Nieuwsbrief Nr. 14 - november 2003

Behesjte ZahraGrafzerkje Vera Steenput in Iran


Behesjte Zahra:

Grafzerkje Vera Steenput verbleef zes weken in Iran en kon het niet nalaten om daar een begraafplaats te bezoeken. Zij vertelde mij over haar ervaringen.

Begraafplaats noemt men in het Perzisch "Kabrestan". Stan betekent plaats en Kabre betekent dode.

De begraafplaats die ik bezocht heette Behesjte Zahra. Zahra was de dochter van de profeet Mohammed en Fatima en Behesjt betekent paradijs. Deze begraafplaats is de grootste van Teheran. Het mausoleum voor Khomeini is er tegenaan gebouwd en is één van de drukst bezochte bedevaartsoorden van Iran. Ik heb geen idee hoeveel mensen er begraven liggen maar als je weet dat Teheran 12 miljoen inwoners telt dan kan je je al een klein idee vormen. Maar het beeld wordt waarschijnlijk nog duidelijker met de volgende omschrijving. De begraafplaats is eigenlijk een stad op zich. Er loopt één hoofdweg dwars doorheen. Deze hoofdweg telt 6 geasfalteerde rijstroken: 3 heen en 3 terug. Van deze hoofdweg vertrekken talloze zijstraten. Om iemand terug te vinden wordt er net als bij ons gewerkt met een systeem van nummers. Als je het nummer niet kent ben je reddeloos verloren. Dan is het onbegonnen werk.

Er is een ereperk voor acteurs en actrices, vooral van de film. Dit is een plek die extra veel bezoekers trekt. Verder heb je ook een apart stuk voor de soldaten (ook wel "helden" genoemd ter plaatse) die gesneuveld zijn in de oorlog tegen Irak. In tegenstelling tot de andere graven zijn deze graven rechtopstaande kastjes met foto's en medailles en Iraanse vlaggen erin tentoongesteld. Er liggen vele jongens van 12 à 13 jaar begraven want vooral naar het einde van de oorlog toe werd iedereen ingezet (waar hebben we dat nog gehoord) bijzonder droevig is dat vooral omdat het nog maar zo kort geleden is (1981-1988). Er is ook een klein museum over de oorlog op de begraafplaats maar dat kon ik niet bezoeken omdat het gesloten was die dag. Deze graven zijn ook overdekt met een golfplaten dak terwijl de rest van de begraafplaats onder de brandende zon ligt.


Er is ook wel beplanting. De cipres is een veel voorkomende boom en gekend als symbolische boom op dodenakkers maar dat weet jij natuurlijk wel. Verder zijn er ook grasperken aangelegd en staan er vooral bij de ingang talloze bloemenkraampjes met verse bloemen. Het is me een raadsel hoe die verkopers bij een temperatuur van 48 °C hun bloemen toch nog enigszins acceptabel weten te houden.

Overal over de begraafplaats verspreid staan open tenten met een heleboel stoelen. Die tenten worden gebruikt voor rouwdiensten. Meestal zijn daar zoveel mensen bij aanwezig dat er te weinig stoelen zijn om iedereen te laten zitten. Overal klinkt rouwmuziek. Meestal zijn het cd's of cassettes die door de boxen gejaagd worden maar af en toe wordt er ook wel gezongen. De muziek is heel klagend en brengt je meteen in de gepaste sfeer. De gewone graven zijn platte rechthoekige stenen; meestal in zwart marmer met opschrift en dikwijls ook een foto: een echte of vaak ook gegraveerd in het marmer. De mensen lopen gewoon over de graven heen omdat ze meestal vlak naast elkaar liggen. Dit wordt niet als oneerbiedig beschouwd. De familie heeft meestal een fles water mee. Die wordt dan over de steen gegoten en er wordt snel gepoetst omdat het water bijzonder vlug opdroogt. Heel de familie zit samen rond het graf en zingt en praat.

Soms worden er bloemen gelegd. Ik zag een man met een gladiool. Heel zorgvuldig nam hij bloem per bloem van de tak af en die bloemetjes legde hij rond de foto van een vrouw. Soms hebben mensen een paraplu bij om zich te beschermen tegen de vlakke zon maar meestal zitten ze daar maar gewoon samen. De vrouwen zijn toch sowieso gesluierd en velen dragen de chador. Er wordt ook fruit uitgedeeld: kleine pruimen of gedroogde dadels of appeltjes. Aan elke voorbijganger wordt het gepresenteerd. Soms zijn het zoete koekjes. Het is zeer onbeleefd om dit aanbod af te slaan. Het betekent immers dat je weigert om te delen in de rouw van de familie. Aanvaarden en opeten is de boodschap. (Er zijn ook drankstalletjes en waterkranen om je dorst te laven en dat is geen overbodige luxe.) Dit wordt niet enkel gedaan voor mensen die onlangs overleden zijn maar ook voor mensen die al 10 jaar of meer dood zijn.

Over eten gesproken: picknicken is in Iran zeer populair; dus ook op de grasperken van de begraafplaats. Tijdens het weekend gaan gezinnen soms gewoon een dagje naar de begraafplaats met aansluitend een bezoek aan Khomeini. Dit is een vorm van ontspanning aangezien er in Iran zoveel vormen van verstrooiing verboden zijn. Tot slot heb ik ook nog een wagen gezien die men "Alam" noemt. Die zat vol jonge mensen die zwaaiden met een soort kunststof zilveren (palm?) takken. Toen werd iedereen zeer droevig. Als je dit ziet betekent dat het om een jonge mens gaat. Het kan ziekte geweest zijn of een verkeersongeval want het verkeer in Iran dat is een verhaal op zich.

Tekst en foto's : Vera Steenput