Nieuwsbrief Nr. 103 - januari 2018

Het dagboek van de aalmoezenier


In het dagboek van Achiel Van Walleghem uit WOI heb ik onze soldaat weer teruggevonden… Zijn overlijden staat beschreven, hij kwam om bij een bombardement op de lokale Mauritshoeve tijdens een bombardement met maar liefst 25 bommen…

Wil je meer lezen? het is echt pakkend. Ik schrijf het even uit

http://http://www.inflandersfields.be/nl/04-05-2016

Om 1 ure namiddag wordt de hoeve van Maurits Lemahien geweldig gebombardeerd. Daar verblijven immers verschillige Belgische officieren van den 1ste groep, waaronder doktoors en aalmoezenier E.H. Peeters. (…) 25 bommen vallen op en rond de hoeve, waarvan 3 op de gebouwen. De soldaten
komen met hunne peerden gevlucht tot bij de hoeve van Dalle. Ongelukkiglijk
een belgisch soldaat wordt getroffen in de ’t deurgat van ’t huis en sterft eenige oogenblikken nadien.

De website linkt ook door naar de namenlijst, en die komt uit bij onze soldaat. En het klopt, want de overlijdensakte zegt ook Dikkebus, 13u…Pas als we inzage krijgen in zijn militair dossier komt een klein stukje van het verhaal
naar boven. Zijn registratieformulier van het artillerieregiment geeft flink wat informatie. De jonge knaap met blauwe ogen en kastanjebruin haar was voordien tewerkgesteld geweest als landbouwer en trad in dienst op 8 juni 1909, bij het 4de regiment van de artillerie. Enkele maanden later, in oktober kwam hij effectief in actieve dienst. Gedurende zijn dienst werd hij verscheidene keren overgeplaatst: in 1910 naar het 2de regiment, in 1913 naar het 1ste regiment en in maart 1915 naar het 7de regiment van de artillerie, waar hij bij zijn dood behoorde tot de 1ste groep.
 
 

Dossier

 
Het dossier bevat tal van boeiende persoonlijke details. Voor de oorlog keerde hij verschillende keren opnieuw naar Hallaar,telkens voor een verblijf van 5 dagen totenkele weken. Hij verbleef in november 1911 mogelijk enkele dagen in het ziekenhuis,en kort nadien, begin 1912, verblijft hij vijf maanden in het buitenland (de reden is onbekend, mogelijk gezondheidsredenen?).Hij kreeg tijdens zijn dienst voor de oorlog ook enkele keren arrest, meestal voor hette vroeg verlaten van zijn wachtdienst of zijn werk. Het kostte hem telkens 4 tot 8 dagen politiezaal.Op 1 augustus 1914 werd hij opgeroepen
voor de oorlog. Zijn dossier geeft vanaf dan bijzonder weinig informatie vrij. Tijdens de oorlogsjaren staat er geen enkel verlof meer beschreven in zijn dossier, noch enige strafmaatregel. Bij zijn overlijden krijgen we in de documenten wat zicht op enkele andere persoonlijke gegevens. Op het ogenblik van zijn overlijden was hij ongehuwd, en had hij één jaar, negen maanden en 4 dagen anciënniteit opgebouwd in oorlogsdienst – enzoals zijn dossier doet vermoeden – was hij die 21 maanden waarschijnlijk in dienst zonder enige onderbreking. Zijn overlijdensaktewerd op 4 mei opgemaakt om 13u, er is daar geen reden van overlijden genotuleerd.Er is wel een inventaris van de weinige objecten die hij bezat, waaronder sporen (voor paarden), een mondharmonica, sigaretten en een portefeuille met brieven en de geldsom van 31 frank en 20 centimen. Hijwerd na zijn dood begraven op de (militaire)
begraafplaats van Poperinge (au cimetière anglo-franco-belge). De doodsoorzaak vonden we uiteindelijkook, en wel in het dagboek van Achiel Van
Walleghem, die pastoor was in de oorlogsjaren en nauwgezet een dagboek bijhield. Hij beschreef de dood van ‘onze soldaat’ alsvolgt: Om 1 ure namiddag wordt de hoeve van Maurits Lemahien geweldig gebombardeerd.Daarverblijven immers verschillige Belgische officieren van den 1ste groep, waaronder doktoors en aalmoezenier E.H. Peeters. (…) 25 bommen vallen op en rond de hoeve, waarvan 3 op de gebouwen. De soldaten komen met hunne peerden gevlucht tot bij de hoeve van Dalle. Ongelukkiglijk een belgisch soldaat wordt getroffen in de ’t deurgat van ’t huis en sterft eenige oogenblikken nadien. Vanaf 1919 deed zijn vader aanvragen om de ereonderscheidingenvan zijn zoon alsnog postuum te mogenontvangen: Ridder in de Leopold II orde metpalm en het Oorlogskruis. Op 10/10/1921werd hij officieel begraven in Hallaar, en kortnadien werd de grote graftrommel opgericht. Zijn graftrommel bevatte op het moment dat
hij in 2015 gevonden werd geen foto meer (en het is de vraag of die er ooit was), maar bevatte wel grotendeels verteerde resten van een lint … met de Belgische driekleur.

Opmerking en bronnen:

Deze werden in 2015 per toeval teruggevonden in een heemkundige collectie en
werden goed gedocumenteerd in T. Ingels, R. Van Loo, e.a. Hallaar in dialoog met de dood. Een tentoonstelling over funeraire verhalen, gebruiken en tradities, Heist-op-den-Berg,
 
Intro Cultuur en Media, 2015.
L. Bok en E. J. Halkus. Graftrommels en (kunst)kransen in Nederland.
Historie van een bijzonder funerair object. Stichting Dodenakkers, 2013.

https://database.namenlijst.be/publicsearch/#/ person/