Nieuwsbrief Nr. 26 - november 2005

Matara, Sri LankaJohan Moeys zat in Sri Lanka waar, naast voortreffelijk werk dat hij er leverde, hij ook nog een neerslag van funeraire indrukken neerpende


Ondergetekende had het geluk om in Sri Lanka te gaan werken. Weliswaar bij de naweeën van de tsunami. Als Grafzerkje kijk je dan extra uit naar tekens van funeraire activiteit. De aankondigingen van een overlijden worden geafficheerd op muren, lantaarnpalen, enz. Er zijn geen doodsbrieven, zoals hier. Bij het rondwandelen in de rustigere stukken van de stad zie je regelmatig grafzerken tussen de bomen. Deze vind je ook langs de wegen. Het zijn mini-begraafplaatsjes met een of meerdere grafzerken.
Een fietstochtje langs de boeddhistische tempel, over de spoorweg en dan naar links bracht me op een van de centrale begraafplaatsen. Effe schrikken: de koeien lopen er vrij rond. Bestonden hier bij ons vroeger geen duivelsroosters voor? Het voorste gedeelte van de begraafplaats ligt vol met de katholieken. Gelijkaardige monumenten als in België, wellicht beïnvloed door de kolonisten. Ze zijn niet zo groot of spectaculair. Wat verder op vind je de boeddhistische graven. Veel versieringen met lintjes. Elk lintje is een gedachte of een wens. Van een echt onderhoud kan je niet spreken. Eenmaal je het voorgeschreven centrale pad verlaten hebt, moet je je plan trekken. Wilde beplanting, verzakte zerken, … Achteraan is het crematorium. Een kleintje, uitgerust met een ceremonieplaats onder het afdakje. Rustig gelegen. Rondom de strooiweide en wat verder de urnenmuur. Weinig verschil met de onze. Als je de taal en de boeddhistische symbolen niet mee telt.
Dankzij een tip van Leuvense studenten vond ik nog een vervallen begraafplaats. Vervallen is niet echt het woord. Het is een kleine compacte begraafplaats, aan de Indische Oceaan gelegen. De tsunami sloeg er toe en vernietigde de grafzerken, dolf de overledenen op en dropte deze tot in de school aan de overkant. De begraafplaats is nog een chaos, en je vindt er nog menselijke resten tussen de gebroken zerken. Zelfs dood ben je nog niet veilig voor het natuurgeweld.

Tekst en foto's : Johan Moeys