Nieuwsbrief Nr. 96 - november 2016

Halen Slag der zilveren helmen


De heer Stroobants, beheerder van het plaatselijk museum was de uitgelezen man om voor ons de bloedige gebeurtenissen van 12 augustus 1914 te schetsen en ons bezoek aan de Belgische militaire begraafplaats in goede banen te leiden. Enkele cijfers zijn altijd mooi meegenomen: 55a groot, in totaal 181 bijgezette gesneuvelden waarvan 109 van de slag zelf, 31 van die gastjes zijn naamloos het graf ingegaan. Oorspronkelijk waren de Belgische doden te Loksbergen en rond de IJzerwinninghoeve begraven. In 1915 werden ze allen op deze dodenakker gegroepeerd.
Een greep uit de figuren die tijdens de wandeling aan bod kwamen:
Dokter Auguste Lerat, lid van de medische staf van het 4° Lansiers, verzorgde in de kelder van de IJzerwinninghoeve gekwetste solden. Een voltreffer veroorzaakte brand in een deel van de boerderij, Auguste Lerat kwam in de vlammen om. Officieel was hij de eerste Belgische arts die tijdens de begindagen van de oorlog het leven liet.
Jean Demaret, kapitein-commandant bij het 4° Lansiers, was met zijn 47 jaren toch geen groentje meer. Misschien liet de lokroep van het veld van eer zich horen. Een ooggetuige vertelt: “ Hij nam zijn kepie af, stak zijn hoofd door het dakvenster. Kreeg onmiddellijk een kogel in het hoofd. Ook zijn adjudant Henri Rousselet werd dodelijk getroffen” Oorspronkelijk lagen beiden begraven in de tuin van de hoeve.
Clement de Vleeschouwer, soldaat bij de karabiniers-wielrijders, is de enige die nog over zijn porseleinfoto beschikt.
Robert Stoops, luitenant bij het 4° linie, stierf een dag na zijn dertigste verjaardag.
Henry Grazulwitz was een Russische Pool of een Poolse Rus. Niemand die er nog wijs uit geraakt.
Naast de militaire begraafplaats staat het monumentje “Via Dolorosa” het herinnert aan de lijdensweg die het Belgisch leger aflegde tussen augustus en oktober 1914 van Gemmenich naar de IJzervlakte.
Er pal tegenover, een beetje ongelukkig op een parking, staat het gedenkteken voor de burgerslachtoffers van 12 augustus 1914. Dit monument kende een eigen Via Dolorosa want het verhuisde van hot naar her. Had een brave ziel er zich niet om bekommerd, het bestond niet meer.

de Duitsers


Voor de Duitsers werd de veldslag een ware nachtmerrie. Er sneuvelde 140 man en er waren 600 gewonden waarvan de zwaargewonden naar Herk de Stad werden gevoerd. Oorspronkelijk werden de doden begraven waar ze gevallen waren of bijgezet op een burgerlijk kerkhof, later groepeerde men ze nabij de IJzerwinninghoeve. Zoals overal liquideerde men de begraafplaats in de jaren 1950. De stoffelijke resten werden naar Vladslo en Langemark overgebracht. Een kruis te midden van velden en weiden is het enige dat nu nog naar de militaire begraafplaats verwijst. Ook meer dan 400 paarden lieten het leven, die werden door de bevolking in de velden begraven. Ergens moet er dus nog een paardenkerkhof zijn. En pas eenmaal terug thuis vroeg ik het mij af: “Wat is er met die 200 Duitse gastjes gebeurd die op die zonnige augustusdag krijgsgevangen werden genomen?”

Herdenkingspark 2014

Naar aanleiding van de herdenking van 100 jaar Wereldoorlog I kregen de 44 Limburgse gemeenten een betonnen helm in de bus. Op die helm mochten jong en oud zich creatief uitleven. Bedoeling was om in de nabijheid van het monument ter ere van de Zwarte Duivels een herdenkingspark aan te leggen.
LOKSBERGEN
Met de fiets van Halen naar Loksbergen om daar het graf van de priester-dichter August Cuppens te gaan zoeken. Lang hoefden we niet te zoeken want de man ligt pal aan de ingang van het kerkhof.
Pastoor Cuppens (Beringen 1862-Loksbergen 1924) mocht zich de vriend noemen van Guido Gezelle, Hugo Verriest en Stijn Streuvels. Op 12 augustus 1914 stond hij de Belgische soldaten met raad en daad bij. Nadien schreef hij het gedicht “De slag der Zilveren Helmen” en gaf op die manier de naamloze slag te Halen een naam. Zijn beroemdste opus is de tekst voor het lied “OLV van Vlaanderen” beter bekend als “Liefde gaf U duizend namen”.
An Hernalsteen

