Nieuwsbrief Nr. 114 - november 2019

De begraafplaatsbeheerderVan fantasieloze akker tot koesterplek


Werken op de begraafplaatsen van Leuven…,  al zes jaar ondertussen. Met mijn bureau op de Stadsbegraafplaats, de grootste van de negen te beheren begraafplaatsen. Ook bij Joke, onze in 2000 doodgeboren dochter.

Tekst: Roel Van Roosbroeck
Verantwoordelijke begraafplaatsen
Stad Leuven
Foto’s: Lin verbeemen 

Met haar overlijden toen, heeft de passage op die Stadsbegraafplaats geen grote indruk nagelaten. Een open akker zonder fantasie waar we het lichaampje van Joke achterlieten. Er was veel volk bij, familie, vrienden en kennissen. Gelukkig was er Fie die voor foto’s zorgde zodat we het moment toch nog kunnen herbeleven.
 
Begraafplaatsen vallen in Leuven onder groenbeheer. Het verhaal van Joke was me voorgegaan en zo werd al snel een andere invulling aan die open vlakte gegeven. Omdat er al enkele honderden jaren wordt begraven, is de grond op deze begraafplaats niet echt super. Een deel werd afgegraven en vervangen door teelaarde waarin enkele boompjes en struiken kwamen. Het oogt mooier maar de planten zijn niet happy. Nu, enkele jaren later, staat het er nog steeds wat troosteloos bij.

Koesterplek

Het deerde mij of mijn gezin weinig. We hebben namelijk thuis een notelaar op onze binnenkoer. Bij het planten legden we o.a. haartjes van Joke onder de nog jonge boom. Nu, 19 jaar later, zet ze ons heerlijk in de schaduw met warme zomerdagen. Dit is ónze koesterplek maar we beseffen ook dat het geen koesterplek is voor anderen. Mensen die misschien nood hadden of hebben om toch nog even in verbinding te komen met haar, maar de drempel  om aan te bellen te hoog vonden of vinden. Daarom is haar plekje op de begraafplaats belangrijk. Gedeeld rouwen mogelijk maken, op een openbare plek.
 
Er is ook de vaststelling dat meer en meer mensen na crematie kiezen voor een thuisbewaring. Niet om de urne op de schouw te plaatsen maar om de overleden dierbare op een of andere favoriete plek uit te strooien. Het mag wettelijk niet maar...: “Het is niet omdat het niet mag, dat het niet kan.” is in deze een veel gebruikte Vlaamse oplossing.

Verjaardag vieren

Als begraafplaatsbeheerder moet ik dan vaststellen dat de Leuvense begraafplaatsen niet aantrekkelijk genoeg zijn. Erg jammer voor deze dikwijls centraal gelegen plekken van ‘bijzonder’ groen. 
Akkoord, de ‘leesbaarheid’ is wat zoek geraakt doorheen de jaren. Er is op de Stadsbegraafplaats bijvoorbeeld een prachtige Sterretjestuin (de eerste van Europa trouwens), schitterend natuurlijk. 

Maar met de  eerdere vaststellingen dringt een volgende stap zich op:
Laat ons elke begraafplaats in z’n geheel bekijken. Een helikopterbeeld nemen en de situering in de omgeving erkennen. Laat ons deze plekken ontsluiten en omvormen tot ware koesterplekken. Plekken waar je tot verbinding kan komen. Ook na vele jaren is het fijn om bijvoorbeeld je overleden kind te herdenken. Waarom niet haar of zijn verjaardag vieren op de begraafplaats zelf? Laten we  de vrijgekomen ruimte zo inrichten dat het uitnodigt om zo’n herdenkingsmoment te organiseren. 
 
Of het afscheid zelf, zo’n intens moment, dat moet ook op de begraafplaats mogelijk zijn, toch? Gekoesterd en niet op een open vlakte.

Veel werk aan de winkel. We zijn eraan bezig! Het is alvast gestart met begraafplaatsen niet langer onder ‘openbaar domein’ te plaatsen maar onder ‘sociale zaken’.
 
Een landschapsarchitect krijgt de kans om voltijds deze bijzondere plekken in te richten, aan te vullen of zelfs te hertekenen waar nodig. En niet alleen, maar samen met betrokkenen. Samen stad maken, begraafplaatsen lenen zich daar uitstekend voor.


En dat groen, laat het gaan, er komt wat er graag aardt. Kijk naar Roeselare, Wim heeft er prachtig resultaat  gehaald. De begraafplaats van Rumbeke onderging een metamorfose met weinig kosten. 
Een waar voorbeeld!