Nieuwsbrief Nr. 116 maart/april 2020

Het ontstaan van grafstolpen


Tekst en foto’s: E. J. Halkus


Voor 1850 waren in Frankrijk veel bedrijven die kunstgrafkransen produceerden van verschillende materialen. Zoals glaskralen- en of metalenkransen met porseleinen bloemen.
Omdat deze producten duur en kwetsbaar waren, konden deze alleen door rijke mensen aangekocht worden.
Men ontdekte echter, dat ze met een glazen stolp die ze vaak thuis op een kast hadden staan, de levensduur van deze  kransen aanzienlijk konden verlengen
Met enige zekerheid weten we dat enkele bedrijven in Engeland, die waarschijnlijk ook grafkransen maakten, dit idee overnamen en begonnen zo grafstolpen in massa te ontwikkelen. Een van die fabrieken was gevestigd in Londen.
Deze stolpen varieerden van doorsnede van 25 tot 40 centimeter. Ook kon men er een ijzeren kooi bij kopen om het glas extra te beschermen.
De constructie van de grafstolpen werd zodanig ontworpendat je ze kon ophangen, schuin of horizontaal op het graf kon plaatsen.
Uiteindelijk werden deze  producten, over heel Groot Brittanië  en de kolonien van Engeland zoals Australië, verkocht.
In de rest van Europa waren de kransen na 1850 steeds groter en vonden de oplossing in
het vervaardigen van graftrommels.