Nieuwsbrief Nr. 14 - november 2003

AllerzielenGrafzerkje Louis Van Dyck schreef mooie woorden neer


Grafzerkje Louis Van Dyck vergastte mij met een, voor deze periode van het jaar, toepasselijke tekst. Ik geef eerlijk toe: ik was aangedaan bij het lezen van deze mooie woorden en wil de Grafzerkjes er deelgenoot van maken.

De landlopers van de kolonie van Wortel onderhielden dit uitgestrekte gebied vlak bij de Nederlandse grens. “Je weet dat schone oord waar de ziel in haarzelve terugkeert en rust geniet” schreef Hendrik Conscience. Op deze plaats liggen de kostgangers van weleer. De landloperij werd afgeschaft en de stakkerds zwermden uit over het land. Bij gebrek aan soldaten valt elke oorlog stil. Hier ziet men geen ineengestuikte “eeuwige vergunningen”. Enkel eenvormige witte kruisjes met een zinken naamplaatje.

Ooit hebben moeders bij het baren van deze mensen geschreeuwd uit angst en pijn. Misschien werden ze zelfs met liefde verwekt en als pasgeborene gekoesterd!

’t Was volop lente toen ik er rondliep en deze foto nam, maar bij de kruisjes is het alsof het alle dagen Allerzielen is; nu novembert het er echt. Na een eindje lopen kwam ik aan het Bootjesven waar ik op een bank een liefde zag openbloeien. We hebben misschien wel allemaal retrogedachten aan de tijd van toen we onze eerste zonde van onkuisheid gingen biechten!?

Bij de waterhoentjes was het een jagen achter mekaar. Alles paarde en paarde terwijl een vogel zijn geërfde melodie floot en daarmee de stilte onderlijnde. Nu gaan we weer de winter in. Zo gaat dat maar door. Steeds een dagje ouder en soms twee.

Dat ’t je welga.
Louis.