Parijs op zaterdag 17 september 2016


Lang voor dag en dauw pikten we onze voorzitter en gids van de dag op om de trein te nemen naar Brussel. Na een beetje zoeken en wachten in Brussel, vonden we de overige leden van groep en met de Thalys vertrokken we, stipt op tijd naar Parijs. Nog geen anderhalf uur later stonden we op het perron van de Gare Du Nord, waar we, na de nodige instructies van Jacques, de metro indoken om na een overstap terug boven te komen, vlak aan onze bestemming: Père Lachaise. 
Het blijft een indrukwekkende plek. Je komt uit de drukte van de metro en belandt in een oase van rust en schoonheid. Het begint al aan de ingang zelf. De indrukwekkende poort met de zandlopers met vleugels en de fakkels .
Telkens als ik er kom, heb ik hetzelfde verwarrende gevoel, nl. waar moet ik hier beginnen; ik kan nooit alles zien. Je botst van de ene grote naam op de andere.
Dan is het aangename gezelschap van een topgids zéér nuttig. Jacques Buermans kent de plek als zijn broekzak en nam ons mee op ronde.
Een toevallig, maar aangenaam intermezzo in deze rondleiding was het feit dat het crematorium open was. Er was net een dienst afgelopen en we deden een poging om ook de binnenkant van het gebouw te bekijken, maar die poging werd snel afgebroken. Het was een privédienst en we mochten terug vertrekken. Er waren toch enkelen die een foto van de binnenkant van dat crematorium hebben kunnen maken.
at opviel, was het aantal bezoekers, oftewel, het gebrek hieraan. Het was zeer rustig en waar je anders moet aanschuiven om sommige graven te bekijken of waar je anders van ver kunt vermoeden dat er een bekendheid te bewonderen valt, konden we nu overal direct terecht. Zelf bij Morrison, waar het anders drummen kan zijn, waren nu enkele bezoekers.
et bezoek was mooi, leerrijk, aangenaam maar lang. Vanaf een gegeven moment, lukte het mij niet meer om de informatie te incasseren. Ik was moe en had honger en dorst. Al goed dat de rondleiding op zijn einde liep en we konden aanschuiven aan te de tafel die Jacques gereserveerd had.
Die middagpauze mocht, wat mij betreft, minstens twee keer zo lang duren, maar we zetten na de maaltijd onze tocht verder. We doken terug de metro in en vlak aan de begraafplaats Montmartre kwamen we terug boven. Bij de ingang van deze begraafplaats maakte ik direct een nieuwe vriend. Een mooie poezenvent kon mijn gezelschap op prijs stellen.
et bezoek was mooi, leerrijk, aangenaam maar lang. Vanaf een gegeven moment, lukte het mij niet meer om de informatie te incasseren. Ik was moe en had honger en dorst. Al goed dat de rondleiding op zijn einde liep en we konden aanschuiven aan te de tafel die Jacques gereserveerd had.
Die middagpauze mocht, wat mij betreft, minstens twee keer zo lang duren, maar we zetten na de maaltijd onze tocht verder. We doken terug de metro in en vlak aan de begraafplaats Montmartre kwamen we terug boven. Bij de ingang van deze begraafplaats maakte ik direct een nieuwe vriend. Een mooie poezenvent kon mijn gezelschap op prijs stellen.
Hier terug, trap op, berg af of berg af en trap op, van het ene prachtige monument naar het andere. De fut was een beetje uit de groep. Ze volgden nog wel – alhoewel, soms was het wachten geblazen.
De begraafplaats is niet zo indrukwekkend als Père Lachaise, maar toch zeker ook de moeite waard.
Na een tweetal uren wandelen, was het vat helemaal af. We hadden nog tijd zat om iets te drinken. Op het terras werd besloten om te voet naar het station te gaan. Het is uiteindelijk maar enkele metrohaltes verder, maar bovengronds wandel je door een andere wereld. We zijn de Moulin Rouge gepasseerd en de concertzaal Cigale, waar net een optreden zou starten. We kwamen ontelbaar veel winkels tegen waar ze trouwkledij verkochten – gewoon de ene naast de andere; er liep zelf een koppel in trouwkledij gewoon over de straat. De korte wandeling dompelde ons onder in een mengelmoes van kleuren en culturen. Het smaakte naar meer, naar verder de stad intrekken, maar we moesten de trein halen. De Thalys terug naar Brussel, de trein terug naar Berchem, de auto terug naar Hoboken en zo stonden we ‘moe maar voldaan’ na een lange, aangename dag terug thuis.
P. S.: een opsomming van de lading bekendheden met uitermate mooie laatste rustplaatsen is terug te vinden in eerdere verslagen.
 
