Nieuwsbrief Nr. 27 - januari 2006

BalticsRindert Brouwer bezocht de Baltische staten, derde deel.


Ons lid Rindert Brouwer en dé stuwende kracht achter de buitenlandse activiteiten van de Terebinth bezocht de Baltische staten en de begraafplaatsen aldaar. Hij bezorgde ons, in feuilletonvorm, de neerslag van zijn ervaringen.
 
feuilleton deel 3
 
LITOUWEN - VILNIUS
 
BERNARDINŲ KAPINĖS (St. Bernhard begraafplaats)
 
geschiedenis
 
Non omnis moriar, ik zal niet helemaal sterven, staat op de ingangspoort van de St. Bernhardbegraafplaats. Dat geldt ook voor de begraafplaats zelf, die aan het sterven is in schoonheid net als de Rasosbegraafplaats. Maar volgens het bordje op de ingangspoort, wordt de begraafplaats ook gerestaureerd. Dat betreft dan een aantal monumenten betreffen, want ook hier woekert het zevenblad en het bloeiende gras dat de graven overwoekert, ook hier heerst chaos en verwildering. En ook hier is het terrein heuvelachtig, maar nu zie je in de diepte een rivier. Als materiaal veel graniet, maar ook terrazzo (of granito) en erg veel holle buizenkruisen met een handgeschilderd plaatje. In mindere mate verheffen zich grotere monumenten boven het maaiveld.
 
De St. Bernardbegraafplaats ligt in de wijk Užupis in de Žvirgždyno gatvė no. 3 aan de boorden van de rivier de Vilnia, waar Vilnius naar vernoemd is. De begraafplaats is gemakkelijk te bereiken met buslijn 11, halte Vilija.
 
De begraafplaats heeft dezelfde weg afgelegd als vele andere in Europa op het eind van de 18e eeuw: van kerkhof naar begraafplaats ofwel vanuit de binnenstad rond of bij de kerk naar buiten de stad. Op 25 februari 1810 gaf de Doema van Vilnius de Duitse R. K. parochie o.l.v. de St. Bernhardmonniken toestemming een nieuwe begraafplaats aan te leggen op de Zvyro heuvel. Tegelijkertijd werd overeengekomen dat het oude kerkhof, dat van de 15e tot de 18e eeuw tussen de St. Anna-  en St. Michaelskerk lag, zou worden gesloten. De nieuwe begraafplaats werd ingewijd op 14 oktober 1810. Tegelijkertijd werd er een begraafkapel gebouwd en aan beide zijden daarvan een columbarium. In 1857 werd een stuk van 1,21 ha aan de begraafplaats toegevoegd.
 
cultuurmonument
 
De waarde van de St. Bernhardbegraafplaats is gelegen in het feit dat er een groot aantal lokale en nationale beroemdheden begraven liggen en dat de begraafplaats een goed beeld geeft van een begraafplaats met monumenten uit de 18e - 20e eeuw. Ook hier werd door de Russische bezetting na de Tweede Wereldoorlog het begraven verboden en werd pas weer na het bereiken van de onafhankelijkheid hernomen.
Er liggen beroemdheden als Stanislovas Bonifacas Jundzilas (1761-1847), professor zoölogie en botanica aan de universiteit en stichter van de botanische tuinen in Vilnius; schilder Kanutas Ruseckas (1800-1860); fotograaf Stanislovas Fleris (1861-1905), beter bekend onder zijn Franse naam Fleury; schilder en kunsthistoricus Vytautis Kairiukstis (1890-1961); schilder Boleslovas Ruseckas (1824-1913).
 
