Nieuwsbrief Nr. 14 - november 2003

Westhoekverslag van het Grafzerkjesbezoek aan de Westhoek


Alweer een datum die we in gouden letters in onze Grafzerkjesagenda mogen vermelden. Niet alleen was de weermaker ons gunstig gezind maar met een gids als Dominiek Dendooven kon de dag niet meer stuk. Dominiek was op de hoogte van de materie die hij ons voorschotelde en kon, wegens zijn kennis, vlot inspelen op de door de talrijk opgekomen Grafzerkjes gestelde vragen. Gestart werd aan de Menenpoort. Willy Cornelissens, die mij zeer goed verving, mocht 39 Grafzerkjes begroeten. Belangrijk was dat we 18 “nieuwelingen” mochten verwelkomen en dat de Nederlandse inbreng tot drie personen werd uitgebreid. Vandaar ging het naar Bedford House Cemetery, een vrij grote Britse begraafplaats gegroeid rond een verbandpost die gevestigd was in het kasteeltje waarvan de ruïnes nog te zien zijn. 
Hier besprak Dominiek de aanleg van de Britse begraafplaatsen, de Britse grafsteen, de Stone of Remembrance en de Cross of Sacrifice. Vandaar ging het naar de gemeentelijke begraafplaats van Ieper die tijdens de Eerste Wereldoorlog nauwelijks werd beschoten. Dominiek wees ons op de afgeknotte boom van de hand van beeldhouwer Thoris, een lokale vondst. Verder een feniks die uit zijn as verrijst van de hand van Lucien Degeus op het graf van Marc Delfosse en het graf voor prins Maurice von Battenberg, afstammeling van de Britste koningin-moeder.
Langs de Franse militaire begraafplaats Saint-Charles-de-Potyze ging het naar Zonnebeke. Daar ontdekten we de crypte met de kisten van oud-strijders van 1914-1918 en een oud-strijder van 1830. De kisten liggen bloot, wat normaal gezien onwettelijk is. Hilde Viaene, vrijwilligster in Guatemala en aldaar overleden, kreeg een origineel grafmonument. Werner Lagae, beeldhouwer en directeur van de Kunstacademie van Tielt kreeg een monument, gemaakt door een Brugs kunstenaar, uit resten van een oud en vervallen graf waarvan de concessie was verstreken.


Dan kwamen we aan de Britse kers op de taart: Tyne Cot Cemetery. De begraafplaats werd door de Engelse architect Baker aangelegd op de plaats waar tijdens de oorlog een kleine schuur stond. Dat is nog te zien aan het dak van de poort. “Cot” is een afkorting van “cottage”, het Engelse woord voor schuur en de Tyne is een rivier in Noord-Engeland. De grootste Britse begraafplaats bevat 11.856 graven. Duitse bunkers werden in het ontwerp geïntegreerd. Hier kregen ook enkele Duitse soldaten hun laatste rustplaats. Men wou hierbij aantonen dat in de dood iedereen gelijk is zonder onderscheid van ras, geloof of afkomst.

We hielden even halt bij het monument van "Le Canadien", opgericht ter nagedachtenis van de 3.000 doden van de eerste Canadese Divisie die vielen tijdens de tegenaanvallen na de Duitse gasaanval van 22 april 1915. Het monument is van F.C. Clemeshaw. We reden langs het monument voor de Franse aas Georges Guynemer. Deze Franse kapitein jachtpiloot verdween spoorloos na een vlucht boven Poelkapelle op 11 september 1917. Hij behoorde tot het Escadrille des Cigognes (het eskadron der ooievaars), wat duidelijk te zien is aan het bovenste deel van het monument.

Houthulst is het Belgisch militair kerkhof met 1.855 graven van soldaten die praktisch allen sneuvelden in het bevrijdingsoffensief van 28 en 29 september 1918 bij de herovering van het bos van Houthulst. Op 21 oktober 1914 viel het bos van Houthulst ondanks hevige weerstand van de Belgen, de Franse cavalerie en territoriale troepen in handen van de Duitsers. De Belgische soldaten liggen onder eenvormige arduinen monumenten, in de volksmond “kleerkastmodel” genaamd naar de zwaarte van het monument. Achteraan liggen de graven van 81 Italiaanse krijgsgevangen die omkwamen in de Duitse werkkampen van de streek. In de onmiddellijke omgeving is het Houthulstbos waar de ontmijningsdienst dagelijks oude springstof opruimt.


