Nieuwsbrief Nr. 108 - november 2018

Bloemist met een familie- geschiedenis rond het SchoonselhofEric Coone


Allerheiligen is niet alleen voor de bloemenwinkels in de omgeving van begraafplaatsen een hoogdag,
maar vanzelfsprekend ook voor de chrysantentelers zelf. Na een jaar van hard werken,
strijken zij traditioneel met hun tijdelijke kraampjes neer in de omgeving van de ingangspoorten.
En verzekeren zich zo van een behoorlijk deel van hun jaaromzet. Deze kleurrijke traditie staat ook mee aan de basis van een familiegeschiedenis van een bloemenzaak rond het Schoonselhof.

Voor de familie Hendrickx begint het verhaal rond 1930 toen de grootmoeder van Eric Coone, Mathilde Hendrickx, een bloemenwinkel start. In dat jaar werd ook zijn vader geboren Charles Coone geboren. Uit deze periode bestaan nog enkele foto’s van de familie voor hun houten winkeltje.
 
Tekst  en foto's : Eric Coone  & Lin Verbeemen

Een tijd waar bloemenwinkels niet alleen bloemen verkochten maar tegelijk ook winkels of café’s waren. Zo vond je in die periode, niet alleen 15 winkels, maar ook 3 café’s die bloemen verkochten. Anno 2018 bestaan er nog maar 2 bloemenwinkels in de buurt van het Schoonselhof.
 
Toen Charles trouwde, besloot het jonge koppel naar Gent te verhuizen, want soms is het moeilijk om met elkaar samen te werken.
De zaak van grootmoeder Mathilde bleek heel succesrijk te zijn en ze vroeg Charles in 1956 om terug naar Antwerpen te verhuizen.
De samenwerking bleek echter nogmaals onmogelijk en Charles nam bloemenwinkel Vets over en het echtpaar openden hun deuren van hun eerste zaak op 1 januari 1958.
Hun zoon Eric Coone werd geboren in 1957, waarmee de opvolging verzekerd werd.
Een tiental verkooppunten werden uit de grond gestampt, en kenden een drukte van jewelste.
Zo druk zelfs dat de Sint- Bernardseteenweg werd afgesloten voor doorgaand verkeer en zelfs een extra tramlijn werd ingelegd. En politie regelde het verkeer om de mensen die van de overvolle trams stapten veilig de steenweg te laten oversteken.

De beginjaren
In het begin van de jaren ‘60 kenden zij een ongekend succes met jaarlijks een aanvoer van meer dan 5.000 bolchrysanten. Deze werden dagelijks met een gigantische vrachtwagen aangevoerd en het was noodzakelijk om de naburige feestzaal te huren om alle chrysanten te stockeren.
De ouders van Eric namen 6 extra verkoopsters in dienst die heel de dag buiten moesten staan met een bloempot in hun handen. In zijn herinneringen was het in die jaren koud, koud en nog eens koud, waardoor ze zichzelf moesten aankleden met laarzen (gevoerd met wol), mutsen en handschoenen.
In 1974 stapte Eric mee in de zaak en stilaan veranderde de ‘kerkhofwinkel’ in een thuisverkoopwinkel met vijf vestigingen.
Niet te vergeten zijn de tientallen jonge pottendragers, die jaarlijks hun steentje bijdroegen aan de sfeer.
Jammer genoeg ging het ‘kerkhofbezoek’ jaarlijks achteruit door de opgang van crematie en de verminderde belangstelling voor de jaarlijkse traditie.

Ondertussen ging ook Eric met pensioen maar een collega-buurman kan jaarlijks nog op zijn hulp rekenen voor het vervaardigen van de Allerheiligen-grafstukken.