Leen Otte.
 
Foto’s: Leen Otte, Marleen Bruynseels, Pela De Kinder, Michael Devisscher en Jacques Buermans.

De tupperware pot van het Gentse feestenpubliek en de wonderdokter ven Grave Gardening redden een graf op de Wester


Telkens ik het deksel van mijn ondertussen wereldberoemd plastieken spaarpotje optilde, lachten de centjes mij toe. Hoog tijd voor een restauratie! Enthousiast als ik altijd ben, had ik al her en der voorbarig staan rondbazuinen: “We gaan er eentje onder handen nemen, we gaan er eentje op drinken”. Mis poes! Door allerlei wederwaardigheden kwam het project op de lange baan terecht. Daar stond ik dan met mijn belofte van het glaasje achteraf. In zo’n gevallen helpt talmen en treuzelen niet. De Westerbegraafplaats beleefde een primeur.
Geen gerestaureerd graf maar toch er eentje op “schellen”. Eens te meer sponsorde de Kleinen trouw de drank. Nu is het graf van de familie van Caneghem opgeblonken dank zij de inzet van de Grave Gardeningploeg die mij af en toe wel eens vervloekt zal hebben. Prima werk hebben ze geleverd.
Waarom nu juist dit graf? Iedereen weet hoe ik WO I najaag, zoon Hendrik sneuvelde op 26 augustus 1914 te Haacht bij de verdediging van het nationaal bollewerk Antwerpen.

An Hernalsteen

Dia de los Muertos


Voor het vijfde jaar op rij organiseerde het MAS, in samenwerking met het MAF, Mestizo Arts Festival, dit evenement. ik ging een kijkje nemen.
Op de achtste verdieping is het koppen lopen. Er staan twee altaren waarvan het Mexicaanse een ode is aan Juan Gabriel, een gevierd zanger. Hij overleed dit jaar aan een hartaanval. Het altaar van Antwerpen is een project van kunstenares Patricia Lopez. Zij maakte de schedels en de figuren. Haar inspiratie vond zij bij“ la Catrina” van Posada. José Posada tekende karikaturen van vrouwelijke skeletten in galakledij. Hij wou daarmee aantonen dat de dood voor iedereen gelijk is. Het altaar groeit ieder jaar. Oude stukken gaan eruit, nieuwe komen erbij.
Na een woordje van onder meer de Mexicaanse ambassadeur, krijgt slam poet Younes de micro.
Aan de innerlijke mens is ook gedacht met het traditionele Pan de los Muertos. Lekker!
Op het programma staan ook nog een snelle rondleiding door “leven en dood”. Jammer genoeg niet voor mij. Ik spurt er weg omdat ik vrees te laat te komen op mijn afspraak. Op de kerktoren zie ik later dat het pas  vier uur is. Juist, ik vergat over te schakelen naar het winteruur. Uitkijken naar de volgende editie dus.

Mieke Versées

Schoonselhofsfeer


Eind oktober voelt zomers aan. Ideaal weer om nog eens de sfeer van het Schoonselhof op te snuiven. Met 1 november voor de deur is het er druk. Mensen zeulen met grote bloempotten en poetsgerief. De bomen, in hun mooiste herfstpak, staan er vlammend bij. Perk in, perk uit, zo beland ik bij de kunstenaars. Ik ontdek er enkele nieuwe grafzerken waaronder dat van Eric Antonis, Guy Vandenbranden en Bert De Leeuw. Ook Marc Lagrange ligt er begraven. Hij was een gerenommeerd fotograaf. Het graf van Herman de Coninck kreeg dan weer een make-over. De schelpen maakten plaats voor een mozaïek waarin je het gelaat van de schrijver herkent. Ook het graf van Paul Van Ostaijen werd onder handen genomen. Op het militaire perk, met zijn rijen gesneuvelde soldaten overvalt mij weer de waanzin van oorlogen. Vandaar gaat het richting uitgang langs het kasteel. Renovatie op komst, lees ik er. Zou het écht gaan gebeuren want bij ieder bezoek zie ik de staat waarin het verkeert verslechten. Duimen omhoog dus. Dit hoopgevend bericht maakte mijn dag nog mooier.

