Nieuwsbrief Nr. 102 - november 2017

Evere met oog voor vrijmetselaars en Court-Saint-Etienne


In de voormiddag luisterden 17 deelnemers naar de bevlogen gids Jeffrey Tyssens. 

Op het rondpunt stonden we stil bij Adolphe Max, burgemeester van 1909 tot kort voor zijn dood in 1939. Max was altijd vergezeld van zijn hondje en die fox-terrier stond model voor “Bobby” uit de boeken van Kuifje. Dan gaf Jeffrey Tyssens wat duiding over de vrijmetselarij. Hij vertelde onder andere “de vrijmetselarij een besloten kring is waar de inwijding erg belangrijk is en waar de inwijdeling wordt geconfronteerd met symbolen van het bouwvakkersambt en waarbij het voelen, het aanraken van het onbekende belangrijk is. Vrijmetselaars trachten aan een betere wereld te werken, door aan hun eigen “steen” te werken en de stenen dan samen te voegen tot de “tempel der mensheid”, uitgebeeld als de Tempel van Salomon. Wegens de opgelegde beperkingen zetten vrijmetselaars zich af tegen de kerk. Na 1830 wordt de vrijmetselarij “liberaal” en dat scherpt het antiklerikale nog aan.

Op het graf van burgemeester Jules Anspach is geen vrijmetselaarssymboliek aanwezig. Jules Anspach, burgemeester tussen 1864 en 1879, wordt een soort “betonneur” van de Brusselse binnenstad. Zijn opvolger Vanderstraeten was meer bekend om het schandaal van “les petites Anglaises” dan voor politieke verwezenlijkingen. Britse meisjes werden in Parijs en Brussel tewerkgesteld in de prostitutie. Een van die huizen lag over het logegebouw waar Vanderstraeten lid van was maar erger was nog dat een herberg waar de dames “actief” waren door de burgemeester aan de uitbaters was verkocht. Hier ook geen maçonnieke symbolen want hij werd begraven in de kerk. Zijn opvolger als burgemeester was Charles Buls. In tegenstelling tot Anspach was Buls de man van kronkelende straatjes en een gezellige binnenstad. Buls, een bescheiden man met een bescheiden graf, nam ontslag omdat zijn visie op de ontwikkeling van de stad indruiste tegen die van koning Leopold II. 
Pierre-Theodore Verhaegen, advocaat, parlementslid en voorzitter van de Kamer, is, dixit Jeffrey, een vrijzinnige “heilige” geworden want elk jaar op 20 november vieren de studenten “Saint-V”. Bovenaan een beeld van Verhaegen en op de stèle staan een resem maçonnieke tekens. Theodore Verhaegen ging aanvankelijk nog regelmatig naar de mis en op zijn doodsbed wilde de familie hem overhalen om kerkelijk begraven te worden. Op de burgerlijke uitvaart verschenen de maçons massaal en in vol ornaat en vormden zij een begrafenisstoet waar nog jaren over gesproken werd. Er was slechts één familielid op de uitvaart. Vooraan toch een graf met christelijke symbolen maar elk jaar volgt een “symbolische” wraak want op Saint-V legt men massaal kransen en bloemen op dat graf zodat enkel het maçonnieke graf zichtbaar blijft. 
Bij het graf Hector Goffart kregen we een heel gamma vrijmetselaarssymbolen te zien. Naast de passer en de winkelhaak zagen we ook de moker, om de ruwe steen te kappen, en het truweel, om de steen te metselen. De ouroboros ontbrak hier ook niet en de acaciatak. 
Naast dit graf Bert Leën , een Limburgse onderwijzer en journalist. Wanneer de publieke scholen door de katholieken afgeschaft werden trok Leën naar Brussel. Hij werd door Julius Hoste binnengehaald bij “Het Laatste Nieuws” en bouwde een loopbaan op als politiek verslaggever. Op het graf “hij leed en streed voor volk en vrijheid”. Op het graf de passer en de winkelhaak en onderaan, slecht zichtbaar, onderaan ook een nummer van “Het Laatste Nieuws”. 

Joseph Defrenne was advocaat en vrijmetselaar. Hier zagen we een zeldzaam fenomeen: het kruis met de pelikaan. Volgens Jeffrey een verwijzing naar de 18de graad van loge. Eindigen deden we ons bezoek aan de begraafplaats van Evere met het graf voor Paulette Verdoot , geen vrijmetselaar maar wel een graf met Egyptische verwijzingen zoals ze in vrijmetselaarskring wel populair waren. Deze danseres pleegde zelfmoord. Zij danste in de Munt. Jeffrey Tyssens eindigde zijn interessante rondleiding met het corrigeren van een misverstand dat men enkel in het orkest van de Munt kon geraken indien men lid was van de loge. Het is andersom: “je moet eerst in het orkest van de Munt geraken als virtuoos muzikant en dan kon je toetreden tot een loge”. Bijna twee uur hingen de Grafzerkjes aan de lippen van Jeffrey Tyssens wat niet verwonderlijk was want Jeffrey is een vat wetendheid. 

‘s Middags bezochten we Court-Saint-Etienne om aldaar in bewondering te staan voor het mausoleum voor Eugène Félicien Albert graaf Goblet d’Alviella (1846 – 1925) . Het is een realisatie van de bekende Brusselse architect Adolphe Samyn. Goblet d’Alviella zijn grootvader was militair, liberaal, antiklerikaal maar hij ging wel nog naar de kerk. Eugène studeerde aan de ULB en behoorde tot de progressieve vleugel van de liberalen. Hij werd hoogleraar godsdienstgeschiedenis. We kwamen enkele sfinxen tegen op onze weg naar het gigantische mausoleum. 
Maar eerst vertelde Jeffrey Tyssens nog wat over de verschillende graden in de vrijmetselarij. De meest bekende zijn de eerste drie vrijmetselaarsgraden: leerling, gezel en meester. Dat wordt de blauwe vrijmetselarij genoemd. Gaat men verder spreekt men over het kapittel, de aeropagus en de hogere initiërende raad. De vierde tot de 18de graad is de rode vrijmetselarij; de 19de tot de 30ste graad behoort tot de zwarte vrijmetselarij terwijl de 31ste tot de 33ste de witte vrijmetselarij is. Het monument is van de jaren 1880 en heeft veel te maken met de reiservaringen van Eugène met de Britten in India. Aan de vier zijden van het mausoleum teksten in Latijn, Sanskriet, Egyptisch en Grieks. Op de hoeken verschillende symbolen. Aan zijde 1 : het Christussymbool met de alfa en de omega; het Judaïsme; het Grieks en het Brahmanisme. Op de volgende zijde : Arabisch en oud-Scandinavisch. Zijde 3 : het Romeins met het symbool voor Jupiter; Germaans met de hamer van Thor; Boeddhisme en het vuuraltaar. Op de laatste zijde : spijkerschrift en Oost-Aziatisch. Aan de pilaren van de binnenzijde vier groepen van drie symbolen: de Phoenix, de Lotus en de Swastika; de vlinder, de zon en korenaren; de ankh = Egyptisch en de toorts omhoog en de toorts omlaag; de zeis, de ouroboros en de sarcofaag met de acaciatak. 
Jeffrey Tyssens wees ons tenslotte op een aantal teksten uit verschillende religies. Meer dan één uur mochten genieten van de kennis van Jeffrey. Moe maar meer dan tevreden keerden we huiswaarts.
Jacques Buermans.
Gelukkig nagekeken en aangepast door Jeffrey Tyssens
 
Foto’s: Tamara Ingels, Mieke Versées, Danielle Schijn & Jacques Buermans.