Nieuwsbrief Nr. 26 - november 2005

Bezoek aan Sint OdiliënbergGuus Rüsing en een verrassende dodenakker.


Het is niet overdreven om te stellen dat ditmaal de afwezigen meer dan ongelijk hadden. Hadden. Wegens verlof deden maar 10 leden de verplaatsing naar Nederlands Limburg. Om 10.30 uur werden we opgewacht door Marianne van der Elsen, Guus Rüsing heerlijke koffie en cake. De locatie was prachtig: de basiliek van Sint Plechelmus, Wiro en Odgerus ligt namelijk op een hoogte; Onder leiding van Guus werd de begraafplaats rondom de kerk bezocht. Klein maar fijn. We zagen er de graven voor de zusters van het Heilig Graf, met dubbele kruisen, en troffen er enkele belangrijke families uit het naburige Roermond aan. Joep Nicolas, glaskunstenaar afkomstig uit Roermond en jaren actief in Amerika, ligt onder een van zijn eigen ontwerpen. Ook een vrouwelijke telg van de, uit Maastricht afkomstige familie Regout kreeg hier een laatste rustplaats onder een kanjer van een monument. Als men het breed heeft toont men dat ook met zijn grafmonument.
Vandaar gingen we naar de Natuurbegraafplaats Bergerbos waar we ontvangen werden door de directeur de heer Huub Kluitmans. Die vertelde hoe hij aan de begraafplaats kwam, een heel bijzonder verhaal. De heer Kluitmans was een particulier houthandelaar en kocht een bos aan met de bedoeling dit te ontginnen. Toen hij bij de gemeente zijn aankoop ging bevestigen vertelde men doodleuk dat hij eigenaar was van een begraafplaats. Zo stond het in het bestemmingsplan. In eerste instantie voelde Huub zich bekocht. “Wat moet ik nu in hemelsnaam met een begraafplaats”, zuchtte hij. Begraven en dodenakkers was voor hem een maagdelijk blad. Gelukkig kreeg hij hulp van instanties die kaas hebben gegeten van begraafplaatsen. De heer Kluitmans toog ook naar Groot-Brittannië, waar het fenomeen “natuurbegraafplaats” meer ingang kende.
Wat is nu een natuurbegraafplaats? Het ligt in een bos, kent geen sluitingstijd en is dus dag en nacht toegankelijk en men opteert voor een natuurlijke uitstraling. Dat houdt in dat grafbeplanting zo natuurlijk mogelijk dient gehouden te worden en dat gecultiveerde planten hier niet in thuishoren. Ook wil men hier geen gepolijste, traditionele grafmonumenten. Urnengraven komen dicht bij de bomen, gewone graven iets verder van de wortelpartijen. Aan de ingang was er een ontmoetingsplaats. Naast informatie over de zin van de natuurbegraafplaats en de ligging van de graven bestaat hier ook de mogelijkheid om de overledenen te gedenken met kaarsen. Heel origineel waren een aantal gleuven in de bakstenen muur. Kinderen of nabestaanden die de dood van een dierbare van zich wilden afschrijven door middel van een gedicht, een brief of een tekening konden die in de gleuf deponeren. De verdwenen zo in de anonimiteit. De natuur, de tijd en de vleermuizen deden de rest. Ook vertelde de heer Kluitmans dat er regelmatig post voor een overledene toekomt. De brieven worden, ongeopend, in de gleuven gedeponeerd. Op de begraafplaats ook een schommel zodat kinderen zich hier thuis voelen. Ook de wijze van afscheid nemen is origineel. In openlucht is er plaats waar de kist kan staan. Die kist, of een rieten mand zoals wij konden meemaken, wordt op een bolderkar geplaatst. Kinderen kruipen op de kar en nemen zo afscheid van oma of opa. Bij het reeds gedolven graf vijf schoppen zodat de familie zelf de put kan dichten. Na de rondgang waarbij wel opviel dat een groot aantal graven echt “één met de natuur” waren maar waar er toch waren die toch opteerden voor stenen zerken en bloemen recht van de winkel. Wel op zulk een natuurbegraafplaats passen deze zoals een tang op een varken. Hopelijk krijgt de heer Kluitmans vele klanten zodat hij zijn eisen kan stellen over de vorm van de graven.
Vlakbij is de gemeentelijke begraafplaats. Daar horen die “ondingen” thuis, niet op een natuurbegraafplaats. In de aula van de natuurbegraafplaats werd een broodmaaltijd aangeboden. Nadien vergezelde Guus ons naar die gemeentelijke begraafplaats. Een “rechttoe – rechtaan” begraafplaats van dertien in een dozijn. Ook gek: de nabestaanden eisten dat de bomen gerooid werden daar de blaadjes op de zerken vielen? De bomen werden inderdaad gekapt en … vervangen door andere bomen. Deze keer inlandse bomen. Waar heb ik dat nog gehoord: “eigen boom eerst”? Bij een drankje werd nog druk nagepraat maar over één ding waren alle aanwezigen het eens: het was een bijzondere dag geweest en de natuurbegraafplaats was echt een openbaring.
tekst en foto's : Jacques Buermans.