Mieke Versées

Onbekend is onbemind


De begraafplaatsen in Wilrijk zijn voor mij onbekend terrein. In het A-blad las ik dat er een brochure verscheen, te koop in het disctrictshuis. Helaas sta ik voor gesloten deuren. Dan maar op stap zonder info.
Ik ervaar de oude begraafplaats als een oase van rust De vele bomen geven het een intiem karakter. In het gras zie ik sporen van geruimde graven. Het verval is zichtbaar. Toch worden sommige overledenen nog herdacht en staat er een bloemetje op het graf, worden zerken gepoetst. Enkele imposante monumenten vallen op maar de teksten zijn moeilijk leesbaar of soms helemaal verdwenen. Ik ontdek het grafzerk van burgemeester De Groof. Een eerbetoon op deze dagen zou mooi zijn, denk ik.  Iets verderop trekt een Mariabeeld mijn aandacht. De stèle vermeldt: “Congregation Notre Dame de Sion”, een mysterie voor mij.
Verderop ligt de begraafplaats Steytelinck. Het is er druk en het contrast met de intimiteit van de oude begraafplaats groot.  Een imposant monument voor de oorlogsslachtoffers trekt alle aandacht naar zich toe. Ik weet niet of hier grote namen begraven liggen, waarschijnlijk wel. Ik snuif dan maar de sfeer op en ontdek deze mooie tekst op een grafzerk:
“THE PRESENCE OF HER ABSENCE IS EVERYWHERE” , een doordenkertje. Met deze gedachte zit mijn korte bezoek erop.
Terugkeren met een brochure lijkt me aangewezen.

Mieke Versées

Mijn doden


Ze schuifelen door mijn alledaagse leven
Zij schuilen
in een woord
een lied
een gebaar
een recept
 
Ze toveren een glimlach op mijn gezicht
Soms trilt er een traan in mijn oog
 
Ik vind het fijn dat ze langskomen
Samen duiken we in onze herinneringen
 
Mijn doden,
Met velen zijn ze ondertussen
maar

zij wonen voor altijd in mijn hart


Mieke Versées

Allerzielen Naar, ondertussen, jaarlijkse gewoonte, staat ons lid Louis Van Dyck stil rond Allerzielen en deelt met ons enkele herinneringen


In 1945 brak een tyfusepidemie uit in het kamp Bergen – Belsen waar onder andere Anne Franck gevangen zat. Jenny Brilleslijper, een medegevangene, vertelt: “Anne kwam bij mij om troost. Ze was helemaal naakt en had als bescherming een deken om haar heen. Ik beloofde de volgende dag bij haar langs te komen. Zelf ziek zijnde ging ik pas twee dagen later. Toen was Anne samen met haar zus Margot reeds overleden. Waarschijnlijk liggen hun lichamen in één van de massagraven”. De foto toont dus enkel een herinneringsplaat, later in het kamp geplaatst.
Foto’s: Louis Van Dyck

Vzw Grafzerkje staat in de belangstelling bij “Hautekiet”


Tamara had via een oproep gehoord dat het programma “Hautekiet” van Jan Hautekiet op maandag 31 oktober live uitzond vanuit het crematorium van Wilrijk en bood haar diensten aan om iets te komen vertellen over vzw Grafzerkje. Jacques en Tamara moesten bang afwachten of er plek was in het programma maar iets vóór 10 uur kwamen we aan bod.  Jan Hautekiet en Tamara en Jacques poseerden voor fotografe Maria. Nadien konden we nog voor een dertigtal genodigden een korte rondleiding maken langs het ereperk en langs het kunstenaarsereperk.
Jacques ging langs bij burgemeester Leopold De Wael, schrijver Gerard Walschap ; burgemeester Jan Van Rijswijck; de liberale voorman Louis Franck dichter August Van Cauwelaert en bij de laatste rustplaats voor Paul van Ostaijen
Tamara passeerde bij burgemeester Leopold De Wael; Ferre Grignard; zij stond stil bij het, nieuwe, graf van dichter Herman De Coninck; Jef Nys; Hubert Lampo; Paul van Ostaijen en bij schrijver Willem Elsschot. De deelnemers waren enthousiast en onze vzw Grafzerkje zorgde alzo alweer voor reclame voor de vzw Grafzerkje op het Vlaamse Père Lachaise.
Wil je het fragment herbeluisteren kan dat via “Hautekiet” onder “herbeluisteren” en wil je niet de gehele uitzending horen: Tamara en Jacques vertellen u wat over vzw Grafzerkje na 50 minuten uitzending!
 
