Nieuwsbrief Nr. 20 - november 2004

Venloverslag over het bezoek aan deze begraafplaatsen.


De afspraak om 10.30 uur aan de Algemene Begraafplaats van de gemeente Venlo verliep stipt. Als de gids, in dit geval Guus Rüsing, ter plaatse is voelt iedereen zich gerust. Terebinth, afdeling Limburg, heeft ons weer verwend. De begroeting ging gepaard met koffie/thee en cake.
Bij de start in het Nederlandse Venlo werd ons, zoals gebruikelijk op het hart gedrukt dat het geen buitenlandse excursie was, daar we in Limburg waren en die streek door Nederland en België loopt, staatkundige grenzen kunnen dit niet verhinderen. Met het gevoel thuis te zijn, begon de verkenning van de begraafplaats + omgeving. In 1903 begon de aanleg “in het veld” dicht bij Tegelen. Een mooie toegangsdreef van de Rijksweg uit loopt door op de begraafplaats en creëert zo een hoofdweg waarlangs zich de koopgraven van de rijke lui bevinden. Meer achterin zijn er de huurgraven. Zoals op alle oude begraafplaatsen ontkomt men ook hier niet aan een ruimingsbeleid. Daardoor is er in de vakopdeling minder structuur te ontdekken. Een plan van aanleg is in wording! Het valt op dat meerdere Duitsers hier hun laatste rustplaats vonden. Door de crisis in 1870 in Duitsland, kwamen zij zich in Nederland vestigen om er een onderneming op te starten. Venlo ligt vlak bij die grens. Een mooi urnenveld met lage beplanting vind ik wel geslaagd, alhoewel het voor Guus niet ideaal is. Ik lees er op een platte steen:
“Een leven is eeuwig en liefde onsterfelijk
En de dood is alleen maar een horizon
En een horizon is niets anders
Dan de grens van ons blikveld.”
Op vallend is wel dat er meerdere in baksteen gemetste graven voorkomen met eventueel keramische beelden. De vele steenhovens hier langs de Maas zijn daar niet vreemd aan. Opmerkelijk, midden een rotonde bevindt zich het graf van Minister van Staat Dr. W. H. Nolens, die kennelijk werd aangesproken met de titel monseigneur. Verder merken we nog overblijvende graven van de periode 1950-60, toen men besloot enkel eenvormige grafstenen/kruisjes toe te laten. Dit experiment heeft klaarblijkelijk geen voldoening gegeven en werd afgeblazen. De aanblik is inderdaad niet oogstrelend. Bepaalde religieuze orden nemen ruime perken in, zoals o.a. die van Sacré Coeur die zelfs uitbreiding nam aan de overkant van de weg. Bij de orde van de Augustijnen staan we bij een open put; de wanden en boorden zeer verzorgd afgezet met aluminium platen. Zelfs twee kettingen zijn voordien waarmee, door het eigen gewicht van de kist, deze zal neerdalen. Bij het graf van Theodorus De Brouwer & Elisabeth Ver, hoort een heel mooi kruisbeeld + O.L.Vrouw + Johannes, allen keramiek. Alhoewel geen ronkende namen of belangrijke levensverhalen, zagen we toch opmerkelijke graven, omgeven door heel mooie natuur. Bij het buitengaan branden aan de ingangspoort de omfloerste lichten, verwachtend de pater Augustijn, aan wiens put we zo juist stonden.
Rond het middaguur worden we verwacht in “De Beugelbaan” in Tegelen waar ons een “begrafeniskoffietafel” wordt aangeboden door de afdeling Limburg van de Terebinth, met vooraf de gebruikelijke “één minuut stilte”. De tafel is keurig gedekt; het eten en drank overvloedig.
Om 13.30 uur stappen we 300 meter verder, de begraafplaats Tegelen binnen.
Weer een duidelijke plattegrond bij de ingang. We merken meteen dat er zich centraal een rondpunt bevindt waarop meerdere wegen uitkomen. Men heeft hier te kampen met het hoge waterpeil, zodat vrijgekomen perken of vakken opgehoogd worden. Dit geeft soms een bizarre indruk. Er zijn enkele zeer grote en mooie grafmonumenten, dikwijls in baksteen met keramische reuze beelden. De ruimte die deze familiegraven innemen is zeer uitgebreid.Bijvoorbeeld de rustplaats van de familie Jos Kurstjens (1930) (hiernaast): een grote engel met bazuin en het onderschrift “op de laatste dag zal ik uit mijn graf verrijzen”.

De familie Teeuwen (1898) beschikt over een mooi verzorgde tuin. Weer is er een overblijvend deel van de periode “uniformiteit”. Op het kinderhoekje ligt een moslimkindje, gewoon tussen de andere (doorgaans katholiek). De enggeestigheid overwonnen? Al gaat het hier om een algemene begraafplaats toch wordt ze als katholiek beschouwd. Protestanten laten zich daarom liever begraven in Venlo, waar een scheiding is tussen beide godsdiensten. De vakindeling is onlogisch, dat merkten we reeds op het grondplan. Zo is vak 34 naast nr 13, maar waar zijn de grenzen? En dat gaat zo door… In het voorbijlopen noteer ik gauw: “Aanwezig in afwezigheid, en daarom nooit verleden tijd”. Prachtige gedachte! Een grafzerk in voortreffelijke staat, laatste bijzetting 7/8/1988, zal worden opgeruimd per 1/3/05. Logisch? In de praktijk is er een wachttijd van 20 jaar. Waarom hier zo ongeduldig? Er is gewoon geen planmatigheid! Gelukkig is er het vingertje van de Terebinth!
 
Een fijne dag, met een begeesterende gids. Zeer veel dank! Tot toekomend jaar Guus!
 
tekst : Louis Van Dyck
foto's : Jacques Buermans