Wat kunst en architectuur betreft kan de St. Bernhard beschouwd worden als een goed geconserveerd ensemble uit de 18e / 19e eeuw. De classicistische stijl speelde de belangrijkste rol bij de aanleg. Dat geldt voor de ingangspoort met klokkentoren, die onlangs gerestaureerd is. Dat geldt ook voor het gerestaureerde ensemble van kapel en de columbaria aan beide kanten daarvan. De columbaria aan de linkerkant werden in 2002 gerestaureerd, waarbij men een klein deel heeft opengelaten om te laten zien, hoe de constructie eruit ziet.
De aanleg van de begraafplaats werd bepaald door het heuvelachtige landschap. De centrale grafvelden bij de kapel zijn het dichtst bezet met graftekens in allerlei vormen: drie grafkapellen, een aantal grafkelders, obelisken, sarcofagen, stèles, sculpturen, stenen en metalen kruisen in alle stijlen van de afgelopen tweehonderd jaar.

Het verouderingsproces van materialen, het lang achterblijven van onderhoud, vandalisme en grafroof, dit alles heeft er toe geleid dat St. Bernard in een verwaarloosde toestand is geraakt.Het toestaan van dissonante graftekens bij nieuwe begravingen mmakte het beeld niet fraaier. Maar het Ministerie van Cultuur heeft de waarde van deze begraafplaats ingezien en, zoals al gezegd, is men er toe overgegaan waardevolle grafmonumenten te restaureren. Buiten de reeds genoemde objecten geldt dat ook voor twee grote monumenten in het centrum van de begraafplaats: het centrale herdenkingskapelletje met kruisbeeld en de grafzuil op het graf van actrice en operazangeres Maria Kazynska (1777-1813). De classicistische zuil uit 1820 werd in het kader van het SCENE-project van de ASCE (Association of Significant Cemeteries in Europe) gerestaureerd met Europees geld. De zuil was zo vervallen dat het topelement verdwenen was. Omdat er geen gegevens konden worden gevonden over de oorspronkelijke figuur heeft men gekozen voor een moderne gestileerde sculptuur van Melpomene, de muze van de tragedie in de Griekse mythologie.


ANTAKALNIO KAPINĖS (Antakalnis begraafplaats)

militaire begraafplaats

Als je in Vilnius slechts tijd hebt om één begraafplaats te bezoeken, is Antakalnis zeker een aanrader, omdat de begraafplaats verschillende elementen uit de Litouwse geschiedenis laat zien. Dat betreft wel grotendeels de oorlogsgeschiedenis, want oorspronkelijk werd Antakalnis gesticht als militaire begraafplaats. Er is echter ook een niet onaanzienlijk burgergedeelte en na de onafhankelijkheid is hier de nieuwe kunstenaarsheuvel aangelegd. In tegenstelling tot de andere begraafplaatsen in Vilnius, die er allemaal rommelig uitzien, is deze begraafplaats én goed geordend én goed onderhouden. Er rijden diverse trolleybussen vanuit de stad naar de wijk Antakalnis in het noordoosten, lijn 2, 4 of 14. Als je uitstapt bij halte Sapiegos, moet je nog wel een stukje lopen, maar je slaat dan twee begraafplaatsen in één klap, want onderweg passeer je de wijkbegraafplaats Saulės kapinės en ook die is alleszins de moeite van een bezoekje waard.
De begraafplaats, die in de wijk Antakalnis aan de Karių Kapu gatvė ligt, werd gesticht in het begin van de 19e eeuw, in 1909. Hij werd aangelegd in een bosrijke omgeving. Het grootste gedeelte bestaat uit militaire erevelden uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog, waar soldaten van diverse naties liggen begraven: Russen, Duitsers en Polen. Daarnaast zijn er herdenkingsplaatsen, voor de soldaten van Napoleon en voor de slachtoffers van 1991 en is er een prachtige kunstenaarsheuvel. Tevens worden er gewone burgers begraven.

verschillende sectoren

Via een trappenstelsel kom je bij de hoofdingang, waar links een dramatisch houtgesneden monument staat, verwijzend naar de oorlogsjaren 1941-1945. Als je daarna het hoofdpad volgt, kom je langs de verschillende sectoren.
Aan de rechterkant bevinden zich op een heuvelachtig terrein de graven en graftekens voor de burgers van Vilnius. Er staan diverse fraaie kunstwerken in steen of in hout. Ook van de ‘koppenkunstenaar’ zijn weer fraaie werken te zien. Links bevindt zich in een glooiend dal het ereveld voor Poolse soldaten. De opstelling van de grafkruisen, waarvan veel zijn behangen met linten in de Poolse kleuren rood en wit, geeft het beeld van een slagveld; hier en daar zijn ook kruisen omgevallen.