Jacques Buermans, foto’s: Maria Nuyts.

Urnenveld ingehuldigd op de begraafplaats Ruggeveld Deurne Tijdens de nocturne op de begraafplaats Ruggeveld werd, na Schoonselhof en Berendrecht, het derde urnenveld ingehuldigd.


Eerste spreker was Freddy Lorent, districtsschepen én lid van onze vzw Grafzerkje. In zijn, onhoorbare toespraak wegens een falende geluidsinstallatie, had hij het over de gewijzigde mogelijkheden van teraardebestelling. Vroeger was er enkel het begraven in volle grond en vervolgens is er de crematie bijgekomen met als mogelijkheid van as uitstrooien op een strooiweide of het plaatsen van de urne in een columbariumnis, bijzetten in een urnenveld of zelfs meenemen naar huis toe. Vanaf heden kunnen zij die dit wensen hun as laten begraven in een biologisch afbreekbare urne in dit urnenbos. Hiermee hebben wij een begraaftechniek waarbij de cirkel rond is en waarbij je terug één kan worden met moeder de natuur.
Na hem kwam voormalig stadsdichter Stijn Vrancken. Van zijn gebrabbel heb ik spijtig genoeg niets kunnen opvangen maar hij bleek, naast een gedicht, ook de “structuur” gemaakt te hebben die het urnenbos siert. Het “spul” noemt “Sprakeloos lied!”. Ik werd er echt sprakeloos van.
Daarna was het aan  schepen Philippe Heylen. Hij begon zijn toespraak met “Sterven is iets wat mensen niet graag doen!”. Weinig mensen zijn bezig met hun dood tijdens hun leven. Daarom zet de stad Antwerpen in op “naburgering” waarbij men vraagt aan mensen om reeds tijdens hun leven na te denken over wat er na hun dood moet gebeuren. Schepen Heylen brak ook een lans  om meer eerbied te betonen voor oude grafmonumenten en hen een tweede leven te geven door verlopen grafconcessies in bruikleen te nemen. Ten slotte zegde de schepen dat hier op Ruggeveld de mogelijkheid gegeven wordt om een biologisch afbreekbare asurne aan de natuur toe te vertrouwen. Hij pleitte er voor dat de “structuur” die het urnenveld siert naast een herkenningspunt ook een plek wordt om afscheid te nemen van hun dierbaren die ze toevertrouwden aan de natuur.
Nadien poseerden Freddy Lorent, Philippe Heylen en Stijn Vrancken rond de “structuur”.


Jacques Buermans, foto’s: Maria Nuyts.

Kinderrondleidingen: een schot in de roos


Kinderrondleiding voor de allerkleinsten

Het was de voorbije dagen wat afwachten want de inschrijvingen voor de kinderrondleidingen in het kader van de Antwerpse Week van de Begraafplaatsen in Antwerpen verliepen wat trager dan bij de andere rondleidingen. Maar dat werd vanmorgen om tien uur ruimschoots goedgemaakt! In gezelschap van mama’s en papa’s, maar ook grootouders kwam een mooi groepje ukjes tussen 4 en 6 jaar toe aan de hoofdingang.
Het werd een interactieve zoektocht waar jong en oud bijzonder van genoten onder een stralende herfstzon. Na het voorziene uurtje besloten de kinderen samen om het bezoek zelfs nog een beetje langer te laten duren!
Stops werden voorzien bij het graf van Peter Benoit , bij de pleureuse  bij Adolf Dumont, bij een prachtige hulststruik  die de kinderen wees op al het natuurschoon, bij het graf van schepen van onderwijs Evarist Allewaert en zelfs dat van Hendrik Conscience.
Bij de laatste stop vertelde gids Tamara Ingels een kort verhaaltje over een vriendelijk maar droevig kasteelspookje. Eén van de kindjes merkte op dat het spookje misschien droevig was omdat het mooie kasteel er momenteel wel wat verwaarloosd uitziet. Met z’n allen besloten ze dat het spookje zeker weer gelukkig zou kunnen zijn als het kasteel ooit weer helemaal zou schitteren, net zoals deze prachtige begraafplaats.
Na een hele fijne rondleiding van maar liefst 1.5u gingen zowel de deelnemers als de gids dolgelukkig naar huis!
En leuk om weten: een meisje van 9 dat vanmorgen toevallig deelnam kwam in de namiddag nog eens terug om de rondleiding voor kinderen van 7-12 jaar te volgen met even veel plezier. Eén ding is zeker: op de passie voor funerair erfgoed staat vanaf nu echt geen leeftijd meer!
Foto’s: Tessa Aerts.

