Nieuwsbrief Nr. 115 november 2019

Museum “Kunst en Geschiedenis” - 1 december 2019Rondleiding: “De dood in de Middeleeuwen”


Het was redelijk fris, die ochtend. Met al ons enthousiasme waren we  ruim op tijd aan de ingang van het museum. Het deed dan ook deugd om eindelijk (om 10u) binnen te kunnen in het Museum voor Kunst en Geschiedenis, dat sinds 2008 deze naam draagt. De jassen werden geborgen en de entreekaarten verdeeld.
 
Gelegenheidsgids: ons lid Joeri Mertens
Tekst en foto’s: Frans Van de Vondel

Onze gids verwelkomde de 18 belangstellenden in de inkomhal. Omwille van het rumoer verplaatsten we ons naar de rechtse bijzaal waar gids Joeri vertelde dat wij ons hier in zijn favoriete museum bevonden. Het is wellicht het grootste museum van België, dat alle historische ontdekkingen, verspreid over West-Europa, herbergt. Daarna troonde hij ons mee door ontzettend grote kelders, bewaakt door 2 Romeinen, voor een lange wandeling naar de tentoonstelling die er al enkele jaren staat opgesteld.
 

Ons verhaal over de middeleeuwen begint in de 5de eeuw. Rond 250 na Christus waren grote delen van West-Europa ontvolkt. Waarom is niet geweten... Tongeren en Maastricht bestonden al en in de 5de eeuw drongen de Romeinen hier door. In 476 verenigden verschillende volkeren zich en namen het op tegen de Romeinen.
Langzaamaan kwamen meer volkeren in de 7de en 8ste eeuw, vooral uit het oosten. Zo leek in die tijd Europa een lappendeken van volkeren. Zoals de Merovingers en Karolingers, Franken, Angelen en Saksen.

Karel de Grote

Karel de Grote had een enorme impact op onze begrafeniscultuur. Zijn relaties met het Byzantijnse Rijk hebben ongetwijfeld een invloed gehad. Onder zijn heerschappij bleven de Romeinse objecten populair.
Karel de Grote had in de 7de eeuw invloed op een 2de christianisatie en verbood crematies. Op dat ogenbilik bekeerden velen zich uit Ierland en Frankrijk.
In de middeleeuwen waren graven anoniem en beenderen vielen onder het beheer van de kerk (rest was overbodig).
Karel de Grote stond erop dat de vroegmiddeleeuwse begrafenisrituelen zouden verdwijnen.

Wijze van begraving

Vandaag, 1200 jaar na begraving, blijft er jammer genoeg niet voldoende materiaal over voor een degelijke reconstructie, vooral wat grafgeschenken betreft.
Wat we wel met zekerheid weten is dat de overledenen vaak begraven werden in een gekliefde boom, samen met kleding, juwelen en andere gebruiksvoorwerpen. 
De diepte van begraving was niet afhankelijk van de rijkdom van de overledene. Kindergraven waren duidelijk minder diep.
Zo kreeg elke man wapens en mogelijk ook  voedsel om verder te kunnen. Men weet echter niet of het voedsel een grafmaal was of gewoon voedseloverschotten.
Vrouwen kregen dan weer glas mee, duidend op een dienende rol. Vooral haarkammen, kralen en fibula werden aangetroffen.
Gewoonlijk werd individueel begraven. Daarentegen gebeurde het dat mensen met dezelfde functies in elkaars omgeving begraven werden.
 
Eerst ging men van de veronderstelling uit dat stenen graven, voorbehouden waren voor de elite. Later heeft men deze opvatting herzien toen men vaststelde dat het gebruikte materiaal afhing van de omgeving. Zo vond men in de Parijse regio, bijvoorbeeld, vaak gipsen graven.
En hoe meer geld men had, hoe groter een graf kon zijn - maar dit is een gegeven van alle tijden.
Niet alleen was de oriëntatie vaak dezelfde: NZ of ZW. Maar de richting hing, meer dan waarschijnlijk ook af van de oriëntatie van de muur van het naburig kerkgebouw.
Ook hier kon men uit de grafgiften afleiden of het een mannen- of vrouwengraf betrof Bij de vrouwen werden ook hier voorwerpen voor opsmuk aangetroffen (gespen, spelden, oorring, priem en granaten). Later kwam daar glas en ijzer bij.
Soms werden resten van een emmertje aangetroffen (duidt op dienende rol). Deze grafgiften waren oorspronkelijk uit hout en ook hier was onderscheid in rijkdom (taxus was in die tijd enorm duur). 
Bij mannen een gesp, met zilver ingelegd. Zilver werd als handelsproduct ingevoerd, wat duidelijk aangeeft dat deze streek niet afgesloten was van de rest van de wereld.
Grafgiften waren altijd luxe voorwerpen, die wellicht om die reden werden aangekocht. Waardoor ze nooit gebruikt werden en ook steeds in bijzonder goede staat gevonden werden.
Giften uit Brabant waren zelfs nog luxueuzer. 

Bijzonder weetje:

sleutels zijn altijd in een vrouwengraf te vinden want de vrouw was meester in huis. 
Maar: wat als de sleutels bij een man liggen?  Dat betekende dat hij schulden heeft of had. De vrouw kon de sleutel in het graf van haar man werpen om zich van de schulden te ontdoen. 

Crematie

Crematieresten werden enkel in potten bewaard, waarbij er een groot verschil is tussen Rome en de rest van de wereld.
Rome bewaarde namelijk enkel de assen, terwijl elders niet alleen assen, maar bijvoorbeeld ook kraaltjes werden bewaard.
Tegenwoordig gebeurt onderzoek steeds meer en meer via DNA. Waardoor men verschillende groepen kon onderscheiden. Deze verschillende groepen  leefden samen, maar behielden elk hun eigen gewoonten. 
Crematies was een Saksische traditie (is onze traditie).

Grafrovers

Verschillende graven zijn (waarschijnlijk al in de eigen tijd) beroofd geweest, want er moeten meer voorwerpen geweest zijn.
Nu kunnen we echter met grote zekerheid veronderstellen dat voorwerpen werden hergebruikt voor andere graven.
Merovingers openden oude graven voor de grafobjecten maar niet binnen 1 generatie.

De kerk

Zo werden op een bepaald ogenblik relieken belangrijk voor de kerk. En werd de kerk pas gezegend als er heiligenbeenderen lagen. Kerken trokken gelovigen aan omdat deze zo dicht mogelijk bij de relieken van de heilige begraven willen worden. 
We eindigen deze rondleiding bij wie we zijn begonnen: Karel de Grote. Want ook hij ligt “heel aanwezig” en “onvergetelijk” begraven in de Paltskapel van Aken, namelijk in de doorgang van deze kapel zodat iedereen verplicht was om over hem heen te lopen.

Een mooi  applaus voor gids Joeri was op het einde van de rondleiding echt wel op zijn plaats. We hebben ervaren dat hij ongelofelijk belezen is over dit thema. 
Wij namen afscheid en het merendeel van onze groep zakte af naar het museumcafé om even na te genieten.