Nieuwsbrief Nr. 23 - mei 2005

Grafmonument Henri Orlow-Andersen eindelijk overgenomenna bijna vier jaar werd dit prachtig monument van de ondergang gered.


We schrijven eind 1997. In de Nieuwsbrief van vzw Epitaaf verschijnt een artikel van de hand van Antoon Van Ruyssevelt. Hij slaat alarm omdat drie belangrijke grafmonumenten op de begraafplaats Schoonselhof bedreigd worden: Flor Mielants, Josuë Dupon en Henri Orlow-Andersen. Nog geen reden tot paniek voor vzw Epitaaf voor Monumenten & Landschappen en voor de mensen die de begraafplaats Schoonselhof genegen zijn. Eind 2000 wordt een Werkgroep Antwerpse Begraafplaatsen opgericht die de begraafplaatsen in de belangstelling wil brengen. Deze groep onder leiding van Anne Mie Havermans kabbelt rustig verder tot blijkt dat er op grote schaal grafmonumenten op de dodenakker afgebroken worden. Tijdens een onderhoud met schepen Pairon verkrijgt de Werkgroep toelating om, aan de hand van de gebezigde lijsten van de begraafplaatsmensen, te kijken of daar geen belangrijke grafmonumenten op die lijsten staan die behouden dienen te worden. Enkele dagen nadat Anne Mie en ondergetekende gestart zijn met het nazicht van de lijsten wordt het grafmonument voor Josuë Dupon in de containers gekieperd. Josuë is niet de eerste de beste. Hij is de beeldhouwer van de kameel op de Antwerpse zoo, het beeld voor Frederik de Merode en het monument voor de gesneuvelden te Berchem, het monument voor de militairen op de begraafplaats van Roeselare, het Lievensmonument te Moorslede en nog zo vele dierenbeeldhouwwerken. De afbraak van het monument noopt tot actie maar de Werkgroep gaat eind 2001 ter ziele. Ondergetekende trekt dan maar zelf ten strijde om, onder andere, de twee andere grafmonumenten van de ondergang te redden. De mensen van de administratie verlenen hun medewerking en ik kreeg “uitstel van executie” voor die monumenten. In mei 2002 neem ik contact op met de kleinzoon Mielants. Deze doet het nodige en op 26 juni keurde het College de verlenging goed tot in 2044.
 
Anders was het gesteld met het grafmonument voor Henri Orlow-Andersen. In april 2002, zegge en schrijven drie jaar geleden, meldde ik de heer Rodolphe Orlow-Andersen dat de grafconcessie van zijn vader met afbreken bedreigd werd indien de concessie niet overgenomen werd en een eind aan de verwaarlozing gesteld werd. Rodolphe, politicus én zaakvoerder van een bedrijf op de Antwerpse linkeroever was erg tevreden dat iemand hem dit meldde en hij ging, voor eind 2002, het nodige doen. In april kwam onze Rodolphe tot de conclusie dat hij niemand kende om die herstelling uit te voeren. Ik won, tevergeefs, informatie in bij de verantwoordelijke voor restauraties van de Antwerpse academie en in mei 2003 werd door een van de bloemisten, die ook de nodige herstelling verricht, een offerte ten bedrage van € 520 opgemaakt voor herstel van de concessie.
 

Onze politieke vriend was nog altijd uiterste tevreden met mijn tussenkomsten en verzekerde mij dat alles opgelost zou worden voor september 2003. Tussen oktober 2003 en april 2004 werden nog een aantal loze beloftes gedaan aan Stefan, de bloemist, maar toen kreeg deze de verzekering dat alles mocht uitgevoerd worden en dat hij, voor wat de aanbetaling, op beide oren mocht slapen. In mei 2004 werden de nodige werken uitgevoerd nadat ik Stefan verzekerde dat, bij niet-betaling, ondergetekende het geld wel uit eigen zak zou ophoesten. De heer Rodolphe Orlow-Andersen deed nog ontelbare beloftes maar in maart 2005 wacht de bloemist nog steeds op zijn aanbetaling.

Ook de mensen van de administratie werden ongeduldig want zij wilden, na drie jaar, hun
dossier eindelijk succesvol afsluiten. Ik gaf Orlow-Andersen nog een kans en zond hem een aangetekend schrijven. Hij verkreeg tot dinsdag 19 april 2005, juist voor dit dossier zijn vierde jaar ingaat de tijd om de aanbetaling te doen én de grafconcessie over te nemen. Zoals ik kon verwachten: geen reactie. Op 20 april, ik ben wel van mijn woord, deed ik de aanbetaling en nam ik de grafconcessie over.

Proficiat mijnheer Rodolphe Orlow-Andersen. Uw vader mag fier zijn op zijn zoon. Ik denk dat hij zich ettelijke malen in zijn graf omkeert wanneer hij dit verhaal verneemt. Maar hij hoeft u niet meer mee te maken.

Jacques Buermans. (foto Marc Coremans)