Nieuwsbrief Nr. 109 - januari 2019

Stefan Crick, voorzitter van het Jacques baron le Roy genootschaphield op 18 januari 2014 een voordracht over obiits & rouwgebruiken bij de adel, tijdens onze toenmalige ledenvergadering. Graag publiceren we voor de nieuwelingen onder ons het toenmalige verslag als opfrisser


De rouwgebruiken vonden hun oorsprong in de oudheid. Obiit betekent letterlijk “tegemoet gaan”, dus: sterven. Heraldiek is de wetenschap die zich bezighoudt met de betekenis van wapenschilden. 
Wanneer die ontstond is niet met zekerheid te achterhalen. Volgens de ene bij het beroemde tapijt van Bayeux, want daar staan wapenschilden op. Anderen zien de oorsprong eerder in de kruistochten. Wanneer een ridder stierf werd zijn wapenuitrusting op een katafalk geplaatst. Stefan toonde ook enkele rouwstoeten waar heraldische vlaggen werden meegedragen en toonde de stoet van Elisabeth I. Ook de rouwstoet voor Willem de Zwijger passeerde de revue. De eerste vormen van rouwgebruiken treft men aan in Canterbury bij de ‘black prince’. Dichter bij ons haalde Stefan Breda aan met het grafmonument van Edelbrecht van Nassau en vele voorbeelden uit de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Brugge.

De obiits, rechthoekige borden, vertellen meer dan men op het eerste zicht verwacht. Er kan, zo haalde Stefan aan, onderscheiden worden of het een ongehuwde man, een kind, een echtpaar, een ongehuwde vrouw, een echtpaar waar de vrouw nog van in leven is of een echtpaar waar de man nog van in leven is, betreft. Stefan Crick illustreerde zijn betoog met enkele prachtige voorbeelden uit Zweden, Estland, Engeland en Frankrijk. Soms werd zo’n rouwbord opgehangen aan de ingang van het sterfhuis of meegedragen in de rouwstoet. Een van de oudste rouwborden dateert van 1614 en is van de familie de Merode. Ook staat de naam van de familie dikwijls uitgebeeld op het obiit. Zo kijken drie katers ons aan op een rouwbord voor de familie de Caters. Een weetje was dan weer dat de betekenis van de familienaam Geelhand niet een gele hand betrof maar wel ‘de gehele hand’. Een ander gebruik was, dat bij de laatste telg van een familie het zwaard gebroken werd en men wierp het nadien in het open graf.
Stefan toonde ook enkele voorbeelden van zielspenningen voor de armen. De penning gaf recht op een brood. Ook bevatten rouwbrieven dikwijls onderaan bonnen die konden omgewisseld worden voor een brood.
Ten slotte haalde Stefan Crick enkele redenen aan waarom de rouwborden uit het beeld verdwenen. Allereerst was er de beeldenstorm van 1566. Een tweede reden was de Franse revolutie van 1789. Maar het ergste bleek het tweede Vaticanum geweest te zijn waar gepleit werd voor modernisering van de kerken. Vele priesters verkochten dan maar de rouwborden. Een heel interessante voordracht die maakt dat we met andere ogen, meer kennersogen, naar obiits gaan kijken.

               Jacques Buermans