Daarachter ligt een veld voor Duitse en Russische soldaten, bereikbaar door na de hoofdingang het eerste pad naar links te nemen. Zij hebben geen individueel graf. Op het veld staan her en der groepjes van drie kruisen of drie stèles. Er staan monumenten voor Den Deutschen und Russischen Kriegern 1914-15 en voor de Deutsche Helden uit de Tweede Wereldoorlog. Voor het Russische veld houdt een (stenen) soldaat met de Sovjetvlag de wacht.
Ongeveer in het centrum van de begraafplaats ligt aan de rechterkant van het hoofdpad de gedenkplaats voor de 23 slachtoffers van 13 januari 1991, die vielen in de strijd voor de onafhankelijkheid van Litouwen: Žuvusiems už Lietovus nepriklausoybę. Op het veld, waarlangs in een halve cirkel de graven liggen, staat een groot beeld van een moderne Piëta, in 1995 vormgegeven door beeldhouwer S. Kuzma.
In het centrum van de stad zelf bevindt zich op het Nepriklausomybės aikštė (Onafhankelijkheidsplein) naast het parlementsgebouw het monument, dat een blijvende herinnering is aan de strijd om onafhankelijkheid in januari 1991. Enkele fragmenten van de barricaden, bestaande uit blokken met prikkeldraad, bleven bestaan. Voor het monument staat een bord met de namen en de foto’s van de 23 doden.

Direct achter dit deel bevindt zich aan de rechterkant de plaats waar op 1 juni 2003 ca. 3000 soldaten van Napoleon zijn herbegraven, van wie de stoffelijke resten in de herfst van 2001 tijdens archeologische opgravingen elders waren gevonden. De soldaten stierven door ziekte en honger tijdens hun terugtocht uit Rusland. Het waren soldaten uit 20 naties, waaronder Frankrijk, België, Nederland, Duitsland, Zwitserland, Portugal, Spanje, Italië, Polen, Croatië en Litouwen. Napoleon zelf verbleef tijdens de veldtocht ook in Vilnius. Hij was zo gecharmeerd van de gotische St. Annakerk, dat hij de kerk wilde laten afbreken en weer opbouwen in Parijs. Voor het grafveld staat de tekst: hier rusten de stoffelijke resten van de soldaten van twintig naties, die het grote leger van keizer Napoleon I vormden, gestorven in Vilnius op de terugtocht van de veldtocht naar Rusland in december 1812.

Het achterste deel van de begraafplaats is terrasvormig aangelegd en vormt het ereveld voor de Sovjetsoldaten. Diverse reliëfkoppen sieren het trappenstelsel, dat voert naar een groot beeldhouwwerk van zes modern, bijna kubistisch, vormgegeven soldaten, een werk van beeldhouwer J.Burneika uit 1980. Aan de linkerkant daarvan bevindt zich de nieuwe kunstenaarsheuvel, die daar na de onafhankelijkheid in 1991 is aangelegd. De oude kunstenaarsheuvel bevond zich op de Rasosbegraafplaats. Op deze Poëts Hill, zoals hij door de Litouwers wordt genoemd, worden de kunstenaars, schrijvers en wetenschappers uit Litouwen begraven. De heuvel zelf is een beeldentuin van kunstwerken in de meest verscheiden vormen en vormt op zich al een openluchtmuseum van Litouwse kunst. Een uiteenlopend scala van vormen, stijlen en materialen is er gebruikt: traditionele houten sculpturen, o.a. van Jezus-op-de-koude-steen, gladgepolijste roodgranieten beelden, modern vormgegeven graftekens, verwijzingen naar muziek en theater.