Het Schoonselhof voor kinderen tussen zeven en twaalf jaar

Vandaag ga ik op stap met Tamara die een rondleiding organiseert voor kinderen van 7 tot 12 jaar.
Onder de treurbeuk serveert zij een stukje geschiedenis over het ontstaan van deze begraafplaats. Daarna kiezen de kinderen foto’s en teksten (612) die hen aanspreken EN het graf van Jef Nys vinden is een must. Het wordt een interessante wandeling. De kinderen zijn zeer opmerkzaam én nieuwsgierig.
Tamara geeft antwoord op :
“ Waarom is het nu zo druk?”
“Waarom zijn er graven kapot?”
“ Waarom was de familie Pecher zo rijk?” en
“ Er is pas iemand bij begraven.”
“Waarom liggen hier stenen in het grasperk?”
“Waarom staat er een plakkaatje termijn verloopt?”
Ondertussen zoeken de kinderen ook het bijbehorende graf of symbool voor hun foto  of tekst.
“Hij rust in vrede” past overal bij vinden ze. Het beeld van Het graf van Lux-Fierens is griezelig. Een ontdekking zijn de fossielen in de grafsteen. Ook ik leer bij. Jan Cox ligt met een ei of een patat in twee op zijn grafzerk. Bij Ferre Grignard klinkt het “ Drunken sailor” en bij Bob Davidse: “ Vrolijke vrienden”. En dan eindelijk , het graf van Jef Nys! “ Het paradijseiland” blijkt de favoriete strip. Bij De Wael schalt luid de verdwenen bazuin en bij Van Ostaijen BOEMT het uit volle borst. Nog even een omgekeerde fakkel zoeken, een herfstblad oprapen als aandenken en dan eindigt deze actieve rondleiding terug onder de treurbeuk. “De cirkel is rond” besluit Tamara, een fantastische gids.
Tamara geeft antwoord op :
“ Waarom is het nu zo druk?”
“Waarom zijn er graven kapot?”
“ Waarom was de familie Pecher zo rijk?” en
“ Er is pas iemand bij begraven.”
“Waarom liggen hier stenen in het grasperk?”
“Waarom staat er een plakkaatje termijn verloopt?”
Ondertussen zoeken de kinderen ook het bijbehorende graf of symbool voor hun foto of tekst.

Ondertussen zoeken de kinderen ook het bijbehorende graf of symbool voor hun foto of tekst.
“Hij rust in vrede” past overal bij vinden ze. Het beeld van Het graf van Lux-Fierens is griezelig. Een ontdekking zijn de fossielen in de grafsteen. Ook ik leer bij. Jan Cox ligt met een ei of een patat in twee op zijn grafzerk. Bij Ferre Grignard klinkt het “ Drunken sailor” en bij Bob Davidse: “ Vrolijke vrienden”. En dan eindelijk , het graf van Jef Nys!  “ Het paradijseiland” blijkt de favoriete strip. Bij De Wael schalt luid de verdwenen bazuin en bij Van Ostaijen BOEMT het uit volle borst. Nog even een omgekeerde fakkel zoeken, een herfstblad oprapen als aandenken en dan eindigt deze actieve rondleiding terug onder de treurbeuk. “De cirkel is rond” besluit Tamara, een fantastische gids.
 
Op terugweg naar huis vraag ik me af of dit niet een idee is voor het Grafzerkje, een doe wandeling voor de leden. Ik genoot alvast ondanks de kou, die de kinderen uiteraard niet voelde.

 
Mieke Versées. Foto’s Mieke Versées.

