en voegde de zijne er achter: “Lievevrouw – Coopman”. Als “nawoord” gaf An Hernalsteen tekst en uitleg bij “haar” monument en ze nodigde iedereen uit om volgend jaar het glas te heffen op het dan, door de gelden uit haar Tupperwarepot en onze vzw, gerestaureerde grafmonument. Wij zullen er zijn.
Jacques Buermans
 
Foto’s Jacques Buermans