SAULĖS KAPINĖS

Onderweg naar de Antakalnis begraafplaats kom je in de Saulės gatvė, waar één van de vele wijkbegraafplaatsen ligt, die hetzelfde beeld geven als de oudere begraafplaatsen: katholiek, geaccidenteerd terrein, ‘stervend in schoonheid’, chaotisch, verwaarloosd en overwoekerd. Sla de begraafplaats echter niet over, want er staan ook prachtige grafmonumenten en -beelden.
Je vraagt je af hoe men de kisten, maar vooral de grafmonumenten de heuvel opkrijgt, want sommige gedeelten zijn wel heel steil.

VINGIS KAPINĖS

Aan de westelijke rand van de stad ligt aan de Čiurlionoi gatvė in het Vingio parkas (Vingis park) de Vingis begraafplaats. Soldatenfriedhof / Karių kapinės staat op de ingangspoort. Het is een militair ereveld voor Duitse en Russische soldaten uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Er zijn ook enkele kleine grafveldjes voor moslim-soldaten en voor Poolse soldaten.
De begraafplaats is aangelegd in een parkachtige omgeving met veel gras en bomen en weinig graftekens. Links van de ingang staat een classicistische kapel, de Repninkapel. Den Deutschen Helden en Dem Andenken der Russischen Soldaten melden stenen. Enkele symbolische groepjes van drie Duitse kruisjes, drie Russische stèles met orthodox kruis en drie stèles met de Joodse Davidster staan verspreid over het terrein. De joodse stèles herinneren aan de joodse soldaten, die in de Eerste Wereldoorlog meevochten in het Duitse leger, hetzelfde leger dat hen in de Tweede Wereldoorlog zou vernietigen. Hier en daar staat nog een herdenkingsmonument in de vorm van een enorm kruis of stèles met namen en de vermelding: Unter den 2337 in Vilnius gefallenen Deutschen Soldaten des Zweites Weltkrieges ruhen etwa 1600 auf diesem Friedhof. Die anderen Gräber innerhalb des Stadtgebietes gingen verloren (van de 2337 in Vilnius gevallen Duitse soldaten in de Tweede Wereldoorlog rusten er ca. 1600 op deze begraafplaats. De andere graven binnen het stadsgebied van Vilnius gingen verloren). Achteraan ligt een slapende leeuw. De begraafplaats ziet er zeer verzorgd uit.
De begraafplaats is met openbaar vervoer niet te bereiken, maar taxi’s zijn niet duur. In het nabijgelegen chique Crown Plaza Hotel zijn ze heel bereid een taxi voor je te bellen, als je niet ook nog eens terug wilt lopen naar de stad.

NB1. JOODSE BEGRAAFPLAATSEN

Tot de Tweede Wereldoorlog bestond een derde van de bevolking van Vilnius uit joden. Daarom werd Vilnius ook wel Jerusholajim de Lite (Jerusalem van Litouwen) genoemd. In 1939-1941 werd Litouwen bezet door de Russen. Waarschijnlijk vanwege de afkeer, die de inwoners koesterden t.o.v. de joden, ‘omarmden’ de joden de Russen of zoals een Litouwer het verwoordde: ‘de joden gingen de Russen met bloemen tegemoet’. Toen de Duitsers in 1941 Rusland, en dus ook Litouwen binnenvielen, hielpen de Litouwers de Duitsers de joden te vernietigen, eerst middels getto’s, daarna middels executies en transporten naar de concentratiekampen. Op 23 september werden de getto’s geliquideerd en na de aftocht van de Duitsers bevonden er zich nog nauwelijks joodse sporen in de stad.
De twee oude joodse begraafplaatsen, die aan weerzijden van de rivier de Neris lagen, zijn echter niet tijdens de Duitse, maar tijdens de Russische bezetting in de vijftiger jaren van de 20e eeuw verwoest en geruimd. Een aantal stoffelijke resten zijn toen overgebracht naar de Saltoniškių Žydų Kapinės in het noordwesten van de stad in de wijk Viršuliškės gelegen en aangelegd vanaf het midden van de 20e eeuw. De oude begraafplaatsen zijn nu vervangen door stadions.