Week van de Begraafplaatsen in Antwerpen succesvolle finale


ondagmorgen tien uur. Bijna 50 deelnemers voor de rondleiding “Beroemd Antwerpen” op Schoonselhof. Gidsen van dienst Tamara Ingels en Jacques Buermans beiden bestuursleden van vzw Grafzerkje. Ik diende een keuze te maken en volgde het begin van de rondleiding van Jacques. Hij stond stil bij het tragische einde van Maria ’s Heeren  die omkwam in de lichtstoet van 1902. Natuurlijk kwam Peter Benoit , de man van de grote orkestwerken, aan de beurt. Nieuw voor mij was een passage bij Pieter Dens waar Jacques wees op het verschil in symboliek tussen het eerder gepasseerde graf van een vrijmetselaar (passer en winkelhaak) en de symbolen eigen aan een architect (passer, winkelhaak, meetlat en schietlood). De er soms nog gerestaureerd wordt bleek uit het graf voor Evert Larock  waar de mensen van Levanto prachtig werk leverden. Bij Jan Van Rijswijck zijn er altijd een aantal uit de groep die denken dat dit de burgemeester van Antwerpen is maar onze gids vertelde dat het de vader van de burgemeester betrof. Natuurlijk moet er bij “beroemd Antwerpen” langs het graf voor Hendrik Conscience  stilgestaan worden.
Bij het zeer eenvoudige stadsmonument voor schilder Henri Leys  maakte ik de overstap naar Tamara Ingels. Via het monumentale graf voor burgemeester Leopold De Wael betrad Tamara het ereperk. “dat mensen dat ’t welga” lazen we op de laatste rustplaats voor schrijver Gerard Walschap. Dichter Paul Van Ostaijen en schrijver Willem Elsschot liggen pal over mekaar. Vandaar ging ze naar de kunstenaars waar het graf voor Julien Schoenaerts heel wat bijval oogstte. Ook het nieuwe graf voor schrijver Herman De Coninck  droeg de goedkeuring van de deelnemers weg. Via de “wereldbekende” Ferre Grignard werd het kunstenaarsereperk verlaten.
Tamara trok nog naar het kasteel waar ze de geschiedenis van het domein Schoonselhof vertelde. Op het eind van de rondleiding begroetten beide gidsen mekaar zeer hartelijk. Het klikt duidelijk goed tussen die twee.

Marc De Meyer, foto’s Marc De Meyer.

Paul van Ostaijen opgeknapt door Levanto


ind juli begonnen de mensen van Levanto met de ontmanteling van het grafmonument voor Paul van Ostaijen. De sokkel was door de jaren heen versleten . In een latere fase werd een nieuwe sokkel gemetst. Nadien werd het wit geschilders. Ten slotte werden er rondom het graf plantjes gezet. Ik had nog zelden zo’n “piereverdriet” gezien. Het was echt triestig om zien. Gelukkig heeft men dit ook nog tijdig ingezien en werd een talud met lavasteentjes gebouwd. Stukken beter!
Woensdag 9 november vond de onthulling plaats van het gerestaureerde grafmonument op het ereperk van de begraafplaats. De niet zo talrijke genodigden werden letterlijk “uitgerookt” door de stad Antwerpen. Men had het, goedbedoelde, idee opgevat om met vuurkorven de toeschouwers te verwarmen maar veel warmte gaven die dingen niet. Alleen verspreiden ze een gigantische rook. Uren later stonk al mijn kleding nog naar die rook. Soit. In zijn openingswoord stelde schepen Philip Heylen dat schrijvers en dichters tot in de eeuwigheid voortleven in hun oeuvre. Wat het grafmonument zelf betrof wees de schepen er op dat de funderingen hersteld werden, dat het monument de “luisterende engel van beeldhouwer Oscar Jespers licht gereinigd werd en met een beschermende laag bedekt werd. In het Paul Van Ostaijengenootschap vond de stad iemand die de nazorg op zich nam. Dichter en gids Jean Emile Driessens citeerde uit “Music-Hall” van Van Ostaijen. Peter Holvoet-Hanssen droeg voor uit eigen werk. Nadien werd iedereen uitgenodigd op het kasteel voor een voortreffelijke receptie georganiseerd door de stad Antwerpen.
Daar volgde de officiële overdracht van het peterschap.
Schepen Heylen vertelde een persoonlijk verhaal. Zijn stiefgrootvader vertoefde in de kringen van Van Ostaijen en van Jespers. Vandaar dat hij waarschijnlijk nog correspondentie en documenten heeft die met Van Ostaijen te maken hebben. Omdat Heylen geen kinderen heeft wil hij die erfenis graag schenken aan het Van Ostaijengenootschap dat nu opgericht was. Ze zouden dus binnenkort, naast een peterschap, ook nog een lading documenten hebben om zich door te wurmen.
 
Jacques Buermans.
 