Een laatste halte werd gehouden aan het Deutsche Soldatenfriedhof in Langemark. Deze Duitse oorlogsbegraafplaats met 44.294 graven is een ontwerp van Tischler. Een massagraf wordt bewaakt door vier indrukwekkende soldatenfiguren. Het werk is van professor Emil Krieger uit München en moest oproepen tot bezinning. Op het Langemarkse Friedhof bevindt zich ook nog een studentenkerkhof waar 3.000 studenten-vrijwilligers begraven liggen die in oktober 1914 bij de stormloop op Langemark sneuvelden. De begraafplaats is ontstaan uit een Britse begraafplaats. Het poortgebouw werd opgetrokken in rode zandsteen van de Weser en was bedoeld om de overgang te maken van het dagelijkse leven naar de begraafplaats. De namen van de geïdentificeerde gesneuvelden staan gebeiteld in eikenhouten panelen, die de muren bekleden van de ruimte, rechts bij de ingang. De bunkers, rechts, waren vroeger klaproosvelden. Hier staan de namen van de verenigingen die, zowel financieel als manueel, de begraafplaats hielpen aanleggen. Na de Eerste Wereldoorlog bevonden de Duitse soldatengraven zich in heel wat Belgische gemeenten. Kort na de oorlog werden deze graven bijeengebracht op 184 Duitse begraafplaatsen, het merendeel in de Ieperse frontstreek. Op het grondgebied van Langemark alleen al waren er 17 Duitse begraafplaatsen. Na de Tweede Wereldoorlog werden de Duitse gesneuvelden samengevoegd op vier begraafplaatsen: Menen, Hooglede, Langemark en Vladslo.

Vandaar reden we nog langs Essex Farm Cemetery. Iets na 18 uur eindigde onze tocht vlakbij Grote Markt van Ieper. Woorden van lof voor Dominiek Dendooven waren legio. En niet ten onrechte want iedereen was het erover eens dat ze dankzij hem toch veel informatie hadden opgestoken. Bewijs daarvan de vele mails die ik na onze tocht van tevreden Grafzerkjes mocht ontvangen. Een groot deel van onze groep begaf zich om 20 uur nogmaals naar de Menenpoort om de Last Post bij te wonen.

tekst en foto's : Jacques Buermans

Boeken over militaire begraafplaatsen van W.O. I:

DE IJZERTOREN: Krachtpatserij of bedevaartsoord, Jan Mortier - DE WESTHOEK EN "DE GROOTE OORLOG": restanten, toeristen en de officiële erkenning, Anne-Marie Delepiere & Martine Huys, Monumenten en Landschappen Nr: 14-4 juli-augustus 1995, ISSN 0770 4948.

VELDEN VAN WELEER, Chrisje & Kees Brants, uitgeverij Nygh & van Ditmar en Dedalus 1996. ISBN 90 388 0274 9.

ZIJ, DIE VIELEN ALS HELDEN (2 delen), Mariette Jacobs, Uitgave provincie West Vlaanderen 1995, D 1992 0248 2.

PRO MEMORIE, MONUMENTEN VOOR DE GROTE OORLOG, Uitgave Ons Heem 1998 nr 4, ISSN 1370 6489.

DEN GROOTEN OORLOG IN DE WESTHOEK, waarin de militaire begraafplaatsen van Lyssenhoek, Langemark, Vladslo, Houthulst en Potyze aan bod komen. Te bestellen bij Westtoer te Brugge, tel. 050/30 55 00. Tip van Philippe Theys.

DE MILITAIRE BEGRAAFPLAATSEN VAN W.O. I IN VLAANDEREN,

deel 1 = Ieper, Sint-Jan, Zillebeke
deel 2 = Boezinge, Brielen, Dikkebus, Elverdinge, Vlamertinge, Voormezele
deel 3 = Groot Poperinge en Noord Frankrijk
deel 4 = Heuvelland, Metsen, Ploegsteerd, Warneton
deel 5 = Belgische en Duitse begraafplaatsen in Vlaanderen
deel 6 = Langemark, Passendale

Te verkrijgen bij Uitgeverij De Krijger, Dorpsstraat 144 te 9240 Erpe-Mere, tel. 053/80 84 49. E-mail: [email protected] Tip van Philippe They