NB2. TOTORIŲ IR KARAIMŲ KAPINĖS
(Tataarse en Karaitische begraafplaats)

Ten zuiden van de stad, ca. 25 km van het centrum, ligt de Totorių ir karaimų kapinės = Tataarse en Karaitische begraafplaats.
De begraafplaats werd gesticht in de 15e eeuw.
Voor een beschrijving van de Karaïten: zie Trakai.

ANDERE FUNERALIA: KERKEN

In Vilnius zijn veel kerken en zoals vroeger gebruikelijk was, zijn ze ook gebruikt als begraafkerk.
- De Arkikatedra bazilika, de kathedraal St. Stanislas, is de belangrijkste en oudste kerk van Vilnius. De kathedraal is zo oud als het christendom in Litouwen, ingevoerd door grootvorst Jagiello in 1387. De kerk werd diverse malen in verschillende stijlen herbouwd of omgebouwd: gotisch, renaissancistisch, barok en uiteindelijk classicistisch tot de huidige Griekse tempel. In het zuidelijke zijschip is de belangrijkste begraafkapel de Casimirkapel. De kapel werd ter ere van de Heilige Casimir (1458-1484) gebouwd, een kleinzoon van Jagiello en patroon van Polen, die hier na zijn heiligverklaring in 1602 werd bijgezet. De kapel is in barokstijl uitgevoerd. Centraal staat de reliekschrijn met het gebeente van St. Casimir. Verder bevinden zich in deze kapel het graf van koning Alexander Jagiello ( † 1506) en het hart van koning Ladislaus Vasa († 1648).
- De Russisch-orthodoxe Heilige Geestkerk (Stačiatikių Šv. dvasios Cerkvė) is de zetel van de aartsbisschop en daardoor de belangrijkste orthodoxe kerk in Litouwen. Door een
poort kom je op een grote binnenhof, waar de kerk zich bevindt. Boven de ingang staat een afbeelding van de drie heilige martelaren Antonius, Iwan en Eustachius, die in 1347 werden vermoord. De twee broers en een neef werden opgehangen aan een eik door Litouwse heidenen, omdat ze weigerden vlees te eten tijdens een feest.
Het interieur van de kerk is rijkelijk versierd met laatbarokke decoraties, reliëfs en oude iconen. Voor de iconostase staat een kist met een glazen plaat. Onder een brokaten kleed, dat suggereert drie lichamen te bedekken, steken drie paar voeten in witte sokken uit; het zijn de teentjes van de drie genoemde heiligen.
- Als je toch op weg bent naar de Antakalnis begraafplaats en zeker als je van barok houdt, moet je even een bezoek brengen aan de St. Petrus en Pauluskerk aan de Antakalnio gatvė 1. In het interieur word je overweldigd door de grote hoeveelheid barok stucwerk. Zo’n 2000 figuren zijn in stucwerk uitgewerkt tot en met een skelet en vier doodshoofden. Ook dat is barok: enerzijds de uitbundigheid van het leven, anderzijds ook het besef van het einde: Memento mori, gedenk te sterven.

Wordt vervolgd. Volgende keer: Litouwen - Trakai: Karaïtische begraafplaatsen. Rindert Brouwer, [email protected]

© Atelier ‘Terre aarde’, tekst: Rindert Brouwer, foto: Jeannette Brouwer & Rindert Brouwer
Wie niet kan wachten op de volgende verhalen: ik heb inmiddels alle verhalen en gegevens verwerkt tot een boekje van 52 bladzijden, met 65 foto’s (zwart-wit).
Het boekje NON OMNIS MORIAR. Begraafplaatsen in de Baltische Staten is te koop voor
€ 7,50. Ofwel incl. verzendkosten: Nederland € 9,00; België € 10,00