Foto’s: Maria Nuyts en Leen Otte.

Ghosttown Cemetery


Tijdens onze rondreizen doorheen de Amerikaanse staten komen we wel eens bijzondere plekken tegen, waaronder Terlingua Cemetery in New Mexico. Begin 1900 ontstaan door de mijnbouw en evensnel verlaten door een griepepidemie in 1918.
Enfin, verlaten is een groot woord… Deze plekken worden meestal herontdekt door artiesten, oude hippies en gepensioneerde militairen waardoor er toch een speciaal sfeertje gecreëerd wordt.
De avond voor ons bezoek, tijdens het uitstippelen van onze route van de volgende dag, ontdekten we toevallig Terlingua op het internet. We boekten een motel op enkele kilometers vandaan en gingen ’s avonds bij aankomst al eens op verkenning. De plaatselijke winkel bleek ook dienst te doen als café en restaurant waar zelfs een optreden van een plaatselijke - niet zo toonvaste - countryzangeres, te beluisteren viel.
Het eten was goed, de ambiance zelfs nog beter! Regelmatig hoorden we richting bar ’YYIHAA!!’ roepen, gevolgd door een opgestoken pint met veel schuim.
Buiten op het terras zat de sfeer er ook goed in - vooral omdat ik hen ervan verdenk stiekem een jointje te hebben gerookt. Een niet meer zo jonge dienster liep gezwind met de glazen rond en het was lang geleden dat we nog zoveel lange rondzwierende haren hadden gezien.
En we genoten van de ondergaande zon…
’s Anderendaags stonden we aan de poort van een, naar onze normen, toch wel grappige begraafplaats.
De eerste graven zijn uiteraard de mooiste en hoe jonger de graven, des te ludieker… Het was zeer duidelijk waarmee de huidige bewoners zich tijdens hun aardse leven hoofdzakelijk mee bezighielden.
Jawel, niet met werken maar met het nuttigen van drank!
Op 2 november of Allerzielen, beter bekend als the Day of the Dead, wordt er traditioneel het respect naar de overledenen betuigd en eigenlijk zou ik op die dag graag een vlieg zijn want volgens mij moet het daar wreed plezant zijn!
 
Lin Verbeemen

Silsburg V-bommen slachtoffers


Op 11 november 2016 werd op de Borgerhoutse Silsburg begraafplaats (gelegen op grondgebied Deurne) de onthulling gedaan van de gedenkstenen voor de slachtoffers van de V-bommen inslagen in Borgerhout en waar 286 inwoners van Borgerhout de dood vonden. Buiten deze doden werden nog 407 zwaar gewond en 740 licht gewond. 79 woningen werden totaal vernield, 237 woningen moesten gesloopt worden en 244 moesten gedeeltelijk gesloopt worden. Voor de gemeente Borgerhout was dit een zware slag als men neemt dat er 32 bommen in de gemeente vielen.
Daar voor de Nazi’s en uiteraard ook voor de geallieerden de haven van Antwerpen in 1944 enorm belangrijk was daar de invoer van militaire goederen onontbeerlijk was voor de geallieerden. Besloot Hitler om met de V-bommen zowel Londen als Antwerpen te bestoken.
Er werden meer bommen naar Londen geschoten +/-  16000  waarmee een 6000 Londenaars de dood vonden. De bommen naar Antwerpen werden afgeschoten de eerste op 13 oktober 1944 en de laatste op 28 maart 1945. Zowel de V1 (vliegtuig type) met een springlading van 900 kg als de V2 (raket) met een springlading van 970 kg konden maar in de richting van het doel geschoten worden. In totaal werden 8696 V1 bommen naar Antwerpen gezonden waarvan er, en dit is een schatting, tussen de 4883 en 5442 de omgeving van Antwerpen troffen. Er werden ook 1610 V2 bommen naar Antwerpen geschoten en daar deze bommen niet konden ontdekt worden tijdens hun vlucht, konden die ook niet door de luchtafweer afgeschoten worden.

Edgard Maes.

Foto’s: Edgard Maes.

Grafmonument Liefdevol afscheid nemen door een innige omhelzing


Analiserend komt het afgebroken familieleven te voorschijn onder de vorm van:
Links de omhelsde vrouw ,waarvan rechts de man van haar afscheid neemt,met op zijn rug drie symbolen die de drie kinderen voorstellen.
uitgevoerd in steen/Brouvelliers H90cm X B60cm X D20cm

[email protected]

www.vanleeuwjef.be