Nieuwsbrief Nr. 108 - november 2018

Twee muzikale rondleidingen Schoonselhof konden op massale belangstelling rekenen


Naar aanleiding van de Week van de Begraafplaatsen in Antwerpen mocht vzw Grafzerkje de spits afbijten. De rondleiding van zondag 28 oktober was in een mum van tijd volzet zodat besloten werd om een extra wandeling op zaterdag te organiseren. Ook deze rondleiding kon op veel belangstelling rekenen zodat in de toekomst misschien nog eens een rondleiding georganiseerd wordt.
 
Zaterdag: Voorzitster van vzw Grafzerkje, Tamara Ingels, nam de honneurs waar van deze muzikale rondleiding waarvoor zij een beroep kon doen op David Vergauwen voor zijn muzikale expertise. Terwijl de 25 deelnemers toestroomden was ATV aanwezig om een interview af te nemen van Tamara  en van David. Tamara dankte de stad Antwerpen, vertegenwoordigd door Martijn Van Groningen, voor de geboden kans en vertelde kort dat de begraafplaats Schoonselhof in 1921 opgericht werd op de plek waar ooit een huis van plaisantie was.

Zondag: Niet minder dan 30 deelnemers werden verwelkomd.

Eerste halte was Peter Benoit  Volgens het verslag op ATV was Peter Benoit een belangrijk barokcomponist! Het is maar dat u dat weet. David vertelde de groep dat Benoit eiste  dat zijn werk in het Nederlands uitgevoerd werd. Benoit wilde de Vlamingen een eigen cultuur bijbrengen en zocht daar zijn inspiratie. “De Rubenscantate” was een ode aan de barokschilder terwijl “De Schelde” de lof van de stroom bezong. David liet ons een stuk uit “De Pacificatie van Gent” beluisteren en meldde dat de basis van het grafmonument verwijst naar werken van de componist. Naast mekaar vinden we “Lucifer”, en “Charlotte Corday” en wat verder een illustratie van de “Elfenkoning”, het trieste verhaal van een vader die ’s nachts te paard naar huis rijdt met in zijn armen zijn zoon. De jongen ziet in zijn koortsdromen de elfenkoning, een symbool van de dood, die hem probeert mee te lokken naar de ‘andere zijde’. Het angstige kind roept naar zijn vader om hulp. De elfenkoning probeert het opnieuw, uiteindelijk dreigt hij het kind met geweld mee te nemen. Als de vader en het kind op hun bestemming komen, blijkt de jongen gestorven te zijn. Hij is voor de elfenkoning bezweken. Peter Benoit was de eerste directeur van het Antwerpse muziekconservatorium. 
Vandaar trok de groep naar de laatste rustplaats van dichter Julius De Geyter. Hij schreef veel teksten op werk van Benoit zoals “De Rubenscantate”. In zijn werk gaat hij dikwijls op zoek naar “helden” zoals “Keizer Karel” en de “Van Rijswijckcantate” ook wel de “kindercantate” genoemd, is een ode aan dichter Theodoor Van Rijswijck. Het grafmonument is van de hand van Frans Joris en, volgens Tamara, zouden de kindjes op het monument wel eens kunnen verwijzen naar die “kindercantate”. De “lier” op het grafmonument verwijst naar het beroep van de kunstenaar, in dit geval een dichter. Julius.De Geyter trachtte ooit een eerste Nederlandstalige loge te introduceren en zijn “Geuzenlied” werd nog lang gezongen in maconnieke kringen.
Op het Joodse gedeelte van de begraafplaats stonden we stil bij de laatste rustplaats van Bernard Tokkie. David Vergauwen vertelde over deze operazanger en Vlaamse grondlegger van de Nederlandstalige opera. Bij de verhuis naar het huidige operagebouw werd Tokkie er directeur. Tokkie overleed tijdens de Tweede Wereldoorlog en hij was zo populair dat door het toenmalige, Duitsgezinde, stadsbestuur een rouwkrans neergelegd werd. Tamara vertelde over de integratie van de Joden uit Nederland en Duitsland. Later kwamen vele Joden uit Polen naar Antwerpen. 70 jaar geleden verhuisden vele graven naar Putte over de grens in Nederland omdat hier geen eeuwigdurende grafrust meer bestond. 
Op het ereperk van de stad Antwerpen troffen we de laatste rustplaats voor Lodewijk Mortelmans aan. Zijn ouders kochten een piano voor zijn broer Frans want, dixit de ouders, die was toch muzikaler dan Lodewijk. Frans schilderde echter liever en zo kon Lodewijk op de piano spelen. David vertelde dat Mortelmans geen gemakkelijk iemand was maar dat was misschien te wijten aan het feit dat hij tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn eerste echtgenote en twee zonen verloor. We hoorden “In Memoriam” een werk dat eerst geschreven werd voor piano en later georkestreerd werd. Zijn buurman op het ereperk is Flor Alpaerts die veel levenslustiger muziek maakte dan Mortelmans. Bekend van Alpaerts is een symfonisch gedicht “Pallieter” maar wij hoorden een fragment uit de “Ensorsuite”, een ode aan de Oostendse schilder. Emiel Wambach  was de derde directeur van het Antwerpse conservatorium. Renaat Veremans was een der populairste componisten van zijn tijd. Op zijn graf naast een afbeelding van de componist, een afbeelding van de drie zustersteden (Gent, Antwerpen en Brugge) verwijzend naar zijn meesterwerk “Vlaanderen”. Veremans was enkele jaren directeur aan het conservatorium van Brugge. 
Bij de laatste rustplaats voor componist Jef Van Hoof en hoorden we de prachtige baritonstem van Renaat Verbruggen in “Daar is maar één Vlaanderen en het is Dietsch” , wat ook op het graf vermeldt staat.
Op het kunstenaarsereperk kregen we informatie over Karel Goeyvaerts een van de belangrijkste avantgardecomponisten en een van de eersten die elektronische muziek fabriceerde. In die tijd zeker geen eenvoudige klus. We kregen hier, via de moderne middelen, Goeyvaerts  te horen die informatie verstrekte over zijn manier van werken. Ik moet eerlijk zeggen dat ik geen fan ben van zijn muziek.
Enkele rijen verder: Renaat Verbruggen, baritonzanger en directeur van de Koninklijke Vlaamse Opera. We zagen en hoorden een fragment uit “Vlaanderen”. Emmanuel Durlet was pianist en hij componeerde meer dan 80 pianowerken. Denise Tolkowsky  was een van onze belangrijkste vrouwelijke componisten. Met haar echtgenoot Alex de Vries speelde ze veel quatre-mains. Na bijna twee uur en half zat een interessante muzikale rondleiding er op. 
Tamara Ingels dankte David Vergauwen voor zijn expertise en de groep dankte Tamara voor haar interessante funeraire aanvullingen.

Tekst:  Jacques Buermans
 
Foto’s: Mieke Versées en Jacques Buermans.